Blauwe Tram
De Blauwe Tram is in het algemeen de verzamelnaam voor de tram zoals hij gereden heeft tussen 1881 en 1961 in het gebied tussen Scheveningen, Den Haag, Leiden, Katwijk, Noordwijk, Haarlem, Zandvoort, Amsterdam, Purmerend, Edam en Volendam. De trams hadden vanaf 1924 een donkerblauwe kleur
De tramdiensten, die eigendom waren van verschillende maatschappijen, werden geëxploiteerd door de Noord-Zuid-Hollandsche Tramweg Maatschappij (NZHTM), kortweg NZH te Haarlem. In 1946 werden alle betrokken maatschappijen gebracht onder de paraplu van de Electrische Spoorweg-Maatschappij (ESM), die vanwege de naamsbekendheid van de letters NZH de nieuwe naam Noord-Zuid-Hollandse Vervoer Maatschappij (officieel NZHVM) kreeg.
Inhoud |
[bewerken] Omvang van het tramnet
Het net van de Blauwe Tram bestond uit de volgende onderdelen:
- Normaalspoor (spoorwijdte 1435 mm):
- Meterspoor (spoorwijdte 1000 mm):
- Tramlijn Amsterdam – Haarlem – Zandvoort
- Amsterdam-Noord – ‘t Schouw – Volendam / Purmerend (Waterlandse tram, sinds 1932)
- Zowel normaalspoor als meterspoor:
- Haarlemse stadstram (incl. Heemstede, Overveen en Bloemendaal)
[bewerken] Opmerkingen
- Het trambedrijf kende twee spoorwijdten. Het meterspoor was alleen in Noord-Holland te vinden, terwijl Zuid-Holland (en Noord-Holland vanaf Haarlem in zuidelijke richting) door de trams op normaalspoor is bediend. Ook kende het elektrische bedrijf twee verschillende voltages. Op de gelijkstroombovenleiding van het normaalspoornet stond 1200 volt, terwijl het metersporige net een spanning van 600 volt voerde. Omdat de Duitse bezetter alleen belangstelling had voor normaalsporige trams op 600 volt, zijn er geen NZH-trams naar Duitsland afgevoerd, zoals dat bij de meeste andere Nederlandse trambedrijven wel gebeurde.
- Tussen Den Haag en Leiden bestonden twee tramlijnen. De Blauwe Tram reed via Voorburg, Veur / Leidschendam en Voorschoten. De Gele Tram (tramlijn I² van de HTM) reed van Den Haag naar Leiden via Wassenaar.
- Tussen Den Haag en Katwijk / Noordwijk reden in sommige perioden doorgaande trams.
- Op het traject Haarlem – Beverwijk – Alkmaar reed sedert 1895 een stoomtram. Deze metersporige lijn is nooit geëlektrificeerd en werd opgeheven in 1924, het startjaar van de Blauwe Tram.
- Met de overname van de Waterlandse tram op 1 december 1932 bereikte het net van de Blauwe Tram zijn maximale omvang van 143 kilometer. Sinds 30 december 1932, de dag van de elektrificatie van de lijn Haarlem – Leiden, was dit net geheel 'onder de draad'.
[bewerken] Geschiedenis
[bewerken] Voorgangers van de Blauwe tram
De eerste trams van de latere NZH reden in 1881 tussen Hillegom en Leiden, respectievelijk Haarlem. Deze werden geëxploiteerd door de Noord-Zuid-Hollandsche Stoomtram Maatschappij (NZHSTM). Op 4 juni 1881 verbond de eerste stoomtram van de RSTM, die later opging in de NZH, de Katwijkse Boulevard met Rijnsburg, niet lang daarna doorgetrokken naar Leiden en in 1911 door de NZH geëlektrificeerd.
Op 13 december 1888 werd de eerste lijn in Noord-Holland (van de Noord-Hollandsche Tramweg-Maatschappij, NHT) in dienst gesteld: van Amsterdam Noord naar Edam v.v. Later ook naar Purmerend en Volendam uitgebreid en in 1932 door de NZH geëlektrificeerd. De ESM-tramlijn Amsterdam - Haarlem - Zandvoort werd geopend in 1899/1904.
In 1924, het eerste jaar dat met blauwe trams werd gereden, werd de succesvolle tramlijn Scheveningen - Den Haag – Leiden geopend. Deze was de opvolger van de stoomtramlijnen Scheveningen – Den Haag Staatsspoor van NS, geopend in 1879, en Den Haag Staatsspoor – Leiden Noordeinde van de MET, geopend tussen 1882 en 1885.
[bewerken] Bloeiperiode
In de jaren '20, '30 en '40 was de Blauwe Tram een belangrijke verkeersader in de regio. De snelle en hoogfrequente tramdiensten maakten het wonen in forenzendorpen zoals Voorburg en Overveen aantrekkelijk, in een tijdperk waarin voor de meeste mensen de fiets het snelste particuliere vervoermiddel was. De Blauwe Tram heeft dan ook een belangrijke bijdrage geleverd aan de ontwikkeling van forenzenplaatsen in de streek. In de crisistijd deed NZH aan klantenbinding door enkele malen een tariefsverlaging door te voeren. Ook bij het opkomend toerisme in de streek speelde de tram een rol. Zo verzorgde NZH, in samenwerking metandere vervoerbedrijven, attractieve dagtochten, zoals een gecombineerde boot-tramrondrit Amsterdam – Volendam – Marken in de zomer. Voor de strandganger stond de tram naar Scheveningen, Katwijk, Noordwijk of Zandvoort gereed. Vaak werd extra capaciteit ingezet op dagen met gunstig strandweer.
[bewerken] Neergang
In de tijd na de Bezetting steeg het particuliere autobezit en nam de betekenis van de tram af, die steeds vaker werd gezien als een sta-in-de-weg voor het autoverkeer. In de jaren '50 was het beleid van de NZH erop gericht, de tram te vervangen door de bus, die wendbaarder was en bovendien goedkoper in exploitatie. Een voor een verdwenen de lijnen van de Blauwe Tram. De drukste lijn, Amsterdam – Haarlem – Zandvoort, werd opgeheven op 31 augustus 1957. Op 9 november 1961 reed de laatste Blauwe Tram op het traject Den Haag – Leiden.
[bewerken] Museale Blauwe Trams
Bijna alle tramstellen van de toenmalige NZH zijn vervolgens gesloopt, slechts enkele zijn bewaard gebleven:
- Motorrijtuig A106 – Tramweg-Stichting, Scheveningen
- Motorrijtuig A327 – Tramweg-Stichting, Scheveningen
- Aanhangrijtuig B303 – Tramweg-Stichting, Scheveningen
- Aanhangrijtuig B37 (GTA 766) – Tramweg-Stichting, Scheveningen
- Open goederenwagen C106 – Tramweg-Stichting, Scheveningen
- Métallurgique Motorrijtuig A14 – NZH-Vervoermuseum, Haarlem
- Motorrijtuig A37 – NZH-Vervoermuseum, Haarlem
- Aanhangrijtuig BY2 – NZH-Vervoermuseum, Haarlem
- Boedapester stuurstandrijtuig B412 – NZH-Vervoermuseum, Haarlem
- Railtransportwagen H114 – NZH-Vervoermuseum, Haarlem
- Coupé aanhangrijtuig BY13 – Legermuseum
- Stoomtramlocomotief A10 (RSTM 2) – Nederlands Spoorwegmuseum, Utrecht
- Stoomtramlocomotief A12 (HTM 8 'Ooievaar') – Stoomtram Hoorn-Medemblik, Hoorn
- Aanhangrijtuig B26 (GoTM B21) – Stoomtram Hoorn-Medemblik, Hoorn
- Gesloten goederenwagen NHTM C21 – Stoomtram Hoorn-Medemblik, Hoorn
- Open goederenwagen NHTM C163 – Stoomtram Hoorn-Medemblik, Hoorn
[bewerken] A327
De meest in het oog springende nog bestaande Blauwe Tram is de A327, eigendom van de Tramweg-Stichting (TS). Deze trammotorwagen, gebouwd in 1913 door de rijtuigfabriek Beijnes te Haarlem, is tot 1948 in gebruik geweest voor het stadsvervoer in Haarlem en daarna tot 1960 in Leiden. In 1961 werd deze motorwagen, met rijtuig B26 door de NVBS van de sloop gered en in 1965 overgedragen aan de toen opgerichte Tramweg-Stichting, die het rijtuig restaureerde. De eerste ritten op eigen kracht na de restauratie werden gemaakt in 1981. De A327 staat doorgaans in de HTM-remise Scheveningen. Bij bijzondere gelegenheden komt deze dienstvaardige motorwagen met bijwagen B303 of B37 - de vroegere Amsterdamse 766 in fictieve Blauwe Tram-uitmonstering - uit de remise om ritten te maken op het Haagse tramnet.
In 1979 was voor deze wagen een rol weggelegd in Guido Pieters' speelfilm Kort Amerikaans. A327 reed enkele stukjes door Rotterdam, geduwd door een Land Rover van de RET - ze was toen nog niet voorzien van motoren. Ook in de gelijknamige roman van Jan Wolkers die aan de film ten grondslag ligt, komen Blauwe Trams prominent voor, evenals in De donkere kamer van Damokles van W.F. Hermans en in verhalen van F.B. Hotz.
In juni 2006 was de A327 (zonder bijwagen) te gast in het Nederlands Openluchtmuseum te Arnhem ter gelegenheid van het tienjarige bestaan van de museumtramlijn aldaar. Bij de opening in 1996 was deze motorwagen hier ook al op bezoek geweest.
Van september t/m november 2011 wordt in het Haags Openbaar Vervoer Museum de tentoonstelling 'Retourtje Leiden' gehouden ter gelegenheid van het 80-jarige bestaan van de NVBS en de opheffing van de tramlijnen tussen Den Haag en Leiden precies een halve eeuw geleden. Zoveel mogelijk van de nog bewaard gebleven museumwagens van de Blauwe Tram en de Gele Tram zijn hiertoe bijeen gebracht.
[bewerken] Anekdotes rond de Blauwe Tram
- Nadat een aantal aanrijdingen had plaatsgevonden, werd het in een aantal Leidse kroegen de gewoonte om, wanneer iemand zei dat hij naar huis ging, te antwoorden "Tot ziens! Pas je op voor de Blauwe Tram?"
- In Katwijk had men een ander probleem met de tram: de (beweegbare) Sandtlaanbrug was niet geëlektrificeerd, zodat de tram vóór de brug een vaartje moest nemen om de brug over te komen. Een enkele keer kwam het voor dat de overkant van de brug niet werd gehaald, waardoor de tram op de brug tot stilstand kwam en moest wachten op de volgende tram om van de brug afgehaald of juist opgeduwd te worden.
- "In Leidschendam, in 1960 nog een echt tuindersdorp, leverde een brug onder de Veursestraatweg problemen op voor de tuinders die er met hun platte schuiten onderdoor moesten varen. De doorvaarthoogte bedroeg namelijk slechts enkele decimeters. Hoewel men zo'n hindernis met kunst en vliegwerk meestal toch vrij vlot wist te passeren, kon dat na een fikse regenbui ineens een groot probleem worden. Zodoende kwam mijn vader een keer muurvast te zitten met zijn schuit vol groente die met spoed naar veiling Veur moest. Niet onder de indruk van het probleem wandelde hij naar huis, haalde een grote zaag en verwijderde de houten dragers van de brug, die hij weer 'netjes' terugplaatste toen hij de schuit eenmaal had losgewerkt. Er heeft nooit een haan naar gekraaid. Pas tientallen jaren nadat mijn vader me dit vertelde besefte ik, dat hij daarvan weliswaar niets verzonnen had, maar dat de tramlijn op dat moment hoogstwaarschijnlijk net buiten gebruik moet zijn gesteld".
[bewerken] Terugkeer van de (Blauwe) Tram?
Niet lang na opheffing van de Blauwe Tram verschenen de eerste rapporten waarin werd gepleit voor terugkeer van de tram in de regio. Deze studies leken soms evenzeer ingegeven door nostalgie naar het tijdperk van de Blauwe Tram als door de wens, de luchtvervuiling en de files terug te dringen. Al deze plannen sneuvelden op gebrek aan rentabiliteit. Kansrijker zijn de lightrailplannen die na 1990 werden ingediend. Het - omstreden - plan voor de RijnGouweLijn beoogt o.a. de streektram terug te brengen op het traject Leiden – Katwijk / Noordwijk (overigens gedeeltelijk via een andere route dan in het verleden). Er zal eerst een busbaan aangelegd worden van station Leiden Centraal naar de kust, die naderhand 'vertramd' kan worden. In de omgeving van Haarlem wordt gepleit voor vertramming van het drukbeklante busnet van de Zuidtangent, een operatie die echter is uitgesteld tot na 2030. Verder gingen in Amsterdam stemmen op, de in aanleg zijnde Noord/Zuidlijn door te trekken naar Purmerend, al opteert deze laatste gemeente voor behoud van het snelbusnet.
[bewerken] Literatuur
- De Blauwe tram van 1924-1961 – L.J.P. Albers. Wyt, Rotterdam, 1971. ISBN 90-6007-572-2
- Voorlopers van de Blauwe tram – J.J. van Helden. Wyt, Rotterdam, 1974. ISBN 90-6007-712-1
- De geschiedenis van de Blauwe Tram: een eeuw streekvervoer van Scheveningen tot Volendam – J.F. Smit. Kluwer, Deventer, 1979. ISBN 90-201-1071-3
- Tussen strand en Waterland – L.J.P. Albers. Kluwer, Deventer, 1981. ISBN 90-2011-071-3
- De Waterlandse tram – G. Titsing. Schuyt, Haarlem, 1993. ISBN 90-2011-754-8
- Het trambedrijf van de NZH. Tussen Spaarnestad en Residentie – J.C. de Wilde. Kluwer, Deventer, 1985. ISBN 90-201-1754-8
- Het trambedrijf van de NZH. Tussen Spui en Zandvoorts Strand – H.J.A. Duparc. Schuyt, Haarlem, 1995. ISBN 90-6097-338-0
- Vaarwel! Blauwe Tram: de laatste jaren van het NZH trambedrijf: Amsterdam-Haarlem-Zandvoort, Amsterdam-Edam-Volendam, Stadsdienst Leiden: Oegstgeest/Rijndijk, Leiden-Katwijk, Noordwijk, Leiden-Den Haag-Scheveningen – A. van Kamp, Van Kamp, 1989. ISBN 90-72721-02-0
- Op het spoor van de Blauwe Tram: herinneringen aan het trambedrijf van de NZH ; *Dl. 1*Amsterdam-Haarlem-Zandvoort, Haarlem; stadslijn 1, Soendaplein-Heemstede. [foto's L.J.P. Albers... et al.] – A. van Kamp, Van Kamp, 1995. ISBN 90-72721-05-5
- Op het spoor van de Blauwe Tram: herinneringen aan het trambedrijf van de NZH ; *Dl. 2*Leiden-Den Haag-Scheveningen, Stadstram Leiden (Oegstgeest-Rijndijk), Leiden-Katwijk, Leiden-Noordwijk. [foto's L.J.P. Albers... et al.] – A. van Kamp, Van Kamp, 1996. ISBN 90-72721-06-3
- De Bollenlijn: een rit met de blauwe tram van Haarlem naar Leiden – Ad van Kamp. Hagenaar, 1999. ISBN 90-72721-07-1
- NZH-Railatlas, in kaart, woord en beeld, van Scheveningen tot Volendam en Alkmaar, 1881-1961. – Dick van der Spek. Schuyt & Co., 1997. ISBN 90-6097-432-8
[bewerken] Externe links
- www.blauwetram.nl
- Tramweg-Stichting
- Retourtje Leiden
- NZH-Vervoermuseum
- Trams in Waterland
- De Haarlemse Tram op de Beeldbank Amsterdam
- De Haarlemse Tram op de Beeldbank Noord-Holland
| Zie de categorie Blauwe Tram van Wikimedia Commons voor meer mediabestanden. |
| Tramlijnen in de regio Haaglanden | |||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|
voormalige paardentramlijnen · voormalige stoomtramlijnen · HTM gele tram · NZH blauwe tram |
|||||||
| Elektrische trams en metro's in Nederland | ||||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
|