Biblia Hebraica Stuttgartensia

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

De Biblia Hebraica Stuttgartensia, of de BHS, is een uitgave van de grondtekst van de Hebreeuwse Bijbel op basis van de Codex Leningradensis B 19A, sinds 1966 gepubliceerd door de Deutsche Bibelgesellschaft (het Duitse Bijbelgenootschap) in Stuttgart. Ze is een voortzetting van de Biblia Hebraica (BHK) uit 1906 van de hebraïst Rudolf Kittel (1853–1929).

De Biblia Hebraica Stuttgartensia wordt door joden en christenen beschouwd als een betrouwbare bron van de Hebreeuwse en Aramese geschriften (dat wil zeggen het Oude Testament). Dit is de versie van de Hebreeuwse en Aramese grondtekst die anno 2005 het meest wordt gebruikt door wetenschappers.

Tekst en apparaat[bewerken]

De tekst is een exacte kopie (op een paar fouten na) van de Masoretische tekst zoals neergeslagen in de Codex van Leningrad. De enige opmerkelijke verschillen zijn dat de Kronieken, die in de Codex vóór de Psalmen staan, naar het eind verplaatst zijn, zoals in andere Hebreeuwse Bijbels. Het boek Job staat vóór Spreuken, zoals in de Codex en in tegenstelling tot in andere Hebreeuwse Bijbels.

In de marge staat een deel van de Masoretische kanttekeningen, de Masora Parva. Naar de Masora magna staan wel verwijzingen, maar dit zeer uitgebreide apparaat is niet mee afgedrukt. De Masora parva zijn gebaseerd op die in de Codex, maar zijn zwaar geredigeerd om ze consistenter en begrijpelijk te maken. Toch zijn er nog hele boeken geschreven om deze kanttekeningen uit te leggen. Sommige kanttekeningen zijn bijvoorbeeld gemarkeerd als Sub loco, wat wil zeggen dat er een probleem mee lijkt te zijn, vaak dat ze de tekst tegenspreken. De redacteurs hebben nooit een uitleg gepubliceerd van wat de problemen inhielden of hoe ze konden worden opgelost. Belangrijk zijn de ketieb/qere aantekeningen; waar de Masoreten een fout vermoedden pasten ze niet de medeklinkertekst aan, maar gaven met de klinkers aan, dat er iets anders moest worden gelezen:

  • In Ezechiël 14:14 bijvoorbeeld staat in het Hebreeuws Daneel, de Masoreten plaatsen daar een aantekening dat volgens hen Daniël gelezen moet worden.
  • Een bekende ketieb/qere is de heilige Naam van God. De medeklinkers JHWH worden voorzien van andere klinkers, opdat die bij het lezen niet zal worden uitgesproken, maar vervangen door Adonai, Here. In de BHS worden de klinkers van sjema, van de geloofsbelijdenis hiervoor gebruikt.

Met voetnoten worden mogelijke correcties op de Hebreeuwse tekst aangegeven. Sommige daarvan zijn gebaseerd op de Dode Zeerollen, hoewel die nog niet geheel gepubliceeerd waren toen de BHS verscheen, de Samaritaanse Pentateuch en op vroege Bijbelvertalingen als de Septuaginta, Vulgaat en Pesjitta. Soms lukt het niet om tot een begrijpelijke tekst te komen, en doet men een gissing.

De Nieuwe Bijbelvertaling volgt de tekst van de BHS.

Geschiedenis[bewerken]

  • 1906: Eerste druk van de Biblia Hebraica door Rudolf Kittel op basis van de Textus Receptus van Ben Chajim.
  • 1925: De Württembergischen Bibelanstalt te Stuttgart neemt de Biblia Hebraica over; tweede druk.
  • 1937: Derde druk, door Kittel, Eißfeldt, Alt en Kahle geheel bewerkt op basis van de Ben-Ascher-tekst (in de vorm van de Codex Leningradensis van 1008 n. Chr.).
  • 1955: Negende en laatste druk van de Biblia Hebraica
  • 1966–1967: Nieuwe bewerking, uitgegeven onder de naam Biblia Hebraica Stuttgartensia, door Karl Elliger en Wilhelm Rudolph. Aanleiding voor de naamswijziging was de volledige bewerking van het apparaat (het systeem van voetnoten en verwijzingen), zodat verwisselingen met eerdere versies vermeden konden worden.
  • 1997: Vijfde, en laatste gewijzigde druk van de BHS.

In 2004 verscheen het eerste deel van een uitgave van de grondtekst op nieuwe basis, die volgens planning in 2020 af zal zijn. Deze heet de Biblia Hebraica Quinta of Vijfde Hebreeuwse Bijbel (de BHS wordt gezien als de vierde versie van de Biblia Hebraica). Ook deze uitgave gaat uit van de tekst van de Codex van Leningrad, maar verwerkt ook andere tekstbronnen als de Griekse Septuaginta en de Bijbelse geschriften van Qumran, die van voor-masoretische oorsprong zijn.