Belgicisme (politiek)

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Vlag van het belgicisme, een Brabantse leeuw met een gele en rode omranding

Het belgicisme, meestal gebruikt als synoniem voor unitarisme, is een politieke opvatting die de Belgische politieke en economische eenheid vooropzet. Het woord werd aanvankelijk meestal door tegenstanders geringschattend gebruikt als benaming voor een opvatting die het Vlaamse, Waalse en Duitstalige streven naar grotere autonomie wil afwijzen of intomen en een federale organisatie tegenwerkt.

Federaal unionisme[bewerken]

Er dient een duidelijk onderscheid te worden gemaakt tussen twee groepen. Enerzijds zijn er diegenen die een federale staat voorstaan, waar de studie- en drukkingsgroepen Coudenberg en B Plus bij behoren, evenals de politieke partij Belgische Alliantie. Deze groepen kunnen eigenlijk niet als 'unitaristen' of 'belgicisten' worden beschouwd. Anderzijds zijn er diegenen die voorstanders zijn van een zuiver unitair België, zoals het voor 1970 was. De politieke partij BUB behoort hiertoe.

Tot de eerste groepen behoren mandatarissen, ook in Vlaamse partijen, die zich achter de ideeën van B-Plus scharen, zoals onder meer Freddy Willockx (sp.a), Herman De Croo (Open Vld), Mark Eyskens en (Wilfried Martens) (CD&V) en Ludo Dierickx (Groen en sp.a), Pierre Chevalier (Open Vld) en Willy Claes (sp.a).

In de media en de academische wereld bevinden zich veel voorstanders van hetzij het unionistisch federalisme, hetzij (in veel geringer aantal) het unitarisme, zoals de academici André De Coster, Kris De Schouwer, Dave Sinardet, Marc Hooghe, Petra Meier, Koen Raes, Antoon Vandevelde, Stefaan Walgraeve en de journalisten zoals Luc Van Der Kelen, Marc Reynebeau, Mia Doornaert, Bart Brinckman, Paul Goossens, Walter Zinzen, Geert Van Istendael, Yves Desmet, Peter Vandermeersch en Anni Van Landeghem.

Ook groepen en instellingen zoals de vakbonden, de ziekenkassen, beroepsorganisaties, denktanks zoals G1000 en Itinera Institute hebben een unitaristische of federaal unionistische voorkeur.

Radikaal Unitarisme[bewerken]

Het radicale belgicisme wil het behoud van een onvoorwaardelijke eenheid tussen de Belgen, en het terugdraaien of afschaffen van de Vlaamse, Duitstalige en Waals-Franse autonomie. Voor deze belgicisten moeten de gewesten en gemeenschappen opnieuw bevoegdheden afstaan aan de federale staat (herfederaliseren), of bij voorkeur gewoon worden afgeschaft. De indeling in taalgebieden en de taalwetgeving in België blijven bestaan, alhoewel zij ook gemakkelijker voor een uitbreiding van de tweetaligheid zullen pleiten.

In het institutionele debat in België staat het belgicisme in zijn radicaal-unitaristische vorm, zowel tegenover de Vlaamse Beweging (confederalisten en separatisten), als tegenover het Franstalig-nationalistisch Brusselse FDF, het Waalse autonomiestreven en het Franse rattachisme.

Het belgicisme is eveneens tegen het streven van de Duitstaligen (waaronder Karl-Heinz Lambertz, de minister-president van de Duitstalige Gemeenschap van België naar meer regionale autonomie voor de Duitstaligen.

Het belgicisme waarschuwt voor een verder uiteenvallen van de fiscale, financiële en sociale eenheid binnen de Belgische staat. De federalisten zijn het er mee eens dat de gewesten worden behouden als afzonderlijke bestuursniveaus. Echte belgicisten verkiezen de provincies sterker naar voren te schuiven.

Het belgicisme relativeert de bestaande communautaire problemen (tussen de Franstaligen en Nederlandstaligen) in hoge mate. Niet zelden worden ze zelfs ontkend. Het stelt anderzijds wel een gedragscode in de vorm van een taalhoffelijkheidsakkoord voorop, waardoor iedere Belg volwaardig aan het institutionele en/of maatschappelijke leven zou moeten kunnen deelnemen.

Noch de Coudenberggroep, noch B Plus namen ooit deel aan verkiezingen en hebben ook niet de intentie dit te doen.

Pogingen om electoraal door te breken leverden aan unitaristische partijen weinig successen op. Partijen zoals de BUB en haar voorgangers presenteerden zich bij gemeenteraadsverkiezingen (EDB). De BUB en de Belgische Alliantie namen aan wetgevende verkiezingen deel, maar bleven, met maximaal 0,2% van de stemmen, marginale partijen.

Gelet op de eerder pejoratieve bijklank van het woord 'belgicisme', laten politici en andere deelnemers aan het publieke debat zich eerder voorstaan op de naam 'unionisme' of 'federaal unionisme', aangezien de meesten onder hen het federale feit niet ontkennen, maar het binnen de Belgische eenheid willen tot ontplooiing brengen. Ze willen de bevoegdheden van de gewesten en gemeenschappen hoogstens behouden, soms liever verminderen.

Paviagroep[bewerken]

Een aantal academici, behorende tot alle Belgische universiteiten, streven onder de naam Paviagroep naar een uitdiepen van de federale gedachte en steunen onder meer de idee van federale kieskringen voor de federale verkiezingen. Ze worden voornamelijk geleid door de professoren Kris Deschouwer (VUB) en Philippe Van Parijs (UCL).

Front National[bewerken]

Het extreemrechtse Front National, dat tevergeefs enkele pogingen deed om ook in Vlaanderen door te breken, hangt het Belgisch unitarisme aan. De partij speelt geen rol in het land.

Zie ook[bewerken]