Blaar (medisch)

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Esculaap     Neem het voorbehoud bij medische informatie in acht.
Raadpleeg bij gezondheidsklachten een arts.
Blaar
Een blaar na een verbranding
Een blaar na een verbranding
ICD-10 T14.0
ICD-9 910-914, 940.0-949.5
Portaal  Portaalicoon   Geneeskunde

Een blaar of blein (in België) (Latijn: bulla) is een holte in of onder de opperhuid, waarin vocht zit. In de efflorescentieleer van de dermatologie worden blaren onderscheiden van vesikels: vesikels zijn kleiner dan 1 cm, blaren groter. Dit onderscheid kan helpen om ziektes te herkennen. Een veel voorkomende oorzaak van blaren is door extreme verhitting of afkoeling van de huid, maar ook door aanhoudende druk of wrijving op de huid. In het eerste geval spreekt men van een brandblaar, in het tweede geval gewoon van een blaar, of soms ook wel drukblaar. Maar er zijn ook talloze huidaandoeningen waarbij blaren kunnen voorkomen.

Brandblaren[bewerken]

Oorzaken[bewerken]

Brandblaren ontstaan door contact van de huid met hete gassen, vloeistoffen of andere materialen. Extreme koude, zoals aanraking van vloeibare stikstof, heeft hetzelfde effect op de huid als hitte. Ook sterk bijtende chemicaliën kunnen brandblaren veroorzaken wanneer ze met de huid in aanraking komen.

Een brandblaar is een tweedegraadsverbranding. Er vormt zich vocht tussen de opperhuid en de lederhuid. Deze blaarvorming is in het algemeen vrij pijnlijk. Wanneer grote oppervlakken verbrand zijn, is de pijn vaak extreem. Belangrijk is dat, hoewel een deel van de huid is vernietigd, er toch nog delen van de opperhuid gaaf zijn gebleven. Hierdoor kan er na loslating van de wondkorstjes uit zichzelf nieuwe huid over de wond groeien. De genezing duurt, afhankelijk van de diepte van de brandwond, enkele dagen tot vier of vijf weken. De haarwortels en zweetkliertjes liggen diep in de huid. Zolang slechts een deel hiervan behouden blijft, is wondgenezing mogelijk. Wel ligt het gevaar van wondinfectie op de loer. Indien dit gebeurt kan de oorspronkelijk intact gebleven huid toch nog verwoest worden, waardoor vorming van nieuwe huid wordt verhinderd. Indien dit gebeurt zijn de vooruitzichten zeer ongunstig.

Brandblaren, hoe groot of klein ook, kan men het beste afdekken - zo lang de blaar intact blijft kan er namelijk geen infectie optreden. Gaat de blaar toch stuk, zoals bij grote blaren op dunne huid haast onvermijdelijk is, dan is het afdekken met een steriel gaasje aan te raden om een infectie te voorkomen.

Nuvola single chevron right.svg Zie ook brandwond

Drukblaren[bewerken]

Drukblaren ontstaan meestal door langdurige of hevige wrijving van de huid. Dit kan bijvoorbeeld veroorzaakt worden door slecht zittende kleding tijdens intensieve beweging zoals sporten, of door intensief gebruik van gereedschappen waarbij veel kracht gezet moet worden. In dit laatste geval zal de blaar zich vrijwel altijd in de handen vormen. Het meest komen wellicht blaren op de voeten voor, die veroorzaakt worden door hetzij verkeerd zittende (of nieuwe, niet ingelopen) schoenen, hetzij door een lange wandeling.

Drukblaren zijn vrijwel altijd klein en slechts lokaal aanwezig. Levensbedreigend zijn zij nooit.

Behandeling[bewerken]

In tegenstelling tot brandblaren mogen drukblaren wel worden doorgeprikt; noodzakelijk is dit echter niet. In het algemeen wordt dit alleen gedaan als de zwelling die het gevolg is van de blaar, overlast veroorzaakt. Wel is het belangrijk dat bij het doorprikken de kans op infecties zo klein mogelijk wordt gehouden. Daarvoor gebruikt men een steriele naald.

Onvolledig overzicht van huidaandoeningen met blaren[bewerken]

Bron

e-gezondheid.be