CSS Virginia

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
CSS Virginia
CSS Virginia
CSS Virginia
Geschiedenis
Besteld 11 juli 1861
Werf Gosport Navy Yard, Portsmouth
In de vaart genomen 7 maart 1862
Uit dienst 11 mei 1862
Status tot zinken gebracht door eigen bemanning
Algemene kenmerken
Scheepsklasse ironclad
Deplacement 4100 ton
Lengte 83,8 m
Breedte 15,6 m
Diepgang 6,4 meter
Voortstuwing en vermogen stoommachine van 1200 pk
Snelheid circa 5-6 knopen
(ca. 9-11 km/u)
Bemanning circa 320
Bewapening 2x 7-inch (178mm) kanonnen
2x 6,4-inch (160mm) kanonnen
2x 9-inch (229mm) Dahlgren smoothbores en
2x 12 ponder houwitsers
Bepantsering romp: 1-3 inch (24-76 mm)
dek: 1 inch (25 mm)
kazemat: 4 inch (102 mm)
Vroegere namen USS Merrimack
Portaal  Portaalicoon   Maritiem
CSS Virginia in strijd met de USS Monitor bij Hampton Roads
Vernietiging van CSS Virginia op 11 mei 1862

De CSS Virginia was tijdens de Amerikaanse Burgeroorlog een ironclad, of een met ijzer gepantserd oorlogsschip van de Confederatie.

Aanleiding van constructie[bewerken]

In mei 1861 besluit de Zuidelijke minister van Marine Stephen Mallory, als antwoord op de blokkade van de Zuidelijke havens door de Noordelijke vloot, om naar een manier op zoek te gaan om de blokkade te doorbreken. Hij haalt zijn ideeën uit een verslag van een Engelse oorlogscorrespondent tijdens de Krimoorlog: 'Drie Franse pantserschepen vernietigden in een uur een Russisch fort, zonder zelf ook maar enige averij op te lopen. De Russische projectielen kwamen met oorverdovend lawaai tegen het schip, ketsten af en landden in het water.' Een van de Franse schepen was de La Gloire.

Bouw[bewerken]

Minister Mallory bepleit de bouw van een pantserschip bij het Geconfedereerd Congres en krijgt twee miljoen dollar om het project te financieren. Mallory ontmoet Luitenant-ter-zee en ingenieur John Mercer Brooke en vraagt hem om een pantserschip te ontwerpen, met een tiental kanonnen en een platte romp, dat geschikt is om op rivieren en op zee te varen. Ingenieur Brooke besluit het schip schuine flanken te geven zodat projectielen erop zouden afketsen. Het ontwerp wordt spottend een 'omgekeerde badkuip' of een 'drijvende graanschuur' genoemd. Het project stuit echter op een praktisch probleem: de ijzergieterij van Richmond, de grootste van de Confederatie, beschikt niet over de benodigde machineonderdelen, en het zou minstens 12 maanden duren om de motoren te bouwen.

Brooke komt met een alternatief plan: in april 1861 had de Confederatie de zuidelijke oever van een baai aan de kust van Virginia, Hampton Roads, veroverd. Het Noordelijke leger had bij hun aftocht enkele schepen moeten laten zinken en achterlaten. De romp, machinekamer en stoomketels van de USS Merrimack bleken nog intact te zijn, en het wrak zou kunnen worden omgebouwd tot pantserschip. Minister Mallory geeft zijn fiat voor dit idee.

Weldra steekt echter een tweede probleem de kop op: er is te weinig ijzer voorhanden. Mallory laat oud ijzer en oude treinrails omsmelten tot pantserplaten. Zo'n 1500 arbeiders werken dag en nacht om het schip af te krijgen. Als laatste wordt de Virginia voorzien van een ruim 500 kilogram wegende stormram. Op 8 maart 1862 wordt de CSS Virginia te water gelaten en zet ze onder het bevel van kapitein Franklin Buchanan koers naar Hampton Roads.

Voordelen[bewerken]

  • De schuine flanken van de Virginia waren zwaar versterkt met ijzer, waardoor kogels erop afketsten.
  • De schroef en aandrijfketting werden beschermd door een plaat massief ijzer.

Nadelen[bewerken]

  • De Virginia was zeer zwaar en dus zeer langzaam en moeilijk wendbaar.
  • Enkel het bovenste gedeelte van het schip was bepantserd. Naarmate meer kolen en munitie verbruikt werden werd het schip lichter en kwam de ongepantserde romp boven water te liggen.

De Slag bij Hampton Roads[bewerken]

De Slag bij Hampton Roads vond plaats op 9 maart 1862 tijdens de Amerikaanse Burgeroorlog. Op 8 maart had de Virginia twee schepen van de Unie, de USS Cumberland en de USS Congress, tot zinken gebracht en de USS Minnesota zwaar beschadigd. Op de volgende dag ontmoette de Virginia de USS Monitor. De twee schepen draaiden langzaam rond elkaar en vuurden op elkaar. De Monitor kreeg de overhand en de Virginia moest na drie en een half uur vechten het strijdtoneel verlaten.

Einde van de CSS Virginia[bewerken]

Op 10 mei 1862 kwamen oprukkende troepen van de Unie in Norfolk aan. De Virginia was niet zeewaardig waardoor ontsnappen naar zee geen optie was. De rivier opvaren was ook onmogelijk vanwege de grote diepgang. De bemanning poogde de diepgang te verminderen door al het mogelijke, waaronder steenkool voor de stoommachine, overboord te gooien waarmee het schip meer boven water kwam te liggen. Dit was echter onvoldoende en de nieuwe kapitein, Josiah Tattnall, gaf bevel het schip te vernietigen om het niet in handen van de vijand te laten vallen. De laatste kanonnen werden verwijderd en in de ochtend van 11 mei 1862 werd het schip opgeblazen door explosieven in de romp.

Externe links[bewerken]

Bronvermelding[bewerken]

  • s.n. (2012): 'Pantsermonsters zijn houten schepen de baas' Historia, nummer 7, pp 72-77