Benjamin Libet

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

Benjamin Libet (Chicago, 12 april 1916Davis, 23 juli 2007) was een Amerikaanse neurofysioloog die mondiale bekendheid verwierf met experimenten die de zogenaamde "bewustzijnsvertraging van een halve seconde" laten zien.

Biografie[bewerken]

Libet is geboren en opgegroeid in Chicago (Verenigde Staten) en ging daar naar de gelijknamige universiteit. In 1936 haalde hij daar een graad in de fysiologie, waarin hij in 1939 promoveerde. Van 1949 tot 1956 was hij hoogleraar fysiologie aan het UCSF. Hij was verbonden aan het departement fysiologie van de Universiteit van Californië in San Francisco.

Gereedheidspotentiaal[bewerken]

In de jaren zeventig begon Libet, verdergaand met waaraan Hans Kornhuber en Lüder Deecke waren begonnen, samen met neurochirurg Bertram Feinstein aan experimenten die aantoonden dat een halve seconde vóórdat een bewust besluit wordt genomen de hersenen deze al initieerden. Deze initiatie noemde hij Readiness Potential (Gereedheidspotentiaal). Deze motorische potentialen ontstaan in de secundaire motorische cortex en vormen een onderdeel van zogenaamde event-related potentials of ERPs. Zij worden afgeleid uit het elektro-encefalogram of EEG dat met speciale elektroden op de schedel wordt gemeten. Libet leidde daaruit in een latere studie [1] af dat de hersenen, met name de cortex, onbewust beginnen met een door een mens gewilde verrichting. Kortom: de hersenen nemen een besluit en een mens wordt een halve seconde daarna zich ervan bewust. Latere experimenten, uitgevoerd door andere wetenschappers, bevestigden Libets uitkomsten. Later formuleerde Libet[2] het zogenaamde "vetorecht" bij deelnemers die een geplande handeling op het laatste moment hadden afgestopt. Hij dacht daarmee, in ieder geval voor een deel, de vrije wil in ere hersteld te hebben. Dit suggereert dat hoewel het bewustzijn geen verrichtingen start, het op zijn minst kan bepalen of deze moeten worden verwezenlijkt. Dit noemde Libet zijn "vetotheorie".

De "libetklok": vanuit de 12-uurpositie beschrijft de stip steeds een hele omwenteling in 2.5 sec
De Readiness Potential en momenten van gerapporteerde intentionele en actuele beweging: de hersenactiviteit start 550 msec voor de actuele beweging. Ongeveer 350 msec later (200 msec vóór de actuele beweging) vindt de gerapporteerde intentie om te bewegen plaats

Aanpak[bewerken]

Het experiment van Libet zat in grote lijnen als volgt in elkaar. De proefpersoon zag voor zich op een soort oscilloscoop een punt bewegen, ongeveer zoals ook de secondewijzer van een klok beweegt. De opdracht luidde zo nu en dan wanneer het hem/haar uitkwam een spontane beweging te maken met de vinger van de rechterhand, zoals het indrukken van een knop. De positie van de stip werd tegelijk elektronisch gemeten. Tevens moest de proefpersoon aangeven op welk moment hij het eerst de aandrang voelde om te gaan reageren. Dit laatste gebeurde door de positie van de stip op dat moment te onthouden. Deze subjectieve schattingen bleek nu gemiddeld 300 milliseconden later te komen dan de vroegste hersenactiviteit die met behulp van de Readiness Potential van het EEG was gemeten. Omdat het moment waarop men zich de intentie tot handelen bewust wordt (ongeveer 200 milliseconden voor de handeling zelf plaatsvindt), blijft er dus nog wel tijd over om de handeling in het uitvoerstadium te controleren, bijvoorbeeld om deze af te breken of bij te stellen.

Bibliografie[bewerken]

  • The Volitional Brain: Towards a Neuroscience of Free Wil (1999) [Samen met Anthony Freeman en J.K.B. Sutherland]
  • Mind Time: The Temporal Factor in Consciousness (2004)
Bronnen, noten en/of referenties
  1. Libet B, Gleason CA, Wright EW, Pearl DK (1983) Time of consciousintention to act in relation to onset of cerebral activity (readiness-potential): the unconscious initiation of a freely voluntary act. Brain 106:623–642
  2. Libet, B. (1985). Unconscious cerebral initiative and the role of conscious will in voluntary action. Behavioral and Brain Sciences, 8, 529–566.