Biechtgeheim

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

Het biechtgeheim of de sacramentele zegel (sigillum in het Latijn) betekent dat de biechtvader datgene wat hij tijdens de biecht te horen krijgt onder geen enkele voorwaarde mag onthullen, ook niet onder druk[1].

Het biechtgeheim is wettelijk erkend als een beroepsgeheim. Dat betekent bijvoorbeeld dat een biechtvader mag en moet zwijgen als hem bij een strafrechtelijk onderzoek wordt gevraagd wat een verdachte hem tijdens de biecht heeft medegedeeld.

Schending van het biechtgeheim kan voor de priester verregaande gevolgen hebben. Hij kan als kerkelijke straf excommunicatie oplopen en als burgerlijke straf een jaar gevangenisstraf krijgen[2] .

Ierland [bewerken]

In Ierland is in 2011 een wet aangekondigd die priesters die de burgerlijke overheid niet inlichten indien zij via de biecht seksueel misbruik vernemen, tot 5 jaar cel kan doen veroordelen. De Apostolische Penitentiarie herhaalde daarop de plicht van onschendbaarheid van het biechtgeheim[3].

Zie ook [bewerken]

Bronnen, noten en/of referenties
  1. "Het biechtgeheim is onschendbaar; daarom is het de biechtvader ten strengste verboden met woorden of op welke andere wijze en om welke reden ook over de boeteling maar iets bekend te maken", CIC, Canon 983, §1
  2. "Hij die enig geheim waarvan hij weet of redelijkerwijs moet vermoeden dat hij uit hoofde van ambt, beroep of wettelijk voorschrift dan wel van vroeger ambt of beroep verplicht is het te bewaren, opzettelijk schendt, wordt gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste een jaar of geldboete van de vierde categorie", Wetboek van Strafrecht, artikel 272, artikel 1.
  3. Het belang van Limnburg, 2 augustus 2011.