Cannabinoïde

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

Een cannabinoïde is een stof die kan binden aan een cannabinoïdereceptor, waarvan er minstens 2 typen bestaan, CB1 en CB2. Er zijn lichaamseigen cannabinoïden, zoals anandamide en 2-arachidonylglycerol(2-AG), evenals cannabinoïden van plantaardige oorsprong, In hennep (cannabis) zijn diverse van deze botanische cannabinoïden aanwezig, waaronder tetrahydrocannabinol (THC) die verantwoordelijk is voor psycho-actieve werking van deze drug. Stimulatie van de CB1 receptor zorgt voor een eetluststimulerend effect, 'eetbuien' zijn een bekend nevenverschijnsel van cannabisgebruik. Het geneesmiddel rimonabant blokkeert deze receptor en heeft een eetlustremmend effect. In oktober 2008 is rimonabant echter vanwege de ernstige bijwerkingen en geringe werkzaamheid verboden.

De medicinale werking van cannabinoïden als antioxidant en neuroprotectant is vastgelegd in het US Cannabis Patent#6,630,507,000 BI Hampson et al.[1]

Cannabinoïden als medicijn tegen kanker[bewerken]

In een publicatie in de Nature Reviews-Cancer[2] stelt Dr. Manuel Guzman uit Madrid dat cannabinoïden, de groei van tumoren in cel-culturen en muizen remmen. Dat doet de cannabinoïde door de sleutelcellen die de groei van kankercellen stimuleren te veranderen. Kankercellen hebben geen automatische groeistop zoals de meeste cellen in ons lichaam, ze blijven doorgroeien en missen dus de noodrem die de groei stopt. De cannabinoïde levert deze noodrem en stopt de groei van de cel zelf maar ook de bloedvaten naar de tumor worden actief afgebroken waardoor de tumor geen nieuwe voeding krijgt. Hierdoor sterft de tumor uiteindelijk af.

Bronnen, noten en/of referenties