Belanghebbende (recht)

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

In het Nederlandse bestuursrecht staat de belanghebbende centraal, omdat alleen de belanghebbende op kan komen tegen besluiten van bestuursorganen. Dit belang moet een eigen, objectief, actueel en persoonlijk of individueel belang zijn. Een belanghebbende in de zin van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) kan een rechtspersoon, een natuurlijk persoon, maar ook een andere entiteit (bijvoorbeeld een maatschap) zijn. Volgens art. 1:2 lid 3 Awb kunnen ook rechtspersonen die niet een direct belang hebben bezwaar maken. Hiervoor moet het opkomen tegen bepaalde besluiten voortkomen uit het doel van de rechtspersoon, die voortkomt uit de statuten van de rechtspersoon en die moet blijken uit de feitelijke werkzaamheden van de rechtspersoon. Dit is bijvoorbeeld als er een stichting ter bescherming van een bepaalde heel oude beuk opkomt tegen een kapvergunning van die beuk.

Ook het burgerlijk recht kent het begrip belanghebbende. Het speelt een belangrijke rol in het personen- en familierecht.

[bewerken] Belangvereisten

Voor het aannemen van belanghebbende moet voldaan zijn aan 4 vereisten.[1]

  • Eigen belang

Een persoon (of entiteit) die zich zomaar meldt als belanghebbende, terwijl zijn belang niet in het geding is maar die van een ander, is geen belanghebbende. Het moet gaan om een eigen belang; niet die van een ander.

  • Objectief bepaalbaar belang

Een subjectief element (denk aan smaak, eer of psychische gesteldheid - hoe sterk deze ook mogen zijn), leidt niet tot belanghebbende.

  • Actueel belang

Het belang moet actueel zijn, dus niet gericht op de toekomst. Als een persoon verwacht te verhuizen naar een plek, en op die plek wordt dichtbij een huis gebouwd, dan kan die persoon zich niet melden als belanghebbende. Er is sprake van een toekomstige, onzekere situatie die niet leidt tot belanghebbende.

  • Persoonlijk of individueel belang

Een persoon moet zich kunnen onderscheiden van anderen. Die persoon moet aannemelijk maken dat zijn belang in het geding is, zodat hij zich onderscheid van niet-belanghebbende. Een voorbeeld van persoonlijk of individueel belang is als sprake is van een beschikking. Een persoon met een beschikking onderscheidt zich van een persoon zonder beschikking.

Er wordt ook wel gesproken over de OPERA-criteria:

  • Objectief: Je niet laten beïnvloeden door eigen gevoel of door vooroordelen.
  • Persoonlijk: als de gevolgen van het besluit voor de persoon in kwestie in relevante mate anders uitwerken dan voor anderen in het algemeen. Voorbeeld: bij een kapvergunning van een boom moet men voldoen aan het zicht en nabijheidscriterium.
  • Eigenbelang: het moet gaan om je eigen belang en niet van een ander!
  • Rechtstreeks: er moet voldoende causaal verband aanwezig zijn tussen de gevolgen van het besluit en het geraakte belang.
  • Actueel: het belang bij het te nemen besluit dient al daadwerkelijk te bestaan en niet een toekomstig of nog onzeker belang te zijn.

Bij het begrip belanghebbende maken we onderscheid tussen een eigen belang, een persoonlijk belang, een actueel belang, een concreet belang (objectief belang) en een direct geraakt belang (art. 1:2 Awb.jo 3:8 Awb, Direct geraakt belang = het moet echt de geadresseerde van het besluit zijn, die het betreft en er mag dus geen ander besluit of andere overeenkomst tussen zitten).

  • Natuurlijke personen en bedrijven zonder rechtspersoonlijkheid (bijvoorbeeld eenmanszaken) moeten aan alle vijf vormen van belang voldoen, om als belanghebbende bij een besluit te kunnen worden beschouwd.
  • Rechtspersonen die slechts opkomen voor een eigen belang, hoeven slechts te voldoen aan de eisen van concreet en direct belang.

Rechtspersonen die volgens de statuten een algemeen belang dienen, bezitten dit algemeen belang als hun eigen en persoonlijk belang (art. 1:2 lid 3 Awb.) en moeten verder nog een concreet en direct geraakt belang hebben.

  • Rechtspersonen die opkomen voor een collectief belang van hun leden, bezitten dit collectief belang als hun eigen en persoonlijk belang (art. 1:2 lid 3 Awb.) en moeten verder nog een concreet en direct geraakt belang hebben.
  • Voor bestuursorganen geldt, dat de hun toevertrouwde belangen als hun eigen en persoonlijk belang gelden (art. 1:2 lid 2 Awb.) en ze moeten verder nog een concreet en direct geraakt belang hebben.


Opmerking: In artikel 8:1 Awb staat dat een belanghebbende tegen een besluit beroep kan instellen. Voor het begrip belanghebbende moet niet alleen gekeken worden naar de belanghebbende als bedoeld in art. 1:2 Awb. De belanghebbende dient een procesbelang te hebben.


Referenties
  1. R.J.N. Schlössels, S.E. Zijlstra, bestuursrecht in de sociale rechtsstaat, Kluwer: Deventer 2010. In het bijzonder: Hoofdstuk 4.
Persoonlijke instellingen
Naamruimten

Varianten
Handelingen
Navigatie
Informatie
Hulpmiddelen
Afdrukken/exporteren
In andere talen