Britse Commando's

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Britse Commando's
Insigne van de Britse Commando's
Insigne van de Britse Commando's
Oprichting 1940
Ontbinding 1946
Land Vlag van Verenigd Koninkrijk Verenigd Koninkrijk
Krijgsmachtonderdeel Alle onderdelen van de British Armed Forces
Type commando
Commandanten Robert Laycock
John Durnford-Slater
Lord Lovat
Ronnie Tod

De Britse Commando's waren Britse commando-eenheden die tijdens de Tweede Wereldoorlog, in juni 1940, op last van premier Winston Churchill in het leven waren geroepen.

Oprichting[bewerken]

In juni 1940 viel Frankrijk en trok de British Expeditionary Force zich via Duinkerken terug. Om toch de oorlog voort te kunnen zetten, besloot Winston Churchill tot oprichting van commando-eenheden. Dit waren kleine, zelfstandige eenheden die aanvallen op het vasteland van Europa moesten uitvoeren. Een commando-eenheid werd aangevoerd door een luitenant-kolonel en bestond aanvankelijk uit ongeveer 450 man verdeeld over zes pelotons (troops) van 75 man, elk op hun beurt verdeeld in secties van 15 man. Tijdens de oorlog werden zo'n twintigtal leger- en 9 marinierscommando-eenheden opgericht. Later werden 17 van de commando-eenheden samengevoegd tot 4 brigades.

No. 10 (Inter-Allied) Commando[bewerken]

In januari 1942 werd het speciale No. 10 (Inter-Allied) Commando opgericht, een geallieerde eenheid waarin buitenlandse vrijwilligers zaten die de talen van de geallieerde landen spraken. De pelotons van deze commando-eenheid waren samengesteld volgens hun nationaliteit:

  • No. 1 en No. 8 bestonden uit Fransen
  • No. 2 uit Nederlanders
  • No. 4 uit Belgen, onder meer actief bij Domburg
  • No. 5 uit Noren, onder meer actief bij Domburg onder commando van kpt. Rolf Hauge, die gewond raakte en later het Military Cross kreeg
  • No. 6 uit Polen
  • No. 7 uit Joegoslaven
  • No. 3 werd later omgedoopt in Miscellaneous Troop en bestond uit een gemengd gezelschap: de meesten hadden een Duitse, Oostenrijkse of Oost-Europese achtergrond, sommigen waren politiek of godsdienstig vluchteling uit nazi-Duitsland

No. 10 (Inter-Allied) Commando is nooit als eenheid ingezet; de verschillende onderdelen werden bij andere commando-eenheden ingedeeld.

No. 2 (Dutch) Troop[bewerken]

Op 22 maart 1942 gingen 48 vrijwilligers van de Prinses Irene Brigade naar het 'Commando Basic Training Centre' in Achnacarry, Schotland. Van hen vielen 24 mannen af, de andere 25 werden naar No. 4 Commando in Troon overgeplaatst, waar No. 2 (Dutch) Troop werd gevormd. Hun commandant werd 1e luitenant P.J. Mulders met als toegevoegde officieren Lt. J. Linzel, Lt. M.J. Knottenbelt en Lt. C.J.L. Ruysch van Dugteren, die via Zuid-Afrika naar Engeland was gekomen. Op 16 juli werd Dutch Troop overgeplaatst naar Portmadoc in Noord-Wales waar zij tot 31 mei 1943 bij No. 10 Commando onder luitenant-kolonel D. Lister werd ingedeeld. Op 6 december kwam prins Bernhard naar Portmadoc om hen een Nederlandse vlag te brengen.

Op 31 mei 1943 verhuisden No. 2 Dutch Troop en No. 10 Commando naar Eastbourne, hun nieuwe thuisbasis. In oktober werden ze voor een training in de bergen naar Braemar gestuurd, een dorp in Noord-Schotland. Op 11 december vertrok No. 2 Dutch Troop met een Britse commandobrigade aan boord van de SS Streadhead vanuit Gourock, en op 15 januari kwamen zij in Bombay aan. Bij Poona werd Dutch Troop in een tentenkamp ondergebracht. Als eenheid werden ze niet ingezet, maar commando's werden apart ingezet bij Britse onderdelen. Zo werden vijf Nederlandse commando's geloot die naar Birma gingen, Knottenbelt en Van der Veer van de 44ste en G. Ubels, Blatt en Koning van de 5de Royal Marine Commando. Ubels kreeg onderweg malaria en werd in een hospitaal opgenomen, de ander vier commando's vervolgden hun weg. Zij vochten tegen de Japanners.

Linzel wilde met Dutch Troop terug naar Europa om tegen de Duitsers te vechten, en bepleitte dit bij onder anderen admiraal Mountbatten in Kandy op Ceylon. Op 18 juli 1944 werd Dutch Troop in Bombay ingescheept en naar Eastbourne teruggebracht. Daar hoorden zij dat de Irene Brigade aan D-Day had meegedaan. Knottenbelt was net op tijd om mee te doen aan Operatie Market Garden, maar raakte gewond, ontsnapte en keerde terug naar Londen.

Namen van Nederlandse commando's
  • M. van Barneveld werd ingezet bij de divisiestaf van generaal-majoor Urquhart tijdens de slag om Arnhem
  • W. de Waard werd ingezet bij de divisiestaf van generaal-majoor Urquhart tijdens de slag om Arnhem
  • A.M. Bakhuis Roozeboom werd ingezet bij de divisiestaf van generaal-majoor Urquhart tijdens de slag om Arnhem
  • K. Baggerman ²)
  • J. van den Bergh ³)
  • A. Bloemink ³)
  • B. Boelema ¹) ³)
  • J.W. Bothe ²)
  • H. Cramer ³)
  • A. van Creveld bevond zich tot 7 november 1944 in Londen
  • J.W. Disbeschl
  • I.J.E. Dullemen ³)
  • K.J.H. Elshof
  • C.A. van de Gender ²)
  • A. Italiaander ³)
  • W. van Gelderen ²)
  • J.A. 'Sam' Kloezeman ³)
  • W. Knijff ³)
  • V.C. Kokhuis ³)
  • M.J. Knottenbelt (1920-2004) ging direct door naar Operatie Market Garden
  • K. Kruit ²)
  • W. 'Bill' de Liefde ¹) ²)
  • J.A. van der Linde ³)
  • J. Linzel ¹) ³)
  • P.J. Mulders, eerste commandant No. 2 (Dutch) Troop
  • L. Persoon ²)
  • C. de Ruiter ¹) ²)
  • C.J.L. Ruysch van Dugteren
  • H.W. van der Steen ²)
  • G.P. Ubels ³)
  • P. Visser ¹) ³)
  • R.B. Visser ³)
  • D. van der Wal ²)
  • J. van Woerden ²)

(lijst is zeer onvolledig)

¹) werden gedetacheerd bij 52° Lowland Division; doel was naar Arnhem te gaan, maar door de tegenslagen aldaar veranderden de plannen en gingen ze op 4 oktober 1944 naar Nijmegen.
²) waren op 1 november betrokken bij de amfibische landing bij Vlissingen; er vielen 2 gewonden. Zij bevrijdden de stad op 2 november.
³) waren op 1 november betrokken bij de amfibische landing bij Westkapelle; er vielen 9 gewonden; Walcheren werd op 3 november bevrijd.

Van Creveld en Knottenbelt (hersteld van zijn verwondingen) kwamen op 7 november 1944 van Londen naar het bevrijde zuidelijke deel van Nederland. Zij vonden ruim honderd vrijwilligers om de gelederen van Dutch Troop te versterken en namen hen via Oostende met de MS Lady of Man mee naar Southampton. Na een eerste opleiding in Petworth werden ze naar Schotland gebracht om de zware commando-opleiding te volgen. Slecht 70 rondden de opleiding met goed gevolg af en werden toegevoegd aan Dutch Troop in Eastbourne. Knottenbelt en Ruysch van Dugteren werden op 3 april 1945 bij Barneveld gedropt ter ondersteuning van de geallieerde troepen.

No. 4 (Belgian) Troop[bewerken]

No. 4 (Belgian) Troop bestond uit Belgen: zeven officieren en 100 mannen van de 1ste Onafhankelijke Belgische Brigade stonden vanaf 7 augustus 1942 onder commando van kapitein George Danloy.

Overzicht commando operaties[bewerken]

Overzicht van alle commando operaties in de Tweede Wereldoorlog

Na de capitulatie[bewerken]

Na de capitulatie gingen de meeste commando's naar huis. Enkele commando's moesten naar Duitsland om in Recklinghausen Duitse gevangenen te bewaken, anderen gingen weer naar Engeland, om daar de landmacht op te bouwen. In oktober 1945 werd Dutch Troop door C. de Ruiter ontbonden.

Herdenking[bewerken]

In 2004 werden 22 oud-commando's en 5 vrouwen door Britse en Franse oud-strijders van No. 10 Commando uitgenodigd voor een herdenking in Normandië. De reis werd begeleid door Jef Dresens.

Externe links[bewerken]