Belegering van Antwerpen
| Belegering van Antwerpen | ||||
| Onderdeel van de Eerste Wereldoorlog | ||||
Geallieerde terugtocht |
||||
| Datum | 28 september tot 10 oktober 1914 | |||
| Locatie | Antwerpen, België | |||
| Resultaat | Duitse Leger neemt Antwerpen in | |||
| Strijdende partijen | ||||
|
|
||||
| Commandanten | ||||
|
||||
| Troepensterkte | ||||
|
||||
De Belegering van Antwerpen vond plaats tijdens de Eerste Wereldoorlog toen het Duitse leger de stad belegerde in zijn opmars door België.
De belegering [bewerken]
Het Duitse leger viel Antwerpen aan op 28 september, waar bij vele buitenste ring forten werden veroverd, inclusief Fort Catharine. Op 1 oktober stuurde de Belgische regering een telegram naar de Britse regering dat het Belgische leger zich zou terugtrekken uit Antwerpen in drie dagen. De Britten, die slecht geïnformeerd waren over de schade toegebracht door het zware Duitse geschut, stuurden First Lord of the Admiralty Winston Churchill om de situatie te inspecteren. Hij stuurde een telegram terug dat er versterkingen moesten worden gestuurd en dan de stad te ontzetten. In de nacht van 3 oktober arriveerde een brigade van Britse mariniers de eerste van een marine divisie die de verdedigers kwamen versterken. Dit was een grote opsteker voor de Belgische moraal. De marine divisie bestond echter grotendeels uit ongetrainde rekruten.
5 oktober was een cruciale dag tijdens de belegering; De Duitse troepen braken door de Belgische verdediging bij de stad Lier, 20 kilometer van Antwerpen in het zuidoosten en trokken naar Dendermonde (ten zuiden van Antwerpen) waar het probeerde de Schelde over te steken. Deze actie van het Duitse leger vormde een bedreiging voor het Belgische leger om in westelijke richting vanuit Antwerpen terug te trekken, ook de oostelijke en zuidelijke ontsnappingsroutes werden geblokt door Duitse troepen en in het noorden werd de ontsnapping geblokkeerd door de gesloten Belgisch-Nederlandse grens. De Nederlanders boden geen enkele militaire assistentie, om niet bij het conflict betrokken te raken. Nederland bleef liever neutraal.
Het Belgische leger verliet de stad voor ze konden worden ingesloten. De Belgische troepen vluchtten westwaarts richting de kust op 6 oktober om uiteindelijk de Duitse opmars tot staande te brengen in de Slag om de IJzer. De stad Antwerpen werd nu nog verdedigd door achtergebleven fort garnizoenen. De meeste van deze troepen waren achtergelaten door hun officieren en vele soldaten deserteerden en vernietigden hun wapens en munitie.
De burgemeester van Antwerpen, Jan De Vos, bood op 10 oktober de capitulatie van de stad aan en zo werd de belegering beëindigd. De stad zou tot 1918 in Duitse handen blijven.
Vluchtelingen [bewerken]
Een derde van het Belgische leger, zo'n 40.000 soldaten, vluchtte naar het noorden richting Nederland, gevolgd door burgervluchtelingen in 1914. Nederland ving de Belgische vluchteling zo ver als mogelijk was van de Belgische grens op in kampen, bang om bij het conflict betrokken te raken. Vele vluchtelingen bleven na 1918 in Nederland wonen en keerden nooit terug naar België.
Externe links [bewerken]
| Veldslagen aan het Westfront |
|---|
|
Luik · Halen · Grenzen · 1ste Marne · Antwerpen · Race naar de Zee · 1ste Ieper · Neuve Chapelle · 2de Ieper · 2de Artois · Heuvel 70 · 3de Artois · Loos · Verdun · Hulluch · Mont Sorrel · Somme · Arras · Vimy · 2de Aisne · Mesen · 3de Ieper · Cambrai · Lenteoffensief · 4de Ieper · 3de Aisne · Belleau bos · 2de Marne · Château-Thierry · Hamel · Honderddagenoffensief |