Bouw

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Een bouwvakker aan het werk.

De bouw is de economische sector of bedrijfstak die zich bezighoudt met het produceren van woningen en andere bouwwerken. De kennis die hiervoor nodig is, en de wetenschap die zich daarmee bezighoudt, heet bouwkunde.

Mensen in de bouw[bewerken]

Een bouwproject met op de voorgrond een hijskraan

Hieronder een kernschema van processen die tot een gebouw leiden. Tijdens elk proces is er een team van specialisten bezig om het gestelde doel te bereiken:

  • het initiatief;
  • het ontwerp;
  • de bouw;
  • het gebruik.

Hoewel het nog steeds voorkomt dat iemand zijn eigen huis bouwt, wordt het meeste bouwen gedaan door gespecialiseerde bouwbedrijven die in opdracht van een opdrachtgever een gebouw plaatsen.

Projectontwikkelaars laten op eigen initiatief kantoren, bedrijfspanden en wooncomplexen ontwerpen en bouwen om die naderhand te kunnen verkopen.

Beroepen in de bouw[bewerken]

In Nederland werken 499.100 mensen in de bouw (2008).

Een onvolledige opsomming van beroepen in de bouw:

aannemer - blokkenlijmer - bekister - betonstaalverwerker - betonreparateur - opzichter - bouwvakker - constructeur - dakdekker - gibobouwer - huisschilder - ijzervlechter - installateur - loodgieter - metselaar - opperman - steigerbouwer - stukadoor - timmerman - plafonneur - uitvoerder - werkvoorbereider - tegelzetter - klusbedrijf- grondwerker- elektricien- veiligheidscoördinator- architect

Een overzicht van opleidingen en beroepen in de Belgische bouwsector vindt men bij FVB (Fonds voor vakopleiding in de bouwnijverheid).

Economie[bewerken]

De bouw is een conjunctuurgevoelige sector. Als de economie begint te groeien, wordt de vraag naar grotere en nieuwe gebouwen groter, bij economische krimp vindt het tegenovergestelde plaats.

De bouw bestaat uit de volgende deelsectoren, die op hun beurt weer zijn opgesplitst:

  • burgerlijke en utiliteitsbouw (B&U) (bouw van woningen, kantoren en dergelijke),
    • eengezinswoningen
      • open bebouwing (4-gevel woning)
      • half open bebouwing (3-gevel woning)
      • gesloten bebouwing (2-gevel woning)
    • appartementen
    • kangoeroewoningen
  • grond-, weg- en waterbouw (GWW),
  • installatiebedrijven (elektrische installaties, verwarming en dergelijke)
  • afwerkbedrijven (zoals schilders en stukadoors) en
  • andere, gespecialiseerde bedrijven (als onder meer heiwerk en betonstaalvlechten).

Een aantal typen bedrijven zijn nauw bij de bedrijfstak bouwnijverheid betrokken, onder meer:

  • zand- en grindwinningsbedrijven;
  • producenten van asfalt, beton, cement en betonwaren;
  • steenfabrieken;
  • timmerbedrijven;
  • glas- en glasbewerkende bedrijven;
  • constructiewerkplaatsen;
  • producenten van metalen ramen, deuren en kozijnen;
  • hoveniersbedrijven.

Daarnaast zijn veel dienstverlenende bedrijven, zoals architectenbureaus en projectontwikkelaars, actief in dezelfde bedrijfskolom.

Bouwsector in Nederland[bewerken]

De volgende cijfers geven een beeld van de bouwnijverheidssector:

  • Aantal bedrijven: 65.000 (jaar: 2001)
  • Aantal aan de bouw verwante bedrijven: circa 20.000
  • Werkgelegenheid: 446.000 personen (inclusief kleine zelfstandigen)
  • Aantal werknemers: 400.000 (6% van de werknemers in Nederland)
  • Netto omzet: EUR 45 miljard (2000)
  • De bouwnijverheid draagt zes procent aan het Bruto Binnenlands Product (BBP) van Nederland bij.

Een groot aantal bedrijven in de bouw behoort tot het midden- en kleinbedrijf en er zijn erg veel zeer kleine bedrijven. Er bestaat een klein aantal grote concerns. Ongeveer vijfhonderd bedrijven maken deel uit van een van de twaalf grootste bouwconcerns. De bedrijven in de grond-, weg- en waterbouw verkrijgen 60% van hun omzet uit overheidsopdrachten. In 2000 gaf de overheid 5 miljard euro uit aan opdrachten voor grond-, weg- en waterbouw.

Veel bedrijven in de bouw gaan voor grote opdrachten tijdelijke samenwerkingsverbanden aan. Dat wil zeggen dat twee of meer bedrijven samen een opdracht aannemen. Ook onderaanneming komt veel voor. Bijna een derde van het werk wordt uitbesteed aan onderaannemers, bijvoorbeeld aan een installatiebedrijf of hoveniersbedrijf. De meeste bouwbedrijven zijn regionaal actief en maar een paar bouwbedrijven opereren in heel Nederland.

De bouwsector beschikt over een eigen dagblad dat dagelijks berichtgeving verricht over de bouw: Cobouw. Cobouw wordt sinds 1961 dagelijks uitgegeven, maar bestaat al sinds 1857.

De bouwsector is zeer weersgevoelig. Met name vorstperiodes kunnen grote invloed hebben op de gezondheid van de bedrijven. Om de invloed van het weer minder te maken zijn er diverse vorstregelingen. Gespecialiseerde weerbedrijven als Infoplaza voorzien de bouwbedrijven van weeradviezen en de informatie die nodig is om gebruik te maken van de regelingen.

Bouwsector in België[bewerken]

De volgende cijfers geven een beeld van de bouwnijverheidssector in België:

  • Aantal bedrijven: 30.477 (2011)
  • Aantal arbeiders: 166.887 (2011)

Een groot aantal bedrijven in de bouw behoort tot het midden- en kleinbedrijf en er zijn erg veel zeer kleine bedrijven. Er bestaat een klein aantal grote concerns.

Veel bedrijven in de bouw gaan voor grote opdrachten tijdelijke samenwerkingsverbanden aan. Ook onderaanneming komt veel voor.

In België is er een professioneel bouwweekblad: de Bouwkroniek. Hierin vinden bedrijven uit de bouwsector informatie over aanbestedingen, uitslagen, toewijzingen,enz.

Materialen[bewerken]

De volgende materialen zijn belangrijk voor de bouw: zand - grind - hout - kalkzandsteen - baksteen - cement - specie - beton - staal - vlakglas - spouwglas - kunststof - lood

Zie ook[bewerken]

Bronnen, noten en/of referenties