Buurkerk

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Buurkerk
Buurkerk vanuit het zuiden.
Buurkerk vanuit het zuiden.
Plaats Utrecht, Nederland
Gebouwd in 1279-1553
Restauratie(s) 1975-1984
Gewijd aan Maria (tot 1580)
Monumentale status Rijksmonument
Monumentnummer  18353
Architectuur
Bouwmateriaal Baksteen en natuursteen
Stijlperiode Gotiek
Toren 56 m hoog
Koor Gesloopt in 1586
Schip Vijfbeukige kruisbasiliek
Interieur
Diverse Thans in gebruik als museum.
Buurkerk met Domtoren op de achtergrond
Buurkerk met Domtoren op de achtergrond
Portaal  Portaalicoon   Christendom

De Buurkerk is een voormalige kerk in de Nederlandse stad Utrecht. Zij was de oudste van de vier middeleeuwse parochiekerken van de stad (de andere drie waren de Nicolaïkerk, de Jacobikerk en de Geertekerk), en was gewijd aan Maria. Ter onderscheiding van de aan Maria gewijde kapittelkerk werd zij officieel de Maria Minor genoemd. Tegenwoordig biedt het gebouw onderdak aan het Nationaal Museum van Speelklok tot Pierement. De Buurkerk staat vanouds grotendeels ingebouwd tussen de omringende huizen, en is maar vanaf enkele plaatsen goed te zien.

Geschiedenis[bewerken]

Ontstaan[bewerken]

Waarschijnlijk is de Buurkerk in de tiende eeuw ontstaan in de handelswijk Stathe tussen de Oudegracht en Zadelstraat. Deze wijk bleef eeuwenlang het sociale en economische middelpunt van de stad, en de Buurkerk bekleedde een voorname rol in het stadsleven. Vele gilden hadden hier hun altaar, en de stadsraad had een eigen kapel. Naast de gewijde kerkklokken hingen in de Buurkerktoren twee ongewijde stadsklokken: de banklok, die geluid werd bij allerlei openbare aangelegenheden, zoals afkondigingen van raadsbesluiten en het bekendmaken van vonnissen, en de waakklok, die aangaf wanneer de stadspoorten moesten worden geopend en gesloten.

Bouwgeschiedenis[bewerken]

De kerk werd verschillende malen tijdens stadsbranden in de as gelegd: in 1131, 1173, 1253 en 1279. Na de laatste brand verrees een nieuw kerkgebouw. Het betrof een vroeggotische kruisbasiliek, waarvan de karakteristieke toren nog bestaat. Met deze toren werd rond 1370 begonnen. Oorspronkelijk zou hij hoger opgetrokken worden en afgesloten door een achtkantige lantaarn, zoals de Domtoren, maar die plannen zijn nooit verwezenlijkt. In plaats daarvan is een tijdelijke afsluiting gebouwd die nog steeds aanwezig is. De huidige toren heeft een hoogte van 56 meter.

De kerk bleek echter weldra te krap voor de steeds toenemende bevolking. Tussen 1434 en 1456 werd de basiliek ingrijpend uitgebouwd tot een driebeukige hallenkerk. De eerste bouwmeester die daarvoor werd aangesteld was Willem van Boelre, die in de tien jaar daarvoor de verbouwing van de Jacobikerk had uitgevoerd en de bouw van de Domkerk zou gaan coördineren. Van 1456 tot 1499 werd de verfraaiing van het interieur ter hand genomen met onder meer de bouw van een kerkorgel en een koperen koorhek. In de directe omgeving van de kerk ontstond daarnaast omstreeks 1460 de 3e Buurkerksteeg, een steeg die van het huis Zoudenbalch naar de Buurkerk voert.

Tussen 1500 en 1520 kreeg de Buurkerk een nieuw driebeukig koor en een tweede zuiderzijbeuk, waarna in 1540 de tweede noorderzijbeuk werd voltooid. Hiermee was het schip deels vijfbeukig geworden. De laatste bouwfase werd rond 1553 afgesloten met onder meer de bouw van een nieuwe sacristie met wenteltrap. De financieringen van de verbouwingen tussen 1434 en 1553 werden door de parochianen van de Buurkerk zelf opgebracht.[1]

De Buurkerk was de grootste en rijkste parochiekerk in Utrecht, in 1569 had de Buurkerk circa 8000 communicanten op een stadsbevolking van circa 30.000 mensen.

Latere gebeurtenissen[bewerken]

De Buurkerk in Utrecht geschilderd door Pieter Jansz. Saenredam. 1644. Olieverf op eiken paneel
Buurkerk vanaf de Domtoren. Duidelijk is te zien dat het koor ontbreekt

Tijdens het beleg van kasteel Vredenburg door de stadsbevolking in 1577 werden op de toren van de Buurkerk kanonnen opgesteld. In 1566 en 1579 werd de kerk door de beeldenstorm geteisterd, waarna zij toegewezen werd aan de protestanten.

In 1586 werd besloten de gehele koorpartij te slopen, aangezien zij een obstakel vormde voor het verkeer, dat al jarenlang de gewoonte had dwars door het koor heen te trekken. Op de plaats van het koor werd toen de Choorstraat (spreek uit: Koorstraat) aangelegd. In de bestrating van de Choorstraat is tegenwoordig de plattegrond van het voormalige koor te zien.

Bij de zomerstorm van 1674, waarbij het schip van de Domkerk instortte, is ook de grote middeleeuwse kap van het schip van de Buurkerk vernield en vervangen door drie lagere.

Nadat de kerk tijdens de Franse bezetting van 1672 deels als opslagplaats voor haver had gediend, werd zij bij de volgende Franse bezetting vanaf 1795 gebruikt als hooimagazijn, veldbakkerij en stal.

Wegens het teruglopend aantal kerkgangers in de aan kerken rijke Utrechtse binnenstad, werd de Buurkerk in 1975 buiten gebruik gesteld. Na een grondige restauratie werd zij in 1984 in gebruik genomen als Nationaal Museum van Speelklok tot Pierement. Door de inbouw van de verschillende museumzalen is de ruimtewerking in de kerk grotendeels verloren gegaan. De structuren zijn echter zo ingebouwd dat ze het kerkgebouw niet aantasten en zo nodig weer verwijderd kunnen worden.

Klokken[bewerken]

De grote Mariaklok van Jan Tolhuys uit 1534 (2200 kg)

Dankzij de inspanningen van de Stichting Luidklokkenfonds Stad Utrecht, bestaande uit leden van het Utrechts Klokkenluiders Gilde beschikt de toren van de Buurkerk weer over een bijzonder gelui. De vanouds in de toren aanwezige banklok dateert uit 1471 en werd gegoten door Steven Butendiic. Zij heeft een diameter van 165,5 cm en weegt 2600 kilo. De waakklok dateert uit 1541 en werd vervaardigd door Jan Tolhuys. Daarnaast hangen er vier kerkklokken in de toren: de (grote) Maria uit 1534 van Jan Tolhuys, de Andreas uit 1556 van Jan Tolhuys, de (kleine) Maria uit 1559 van Antonis van der Borch en de Bertken uit 2004 van Petit & Fritsen.

  • Stadsklokken:
Naam Slagtoon Diameter
(cm)
Gewicht
(kg)
Gieter Gietjaar
Banklok bes0 165,5 2600 Steven Butendiic 1471
Waakklok a1 90,5 450 Jan Tolhuys 1541
  • Kerkklokken:
Naam Slagtoon Diameter
(cm)
Gewicht
(kg)
Gieter Gietjaar
Grote Maria cis1 152 2200 Jan Tolhuys 1534
Kleine Maria dis1 127 1300 Antonis van der Borch 1559
Andreas eis1 120 1150 Jan Tolhuys 1556
Bertken gis1 101 641 Petit & Fritsen 2004

Trivia[bewerken]

Zie ook[bewerken]

Externe links[bewerken]

Bronnen[bewerken]

  1. L.C.J.J. Bogaers (2003), God Wouts, blz. 68- 122, Jaarboek Oud- Utrecht 2003, PlantijnCasparie Utrecht, ISBN 9071108228