Bombardier TRAXX

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Bombardier TRAXX
BLS 485 006.jpeg
Aantal ± 1450
Fabrikant Bombardier Kassel
(voorheen ADtranz)
In dienst 1998–heden
Asindeling Bo'Bo'
Spoorwijdte 1435 mm
Massa 80-85 ton
(afhankelijk van uitvoering)
Lengte over buffers 18.900 mm
Omgrenzingsprofiel UIC 505-1 [1]
AB-EBV O1 (BR 145) [2]
Maximumsnelheid 140 km/h / 160 km/u
220/250 km/h / 350 km/h (Renfe)
Stroomsysteem 1,5 kV =
3 kV =
15 kV ~
25 kV ~
(afhankelijk van uitvoering)
Aandrijving elektrisch
Overbrenging Tramophanging (140 km/h)
Hohlwellen-Antrieb
Vermogen 5600 kW
4200 kW (tot 2002)
Trekkracht 300 kN
Treinbeïnvloeding ETCS en verschillende nationale systemen (PZB, LZB, ATB, ...)
Remsysteem directe rem (schijfremmen),
elektrische rem
Portaal  Portaalicoon   Verkeer & Vervoer

De TRAXX is een familie van elektrische en diesel-elektrische locomotieven gebouwd sinds 1998 door Bombardier Transportation in Kassel (Duitsland) voor spoorwegmaatschappijen in onder andere Duitsland, Zwitserland en Luxemburg. TRAXX is een merknaam van Bombardier en is de afkorting van "locomotives platform for Transnational Railway Applications with eXtreme fleXibility" en wordt door het bedrijf zelf steeds in hoofdletters geschreven.

Geschiedenis[bewerken]

In de jaren negentig gaf de Deutsche Bundesbahn aan de industrie opdracht voor de ontwikkeling nieuwe locomotieven ter vervanging van oudere locomotieven van het type 103, 151, 111, 181.2 en 120. Hierop presenteerde AEG Hennigsdorf in 1994 het Prototypen 12X die later als 145 door ADtranz te Kassel werd gebouwd. Uit dit prototype ontstond een groot aantal varianten.

Op 11 mei 2011 werd bekend dat Bombardier tijdens de Messe Transport Logistic van 10 tot 13 mei 2011 in München een locomotief van het type TRAXX AC met Last-Mile-Diesel heeft voorgesteld. Met deze elektrische locomotief maakt een diesel-aggregaat het mogelijk om met name goederenwagens te plaatsen op sporen waar geen bovenleiding aanwezig is. Deze locomotief werd gepresenteerd als Baureihe 187.[3]

Constructie en techniek[bewerken]

De locomotief heeft een stalen frame. De tractieinstallatie is uitgerust met driefasenspanning en heeft driefasige asynchrone motoren in de draaistellen. Iedere motor drijft een as aan.

Overzicht[bewerken]

Bombardier benoemt de verschillende versies volgens onderstaand schema:

  • gebruik: F (Freight) / H (Heavy Haul) / P (Passenger) / S (High Speed)
  • snelheid (in km/h): 140 / 160 (bij de eigenlijke TRAXX staat de 140 voor tramophanging, de 160 voor Hohlwellen-aandrijving
  • aandrijving: AC (wisselspanning) / DC (gelijkspanning) / MS (Mehrsystem) / DE (diesel-elektrisch)
  • variant: P (Power Head) / 1 / 2

Overzicht van tot heden geleverde locomotieven:

Eigenaar Serie Type Opmerkingen
Deutsche Bahn AG BR 145 Baureihe 145 (behoort niet tot TRAXX familie)
BR 146.0 TRAXX P 160 AC
BR 146.1 TRAXX P 160 AC1
BR 146.2 TRAXX2 P 160 AC2
BR 146.5 TRAXX2 P 160 AC2 bestemd voor IC dubbeldeks treinen
BR 185.0 TRAXX F 140 AC
BR 185.2 TRAXX2 F 140 AC2
BR 186 TRAXX2E F 140 MS2
BR 245 TRAXX2E P 160 DE ME uitgerust met 4 kleinere dieselmotoren ("ME" = Multi Engine)
Particuliere maatschappijen en
Lease maatschappijen
BR 145-CL TRAXX P 140 AC
BR 146-CL TRAXX P 160 AC
TRAXX2 P 160 AC2
BR 185-CL TRAXX F 140 AC
TRAXX2 F 140 AC2
BR 186-CL TRAXX2E F 140 MS2
BR 187 TRAXX3 F 160 AC2 TRAXX AC met Last-Mile-Diesel
BR 246 TRAXX2E P 160 DE
BR 285 TRAXX2E F 140 DE
Schweizerische Bundesbahnen Re 481 TRAXX P 140 AC
Re 482 TRAXX F 140 AC
TRAXX2 F 140 AC2
Re 484 TRAXX2 F 140 MS
BLS AG Re 485 TRAXX F 140 AC
Re 486 TRAXX2E F 140 MS2
NS International, voorheen NS Hispeed 186 TRAXX F140 MS2 12 geleased van Alpha Trains (ATC)
186 001-019 TRAXX F140 MS2 19 stuks in eigendom van NS International
NMBS HLE 28 TRAXX F140 MS2 geleased van Alpha Trains (ATC)
HLE 29 TRAXX F140 MS2 geleased van Alpha Trains (ATC)
Chemins de Fer Luxembourgeois BR 4000 TRAXX F 140 AC
SNCF Fret BB 76000 TRAXX2 F 140 DE
Trenitalia E 405
E 412 TRAXX F 140 DC
E 464 TRAXX P 160 DC
E 483 TRAXX F 140 DC
Hector Rail BR 241 TRAXX2 F 140 AC2
Green Cargo Re TRAXX2 F 140 AC2
CargoNet CE 119 TRAXX2 F 140 AC2 geleased van Alpha Trains (ATC)
Renfe 253 TRAXX2E F 140 DC (breedspoor)
Malmtrafikk (MTAB) IORE TRAXX H 80 AC

Nummers F 140 MS[bewerken]

De locomotieven van het type F 140 MS en F 140 MS2 zijn als volgt genummerd [4].

Ontwikkeling[bewerken]

145 en 146.0[bewerken]

De TRAXX werd ontwikkeld uit het prototype 128 001, ontworpen door AEG en Henschel in 1994, bij de competitie voor een opvolger voor de Einheitslokomotiven van de Deutsche Bundesbahn. Net zoals het prototype 127 001 van concurrent Krauss-Maffei had de 128 001 een driefasige wisselstroommotor, gebaseerd op de serie 120 van de Deutsche Bahn.

Uit het prototype 128 001 werd de serie 145 ontwikkeld, met een order van 80 locomotieven voor de Deutsche Bahn, die vanaf 1997 werden gebouwd door Adtranz. Zes gelijkaardige locomotieven werden verkocht aan de Zwitserse private spoorwegonderneming Mittelthurgaubahn als Re 486, die werd overgenomen door de SBB, die de locomotieven als Re 481 inzette in Duitsland. Intussen werden de locomotieven verkocht aan MRCE, die ze op zijn beurt weer verhuurde aan HGK.

In de tussentijd werd ook bij DB Regio de vraag groter voor een nieuwe bestelling locomotieven voor het trekken van dubbeldeksrijtuigen met een snelheid tot 160 km/u. De Baureihe 145 was maar geschikt tot 140 km/u. Een aantal locomotieven van de Baureihe 145 werden omgebouwd voor hogere snelheden, maar dit was niet langer vol te houden, waardoor de Deutsche Bahn bij Bombardier een nieuwe bestelling plaatste voor een aangepaste 145, die het reeksnummer 146.0 meekreeg. In 2001 en 2002 werden in totaal 31 van deze locomotieven aan DB geleverd.

TRAXX[bewerken]

F 140 AC[bewerken]

Bij de uitbreiding van de internationale activiteiten van Railion (toen nog een dochteronderneming van DB Cargo) kwam de vraag voor een meerspanningslocomotief om ook onder 25kV bovenleiding te kunnen rijden in Denemarken, Luxemburg en Frankrijk. Bombardier ontwikkelde de F140AC, die het reeksnummer 185 mee kreeg. Deutsche Bahn annuleerde de optie op nieuwe locomotieven van de reeks 145 en plaatste een nieuwe order voor 80 locomotieven van de reeks 185.

Hoewel het niet de krachtigste locomotief op de markt is stak hij toch met kop en schouders boven de toenmalige concurrenten uit. De SBB bestelde 35 locomotieven bij Bombardier (Re 482) en BLS plaatste een order van 20 locomotieven (Re 485).

Door de CFL werd een speciale reeks besteld. Deze locs lijken in veel opzichten op de Baureihe 185 van de DB, maar werden verder nog uitgerust met een pakket voor personenverkeer, vergelijkbaar met de Baureihe 146. In Luxemburg rijden deze locomotieven als CFL 4000.

Verschillende van deze locomotieven werden aangekocht door leasingmaatschappijen zoals Angel Trains en MRCE, die de locomotieven o.a. verhuren aan ITL Benelux, Rail4chem, OHE en TX Logistik.

Ook Verkehrsbetriebe Peine-Salzgitter GmbH bezit 2 van deze machines.

P 160 AC[bewerken]

Tussen 2003 en 2005 werd een nieuwe bestelling van de P 160 AC1 aan de Deutsche Bahn geleverd. Deze locomotieven zijn een aangepaste versie van de reeks 185, maar uitsluitend voor 15 kV bovenleidingsspanning. Bij de Deutsche Bahn werden deze locomotieven als de reeks 146.1 aangeduid. 32 locomotieven zijn in gebruik bij de Deutsche Bahn en 10 locomotieven zijn in gebruik bij de private spoorwegonderneming metronom Eisenbahngesellschaft.

F 140 MS[bewerken]

De eerste locomotieven van de TRAXX 2-subfamilie werden geleverd aan SBB Cargo, een bestelling van 21 locomotieven, die de nummering Re 484 van de SBB kregen. Deze locs zullen vooral het goederenverkeer tussen Zwitserland en Italië verzorgen. Deze locomotieven zijn meerspanningslocomotieven voor 15 kV wisselspanning in Zwitserland en 3 kV gelijkspanning in Italië, maar zijn technisch ook uitgerust voor 25 kV wisselspanning en 1,5 kV gelijkspanning, om elders in Europa te rijden, doch niet voorzien van de juiste veiligheidssystemen.

Vijf andere locs van dit type (E 484.9) werden geleverd aan MRCE, die ze verhuurt aan Crossrail (901-902) en aan SBB Cargo Italia (903-905).

Overzicht van op dit moment rijdende locomotieven zie: Nummers F 140 MS

Deze locomotief werd verder ontwikkeld als F 140 MS2.

F 140 DC[bewerken]

Uit de meerspanningslocomotief F 140 MS werd een gelijkspanningsloc ontwikkeld voor gebruik in Italië. Deze locomotieven zijn ook bekend onder het reeksnummer E 483. Angel Trains plaatste een bestelling van 20 locomotieven, en Nordcargo bestelde 8 locomotieven.

TRAXX 2[bewerken]

De TRAXX 2 is een doorontwikkeling van de TRAXX-reeksen met als voornaamste wijziging een nieuwe carrosserie die voldoet aan de nieuwere en strenge crashtestnormen. Een andere vernieuwing zijn de reeksen met IGBT-omvormers.

F 140 AC2[bewerken]

Beginnend met het loc-nummer 185 201 werden ook de locomotieven voor Railion in deze vernieuwde configuratie afgeleverd. Opnieuw werden 200 locomotieven besteld bij Bombardier. Deze werden in Duitsland genummerd in de Baureihe 185.2.

De door Bombardier als prototype gebouwde locomotief 185 561 werd door SBB Cargo hernummerd naar Re 482 035. Deze werd gevolgd door een bestelling van nog 14 locomotieven.

Dit type locomotief is uiteraard ook in dienst bij verschillende leasingmaatschappijen, die ze aan verschillende maatschappijen in Europa doorverhuren. De locomotieven worden genummerd vanaf het nummer 185 562. In detail werden volgende aantallen geleverd: 11 voor MRCE, 27 voor Alpha Trains, 11 voor CB Rail en 2 voor Eurocom. Allco heeft 12 locs besteld.

CargoNet huurt van Alpha Trains tien locomotieven van dit type als El. 19.

Een aantal private spoorwegondernemingen hebben eigen locomotieven gekocht bij Bombardier: ITL (1), Hector Rail (10) als 241 en Havelländische Eisenbahn (hvle) (1). Het Zweedse Green Cargo huurt 6 locs van DB Schenker Rail Scandinavia A/S en heeft 16 locs als type Re besteld.

P 160 AC2[bewerken]

Een derde reeks van Baureihe 146 werd bij Bombardier besteld, volgens het type P 160 AC2. Deze werd bij de Deutsche Bahn genummerd als reeks 146.2. Deze verschilt van de reeks 146.1, zoals ook de reeks 185.2 van de reeks 185.1 verschilt. DB Regio plaatste een bestelling van 51 stuks.

Verschillende andere lokale Duitse spoorwegmaatschappijen hebben gelijkaardige locomotieven: 17 bij Metronom en 4 bij de Nord-Ostsee-Bahn.

De Hongaars spoorwegmaatschappij Magyar Államvasutak (MAV maakt bekend 25 locomotieven van het type TRAXX P 160 AC2 met een optie van nog eens 25 locomotieven te hebben besteld. De eerste locomotieven worden vanaf eind 2011 geleverd. De locomotieven worden voor het binnenlands personenvervoer en het internationaal goederenvervoer waaronder naar Duitsland ingezet.[5].

TRAXX 2E[bewerken]

In tussentijd werd het TRAXX-platform door Bombardier opnieuw onder handen genomen. Er kwam één carrosserie voor zowel de diesel- als de elektrische variant. In het midden van de machine kwam een open ruimte om ofwel een dieselmotor, ofwel een elektrische omvormer in te bouwen. Daardoor kunnen defecte locomotieven sneller aan wisselstukken geraken. Ook de aandrijving en de draaistellen werden hertekend, zodat met de tramophanging nu ook een snelheid tot 160 km/u mogelijk is, waardoor ook personenvervoer mogelijk werd. Desondanks blijft de typebenaming F 140 behouden.

F 140 MS2[bewerken]

Een Beneluxtrein getrokken door de 186 121 bij doorkomst te Delft.
NS E 186 004 op de Spoorparade Amersfoort, oktober 2014.

Deze is een doorontwikkeling van de F 140 MS, eveneens een vierspanningslocomotief. Recent bestelde Deutsche Bahn (DB) 20 locomotieven van de serie 186 voor het goederenvervoer dat wordt uitgevoerd door het bedrijfsonderdeel DB Schenker Rail.

Angel Trains was de eerste operator die 35 locomotieven van dit type bestelde. Deze bestaat in feite uit drie subreeksen: de E186 101 tot E186 110 (10 locs), geschikt voor Duitsland, Oostenrijk, Italië, Zwitserland en Nederland; de E186 111 tot E186 125 (15 locs), geschikt voor België en Nederland; en de E186 126 tot E186 135 (10 locs), geschikt voor Duitsland, Oostenrijk en Polen. Van de 15 locomotieven van de tweede subreeks (111-125) worden er twaalf verhuurd aan NS Hispeed, die ze zal inzetten op de HSL-Zuid en sinds augustus 2008 in beperkte dienst op de Beneluxtrein ter vervanging van de verouderde reeks 11 van de NMBS en drie aan de NMBS, die met twee van deze locs de pendeltrein (met drie I11-rijtuigen) zal omkaderen, die de verbinding tussen station Antwerpen-Centraal en station Noorderkempen op de HSL 4 zal verzorgen. Deze locomotieven werden in België hernummerd in de reeks 28 als reserve. De locomotieven van NS Hispeed werden in het najaar van 2008 in voorzien van een nieuw kleurpatroon met rode flanken en een wit front, wat ze moet onderscheiden van de standaard kleurstelling van Angel Trains, die gebruikt wordt op de reeks 28 van de NMBS.

Angel Trains bestelde daarna nog meer locomotieven van deze reeks, met een totaal van 105, waarvan 40 locomotieven bijkomend worden verhuurd aan de NMBS, die ze zal gebruiken in de goederendienst eveneens in de reeks 28 genummerd 2804 / 2843. Bombardier kreeg verder nog bestellingen van CB Rail (35 locs), Euro Cargo Rail (20 locs), BLS (10 locs) als Re 486 en Veolia Transport (9 locs). Ook ITL Benelux heeft inmiddels 4 van deze locomotieven in operationele dienst rijden. Het voordeel van deze locomotieven is het geluid in de cabine, het grootste nadeel is de onbetrouwbaarheid van het geïnstalleerde beveiligingssysteem.

F 140 DC2[bewerken]

Voor de Spaanse spoorwegonderneming Renfe werd een gelijkspanningslocomotief ontwikkeld, die intern sterk verschilt van de F 140 DC. Ondanks de grotere spoorbreedte van het Spaanse spoorwegnet kreeg deze loc dezelfde carrosserie als de andere TRAXX 3-locomotieven. Renfe plaatste een bestelling van 100 locomotieven, waarvan de eerste in 2008 reeds geleverd werden. Deze locomotieven zijn ook bekend onder het reeksnummer Renfe S.253.

F 160 DC2[bewerken]

Voor de Italiaanse spoorwegonderneming FS werd een gelijkspanningslocomotief ontwikkeld, die intern sterk verschilt van de F 160 DC. Voor Trenitalia Cargo werden 42 locomotieven [6] besteld die een maximale snelheid van 160 km/h kunnen rijden met vrachttreinen en maximale snelheid van 200 km/h met personentreinen. Deze locomotieven zijn ook bekend onder het reeksnummer FS E.483.

P 160 DC2[bewerken]

Op 21 april 2010 werd bekend dat de Poolse spoorwegmaatschappij Koleje Mazowieckie (KM) in totaal 11 locomotieven van het type P 160 DC2 hebben besteld ter vervanging van oudere type locomotieven. Deze locomotieven zullen in de zomer van 2011 worden geleverd voor het gebruik met de 37 dubbeldeksrijtuigen die reeds in 2009 werden geleverd.

TRAXX DE[bewerken]

F 140 DE[bewerken]

Bombardier 285 001 en 330 03 Blue Tiger van de Havelländischen Eisenbahn GmbH (HVLE) in Blankenburg (Harz)

De TRAXX F 140 DE is een dieselelektrische locomotief speciaal ontworpen voor het goederenvervoer op niet geëlektrificeerde trajecten. CBRail bestelde 10 locomotieven van dit type, bestemd voor verhuur. De locomotief is in Duitsland ook bekend als BR 285. De eerste locomotief werd begin augustus 2007 bij onder meer door de HVLE op de Rübelandbahn ingezet. De maximumsnelheid van deze locomotief is 140 km/h.

Op 5 december 2008 plaatste SNCF Fret een order voor 45 TRAXX F 140 DE locomotieven ter waarde van 160 miljoen euro. De order bevat een optie van 35 locomotieven. Deze locomotieven zullen als BB 76000 ingezet worden.

P 160 DE[bewerken]

De TRAXX P 160 DE is een dieselelektrische locomotief speciaal ontworpen voor het personenvervoer op niet geëlektrificeerde trajecten. Niedersachsen Nahverkehrsgesellschaft bestelde voor het verhuren 11 locomotieven van dit type. De locomotief is in Duitsland ook bekend als BR 246. De eerste locomotief werd begin augustus 2007 bij ingezet bij de Metronom Eisenbahngesellschaft op het traject Hamburg-Hbf - Cuxhaven. De maximumsnelheid van deze locomotief is 160 km/h.

Op 18 april 2011 werd bekend dat de DB Regio AG een raamovereenkomst met Bombardier te hebben gesloten voor de levering van 200 locomotieven van het type P 160 DE. [7]

Andere TRAXX locomotieven[bewerken]

Bombardier ontwikkelde uit het TRAXX-platform nog een aantal andere types, die zich duidelijk van de TRAXX-familie onderscheiden.

H 80 AC[bewerken]

Een zware locomotief die uitsluitend gekoppeld wordt gebruikt, voor het slepen van zware ertswagens. Deze werd gebouwd op vraag van de Zweedse spooronderneming Malmtrafikk (MTAB) / (MTAS). Deze zijn ook bekend als IORE locomotieven.

P 160 DCP[bewerken]

Deze locomotief is sterk verwant met de TRAXX-familie, maar heeft slechts één stuurcabine. Hij werd gebouwd voor Trenitalia voor gebruik in het personenvervoer. In Italië is deze locomotief ook bekend onder het reeksnummer E464.

S 350 AC[bewerken]

Een ontwikkeling van Talgo in samenwerking met Bombardier voor een hogesnelheidstrein in Spanje (maximale snelheid 350 km/u). Deze locomotieven zijn ook bekend als Renfe S-102 of als Talgo 350.

S 250 MS[bewerken]

Eveneens een ontwikkeling van Talgo samen met Bombardier voor een hogesnelheidstrein. Deze locomotieven zijn voorzien van een installatie om de spoorbreedte te veranderen, zodat zowel het hogesnelheidsnet (normaalspoor) als het gewone spoorwegnet in Spanje (breedspoor) kan bereden worden. Deze zijn bij Renfe ook bekend als reeks S-130.

Foto's[bewerken]

Externe links[bewerken]

Bronnen, noten en/of referenties