Caldera de Taburiente

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Caldera de Taburiente
Uitzicht op de enorme wanden van de Caldera
Uitzicht op de enorme wanden van de Caldera
Hoogte 2423 m
Coördinaten 28° 43′ NB, 17° 52′ WL
Ligging La Palma
Caldera de Taburiente
Caldera de Taburiente
Portaal  Portaalicoon   Aardwetenschappen

Parque Nacional de la Caldera de Taburiente is een nationaal park op het eiland La Palma, Canarische Eilanden, Spanje. Het bevat het enorme gebied van de Caldera de Taburiente, waarvan eens gedacht werd dat het een gigantische caldera of vulkaankrater was, maar waarvan men nu weet dat het een erosiekrater betreft, die het noordelijke gedeelte van het eiland domineert. Het werd in 1954 aangewezen als nationaal park.

De caldera heeft een doorsnede van ongeveer 10 kilometer en op sommige plekken torenen de wanden 2000 meter boven de calderabodem uit. Het hoogste punt is de Roque de los Muchachos op de noordwand met een hoogte van 2423 meter. Deze top is bereikbaar over de weg. De telescopen van de Roque de los Muchachos Observatory bevinden zich vlak bij de top.

Gedurende de Spaanse verovering van de Canarische Eilanden in de 15e eeuw was de caldera de plek waar de voormalige bewoners van de archipel, de Guanches, het laatst standhielden. Het bleek onneembaar te zijn voor de Spanjaarden en ze versloegen enkel de Guanches door hun leider in een hinderlaag te lokken onder het voorwendsel te willen onderhandelen.

De Cumbrecita bevindt zich op een lager punt op het zuidoostelijke gedeelte van de rand van de caldera en geeft een mooi uitzicht op de caldera. In het zuidwesten loopt de caldera uit op de zee over een rivierbedding genaamd Cumbrecita. De Cumbre Nueva is een bergrug die begint bij de caldera en verder doorloopt naar het zuiden.

Geologische ontstaansgeschiedenis[bewerken]

Caldera de Taburiente (blik vanuit het zuiden)

Opeenvolgende gebeurtenissen die hebben geleid tot huidige vorm van de Caldera de Taburiente [1]:

  • Een magmakamer bevindt zich onder een uit elkaar bewegende plaatgrens.
  • Het resultaat is een onderzeese vulkaan van 4000 m boven de zeebodem met zeer steile flanken en opeenstapeling van lagen van zeer dik kussenlava. Aslagen ontbreken.
  • De vulkanische kegel verheft zich door uitbreiding van de magmakamer. De piek reikt tot 600 m boven de zeespiegel. De ondiepe kustgebieden waar nu de meeste bewoning is op het eiland vinden hun oorsprong in deze fase.
  • De volgende vulkanische activiteiten, nu in de open lucht, leiden tot een zeer steile stratovulkaan op het bestaande vulkaankussen. Lava- en aslagen wisselen elkaar af. Het resultaat is een vulkaan met een absolute hoogte van meer dan 7000 meter boven de zeebodem.
  • Door het doordringen van het stijgende magma splijt de topregio, waardoor de westelijke helling verzakt. Overblijfselen van een vulkaankrater van de voormalige topregio zijn te zien op de Pico de la Nieve. Door de wrijving blijven delen van de wegzakkende massa gekarteld achter. Het belangrijkste gedeelte valt van de steile helling in de diepe zee. De rotslawine ligt direct voor de caldera op de zeebodem.
  • De rivier Taburiente laat in de buurt van de zee een terras van gravel achter op de vlakte die ontstaan is door de verzakking.
  • Een nieuwe vulkaan (Bejenado) ontstaat in het hart van deze vlakte. Zijn as en lava te vullen de caldera.
  • Door andere vulkaanuitbarstingen aan de zuidelijke rand van het eiland ontstaat veel nieuw land. Het resultaat is de Cumbre Vieja, het jonge vulkanische gebied op de zuidelijke helft van het eiland.
  • Door de ijstijd (klimaatverandering) vindt zeer veel erosie plaats. Waar het vulkanische segment eerder was verzakt breidt de Barrancoformatie zich uit tot aan de basis van kussenlava.
  • De meest recente historische vulkaanuitbarstingen (sinds 1470) geven de indruk dat de topregio opnieuw zal splijten, nu in het zuiden van het eiland. In 1949 ontstond een lange breuk van noord naar zuid in de topregio. De uitbarstingen in de flank van de recente lavastromen laten echter zien dat de lava een lagere uitgang kon vinden. Het opnieuw verzakken van de topregio in de zee lijkt daarom onwaarschijnlijk.
Bronnen, noten en/of referenties