Bezuinigen

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

Bezuinigen is het verminderen van uitgaven. De overheid, bedrijven, huishoudens en individuen kunnen bezuinigen.

In de politiek is het een maatregel die politici nemen omdat er een te grote staatsschuld of een te groot begrotingstekort zou zijn. Bezuinigingen leiden deels tot besparingen. Ministeries bezuinigen over het algemeen wanneer uitgaven de opbrengsten dreigen te overtreffen. De kredietcrisis heeft wereldwijd geleid tot bezuinigingen op grote schaal.

Bezuinigingen kennen echter (evenals lastenverzwaringen) een keerzijde. Wanneer de overheid bezuinigt hebben burgers en bedrijven ook minder inkomsten en zullen zij dus ook bezuinigen. Hierdoor lopen bestedingen terug en wordt economische groei afgeremd. Daarbij bestaat het risico dat men bezuinigt op uitgaven die achteraf nuttig blijken te zijn geweest, waardoor men alsnog nadeel ervaart. Men kan denken aan het ontslaan van een dure maar zeer productieve manager in een onderneming. De onderneming bespaart kosten, maar ziet na korte tijd zijn organisatie in het honderd lopen. Wanneer de overheid besluit een gevangenis niet te bouwen kampt men wellicht na enkele jaren met een cellentekort. En wanneer iemand zich niet meer op vakliteratuur abonneert, bestaat de kans dat er een achterstand in de kennis van de ontwikkeling in het beroep of de branche wordt opgelopen.

Voorbeelden van bezuinigen zijn:

  • Voor de overheid:
    • Versoberen van werkloosheidsuitkeringen door de hoogte of de duur te beperken, of de voorwaarden voor toetreding strenger te maken;
    • Versoberen of afschaffen van subsidieregelingen;
    • Het afgelasten of uitstellen van grote projecten, met name projecten met een consumptief karakter (gevangenis, defensie, prestigeprojecten);
    • Minder of geen nieuw personeel aannemen (vacaturestop);
    • Versobering van arbeidsvoorwaarden;
    • Het ontslaan van personeel.
  • Voor ondernemers:
    • Het verminderen of schrappen van niet noodzakelijke uitgaven (zakenreizen, dure opleidingen, auto's, dure vakliteratuurabonnementen);
    • Leningen met hogere rentepercentages versneld aflossen;
    • Het schrappen of beperken van bonussen en salarisverhogingen;
    • Minder of geen nieuw personeel aannemen (vacaturestop);
    • Het ontslaan van personeel;
    • Versobering van arbeidsvoorwaarden;
    • In extreme gevallen en op strenge voorwaarden is soms salarisverlaging mogelijk.
  • Voor huishoudens en individuen:
    • Het verminderen van consumptie.
      • Minder met vakantie gaan.
    • Meer moeite doen om de voordeligste aanbieder van een product te vinden, meer gebruik maken van korting, aanbiedingen, uitverkoop.
      • Leningen met hogere rentepercentages versneld aflossen.
    • Genoegen nemen met een goedkoper product (minder mogelijkheden, minder mooi/netjes, kleiner, bewerkelijker, minder lekker)
      • Op vakantie in plaats van naar een verre bestemming gaan dichter bij huis blijven, of naar een camping gaan in plaats van naar een hotel of appartement, of dagtochten maken in plaats van ergens overnachten.
      • Op vakantie en dagtochten eten en drinken in de supermarkt kopen in plaats van bij de horeca.
      • Lezen op internet en gebruik maken van de bibliotheek, in plaats kranten- en tijdschriftenabonnementen, en het kopen van boeken.
      • Een abonnement nemen in plaats van steeds apart te betalen, en zich dan aanpassen aan het abonnement (bijv. vooral in daluren reizen, vooral reizen waar het OV-abonnement geldig is, vooral naar musea gaan waar de Museumkaart geldig is, vooral naar bioscopen gaan waar je filmabonnement geldig is, en analoog voor schouwburg, dierenpark, pretpark, zwembad, sauna).
    • Minder weggeven aan goede doelen, familie en vrienden, bedelaars; minder fooi geven.

Alternatieven voor bezuinigingen door de overheid zijn het doen toenemen van inkomsten door lastenverzwaringen of door verkoop van staatseigendommen (privatisering). Soms is het onderscheid met een lastenverzwaring niet duidelijk. Wanneer bijvoorbeeld de onbelaste reiskostenvergoeding of hypotheekrenteaftrek wordt afgeschaft lijkt het voor de burger een bezuiniging omdat hij een bedrag of teruggave niet meer krijgt. In feite is het echter een belastingverhoging en daarmee een lastenverzwaring. Verder kan men ook het bekostigen van een grote uitgave met een lening niet als een bezuiniging zien, omdat men uiteindelijk meer geld kwijt is door de transactiekosten en rente. Een lening kost geld en verplaatst de uitgave slechts naar de toekomst.

Zie ook[bewerken]

Zoek dit woord op in WikiWoordenboek
Geplaatst op:
07-07-2010
Dit artikel is een beginnetje over economie. U wordt uitgenodigd op bewerken te klikken om uw kennis aan dit artikel toe te voegen. Bewerken