Bernard Davids

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

Aaron Barend (Bernard) Davids (Amsterdam, 28 augustus 1895 - Bergen-Belsen, 22 februari 1945) was een Nederlandse opperrabbijn.[1]

[bewerken] Leven en werk

Davids was een zoon van diamantslijper Nehem Davids en Rosa Dinner/Dünner. Hij was van moederszijde een kleinzoon van rector Joseph Hirsch Dünner. Hij trouwde met Erika Feuchtwang, zij kregen drie kinderen.

Davids studeerde in Amsterdam aan het Nederlands Israëlietisch Seminarium en behaalde daarnaast het kandidaatsexamen klassieke letteren aan de Universiteit van Amsterdam.[2] Nadat hij zijn moré-titel had behaald, studeerde hij nog enige tijd aan het Seminarium in Berlijn.

Davids werd in 1924 benoemd tot opperrabbijn van het synagogaal ressort Friesland. In 1927 stapte hij over naar Groningen, waar hij de jong overleden Abraham Asscher opvolgde. Op 6 april 1930 werd hij geïnstalleerd als opperrabbijn van het ressort Rotterdam.

Tijdens de Tweede Wereldoorlog weigerde Davids onder te duiken, hij wilde dicht bij zijn mensen blijven. Hij werd echter opgepakt en op 7 juni 1943 met zijn gezin overgebracht naar kamp Westerbork. Op 11 januari 1944 volgde een transport naar Bergen-Belsen. Hij overleed er een maand later op 49-jarige leeftijd.

Bronnen, noten en/of referenties
Voorganger:
Samuel Rudelsheim
Opperrabbijn van Friesland
1924 - 1927
Opvolger:
S.J.S. Hirsch a.i.
Voorganger:
Abraham Asscher
Opperrabbijn van Groningen
1927 - 1930
Opvolger:
Simon Dasberg
Voorganger:
Bernhard Ritter
Opperrabbijn van Rotterdam
1930 - 1945
Opvolger:
Lou Vorst
Persoonlijke instellingen
Naamruimten

Varianten
Handelingen
Navigatie
Informatie
Hulpmiddelen
Afdrukken/exporteren
In andere talen