Bosschenhoofd
|
|
|||
|
|
|||
| Provincie | |||
| Gemeente | |||
| Coördinaten | 51°33'N 4°32'E | ||
|
|
|||
| Oppervlakte | 5,12 km² | ||
| Inwoners (2007) | 2160 | ||
|
|||
Bosschenhoofd is een dorp in de gemeente Halderberge in de Nederlandse provincie Noord-Brabant. Het dorp wordt ook wel Seppe genoemd, en het nabij gelegen (sport-)vliegveld Seppe Airport ontleent zijn naam hieraan. Het ontstaan van de deze bijnaam wordt hieronder uitgelegd. Voor de gemeentelijke herindeling van 1997 behoorde Bosschenhoofd tot de gemeente Hoeven.
Inhoud |
[bewerken] Etymologie
[bewerken] Bosschenhoofd
De naam Bosschenhoofd komt van een bij Oudenbosch behorende overslagplaats voor turf, gesticht in het begin van de 14e eeuw.
[bewerken] Seppe
De naam Seppe, die ook wel aan dit dorp wordt en werd gegeven, is van veel recenter oorsprong:
Op de Noordoostelijke hoek van het voormalige kruispunt Maple Farm stond een oude boerderij welke omstreeks 1847 een uitspanning en herberg was van ene Jacobus Sep, geboren 1815. Van 1854-1855 werd de spoorlijn Breda-Roosendaal aangelegd. De spoorarbeiders gingen in de herberg van Jacobus Sep, bij Seppe dus, eten en bleven er overnachten. De Spoorwegen, niet bekend met de naam Bosschenhoofd, gaven ook aan de halteplaats in Bosschenhoofd de naam Stopplaats Seppe. De naam Seppe kreeg algehele bekendheid in Nederland. Er kwam een vliegveld Seppe en vele verenigingen dragen nog steeds de naam van Seppe. Ook in de film van Merijntje Gijzen in 1936 is op het kruispunt Maple Farm op een plaatsaanduidingsbord de naam Seppe te zien. De groei van Bosschenhoofd ging niet zo snel en pas na 1860 kreeg Bosschenhoofd wat meer inwoners. Zo kwam er pas in 1882 de eerste school (openbare school). Dat ook de gemeente Hoeven met de naam Seppe niet goed op de hoogte was, blijkt uit een officieel stuk van 10 juni 1884 waarop de naam Seppe staat vermeld terwijl de naam Bosschenhoofd de originele naam was.
[bewerken] Geschiedenis
Het gebied van Bosschenhoofd hoorde vanaf het einde van de dertiende eeuw bij Hoeven. Het Land van Breda omvatte aanvankelijk bijna geheel het huidige West-Brabant. Ook Bosschenhoofd behoorde hiertoe. Na het kinderloos overlijden van Arnout van Leuven in 1287 werd dit gesplitst in twee Heerlijkheden: Heerlijkheid Breda en Heerlijkheid Bergen op Zoom. Bosschenhoofd bleef in bezit van beide, tot het in 1458 aan Bergen op Zoom werd toegewezen.
In West-Brabant was veel moer aanwezig. Reeds in 1301 was het steken van turf in volle gang, toen al bestond de Vaart in Oudenbosch. Deze Bosschevaart zou vroeger ook verbonden zijn geweest met Pagnevaart en de haven van Oudenbosch. Ten zuiden van Oudenbosch was in 1301 een gebied van ongeveer 300 hectare moer uitgegeven, bekend als het Bosschelaag. Aan de rand werd een nieuw turfhoofd aangelegd; het Bosschehoofd. Het lag hoger dan de omgeving, daardoor was men er veilig bij overstroming. In de 14e eeuw zullen er al enkele mensen gewoond hebben, maar ontwikkeling tot dorp verliep langzaam. In 1840 telde Bosschenhoofd 269 en in 1860 361 inwoners. Het betrof vooral pioniers uit Hoeven, die boerderijtjes op de woeste gronden stichtten. In 1882 kreeg Bosschenhoofd een school en pas in 1886 een kerk.
Koning Willem I liet een met keien bestrate rijksstraatweg aanleggen tussen Breda en Roosendaal. Hier werd mee begonnen in 1820 en in 1838 was de aanleg afgerond. Enkele jaren later legde Oudenbosch, zonder subsidie, een klinkerweg naar Bosschenhoofd aan en verbond deze met de Rijksweg. Voor Oudenbosch was dit toen belangrijk in verband met het ontginningsbedrijf annex boomkwekerij "Maple Farm", van Henricus van der Bom uit Oudenbosch.
In 1931 werd de Rijksweg Breda-Roosendaal een tweebaansweg van beton en in 1977 werd de vierbaansweg (tegenwoordig A58) met het viaduct "Postbaan" bij Bosschenhoofd geopend. Het kruispunt bij Maple Farm kreeg een nieuw aanzicht en ook de naam Maple Farm verdween.
Op 1 januari 1997 is Bosschenhoofd door de herindeling van de gemeentes Oudenbosch, Hoeven en Oud en Nieuw Gastel, opgegaan in de nieuwe gemeente Halderberge. Voorheen vormden Bosschenhoofd en Hoeven samen de gemeente Hoeven. In 1982 is in Bosschenhoofd het jubileumfeest 100 jaar onderwijs en het 700 jaar Hoeven/Bosschenhoofd gevierd. Burgemeester Osterloh was de laatste burgemeester van Hoeven/Bosschenhoofd en werd daarna burgemeester van de nieuwe gemeente Halderberge. Met de herindeling kwam er bij Bosschenhoofd een grenscorrectie, wat betekende dat het grondgebied ten zuiden van de autoweg bij de gemeente Rucphen ging behoren, inclusief de monumentale Heimolen. In Bosschenhoofd is het inwoneraantal, mede door de herindeling, niet gestegen: In 2005 woonden in Bosschenhoofd 2131 inwoners.
[bewerken] Economie
Nadat de periode van turfsteken voorbij was werden op de van turf ontdane grond kleine boerderijen gesticht. De bewoners daarvan hadden als bijverdienste het binden van bezems en het buntsteken voor de productie van borstels en dergelijke. De wetselijke heidegronden werden ontgonnen van 1840-1860, maar tussen 1890 en 1920 werd een en ander grootschaliger aangepakt, door de ontginningsmaatschappij van Henricus van der Bom en diens boomkwekerij "Maple Leaf". Van 1910 tot 1975 konden vele arbeiders ook hun boterham verdienen op de steenfabrieken. Ook de landbouw moderniseerde en werd aangevuld met tuinbouw, terwijl ook vele boeren naar de IJsselmeerpolders trokken. Voorts gingen een aantal mensen in de woningbouw werken.
In 1949 werd het Vliegveld Seppe geopend, dat vooral voor sportvliegerij wordt gebruikt.
[bewerken] Bezienswaardigheden
- Heilig Hart van Jezuskerk, uit 1927. Een bakstenen kerkje ontworpen door Wolter te Riele, aan de Pagnevaartweg 1.
- Voormalig Retraitehuis Seppe, uit 1912. Tegenwoordig zijn er woningen in het hoofdgebouw en op het terrein gebouwd.
- Het noviciaat Sint-Stanislaus is in 1954 gebouwd aan de Pastoor van Breugelstraat. Vervolgens werd het pension Kuca Morava, waar Joegoslavische meisjes werden ondergebracht die als gastarbeider werkzaam waren doch onder een streng regiem leefden. Daarna werd het een hotel.
[bewerken] Natuur en landschap
Bosschenhoofd wordt omringd door landbouwgronden op heide-ontginning. Enkele waterlopen als de Kibbelvaart en de Zwarte Sloot zijn voormalige turfvaarten.
- Ten oosten van de kerk ligt het 12 ha groot landgoed "De Wildert". In 1884 werd dit aangelegd door Jean Escheller uit Oudenbosch. De Vereniging van Gezondheidskoloniën te Gouda kocht in 1905 dit bosgebied met landhuis aan en er kwam toen een herstellingsoord voor kinderen, dat de naam Zonneheuvel kreeg. In 1932 is het landhuis als kindertehuis afgekeurd. Het werd vervolgens een rusthuis voor protestantse ouderen. Sinds 1959 wordt er een camping uitgebaat.
- De naam Maple Frarm, ooit de naam van een boomkwekerij, werd in 2005 weer ingevoerd, nu voor een landgoed nieuwe stijl van 11 ha, overeenkomstig de Natuurschoonwet 1928. Dit landgoed ligt op de plaats van de vroegere kewekerij en sluit aan op het bosgebied Hoezaar dat 40 ha meet. Beide bossen zijn in particulier eigendom. Er is een beeldentuin (Beeldentuin "De Beeldenstorm", aan Roosendaalsebaan 4) op het terrein gevestigd. Dit is een galerie waar voornamelijk hedendaagse realistische en figuratieve kunst wordt tentoongesteld.
- Het Pagnevaartbos is een natuurgebied van 24 ha, ten westen van Bosschenhoofd.
[bewerken] Zie ook
[bewerken] Voorzieningen
- Basisschool 't Bossche Hart
- Dorpshuis de Schakel
[bewerken] Verkeer en vervoer
- Stopplaats Seppe was een halteplaats op de spoorlijn Breda-Roosendaal. Deze opende in 1875. Ze werd gesloten voor het personenvervoer in 1938 en voor het goederenvervoer in 1969. Het stationsgebouwtje uit 1884 is tegenwoordig een bloemenwinkel.
- Aan de Pastoor van Breugelstraat is in 1949, door toedoen van de heer A. van Campenhout, het vliegveld Seppe tot stand gekomen.
[bewerken] Nabijgelegen kernen
Zegge, Rucphen, Sint Willebrord, Hoeven, Oudenbosch
[bewerken] Externe link
| Zie de categorie Bosschenhoofd van Wikimedia Commons voor meer mediabestanden. |
| Plaatsen in de gemeente Halderberge | ||
|---|---|---|
|
Dorpen: Bosschenhoofd · Hoeven · Oud Gastel · Oudenbosch · Stampersgat |
||