Boeda

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Boeda, zoals afgebeeld in de Neurenbergse Kroniek van Hartmann Schedel uit 1493

Boeda (Hongaars: Buda; Duits: Ofen) is een van de beide samenstellende delen van de Hongaarse hoofdstad Boedapest. Boeda ligt op de rechteroever (westoever) van de Donau en was eeuwenlang een afzonderlijke stad, tot het in 1873 werd verenigd met het ertegenover gelegen Pest. In tegenstelling tot Pest ligt Boeda in een heuvelachtig landschap. Op een van de heuvels ligt het oude stadshart van Boeda, de Burchtheuvel. Boeda is vooral een woongebied, dat aanzienlijk rijker aan groen is dan Pest en waar zich dan ook de betere wijken van Boedapest bevinden.

De burcht op de heuvel [bewerken]

De nieuwe burcht, Budavár, werd de eerste verblijfplaats van de koning en moest tevens als verdedigingsburcht dienst doen. Rondom de burcht zou de nieuwe stad Boeda ontstaan. Behalve de eerste koningsburcht ontstonden in de 13e en 14e eeuw de Maria Magdalenakerk, waarvan de toren nu nog bestaat, en de Lieve-Vrouwekerk (Matthiaskerk). Steeds meer burgers vestigden zich hier omdat ze zich veiliger voelden dan in de laagvlakte en omdat Boeda markt- en tolrechten had gekregen. Op het "hazeneiland", nu Margiteiland, richtte de aartsbisschop een verblijfplaats in en later een klooster voor nonnen van hoge adel. Onder de heerschappij van de koningen uit het Huis Anjou werd de koningsburcht vergroot.