Carl von Basedow

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Carl Adolph von Basedow

Carl Adolph von Basedow (Dessau, 28 maart 1799Merseburg, 11 april 1854) was een Duits arts die vooral bekend werd door zijn beschrijving van wat later wel de ziekte van Basedow of ziekte van Graves genoemd zou worden. Hij studeerde geneeskunde aan de universiteit van Halle. In 1822 vestigde von Basedow zich als huisarts en chirurg in Merseburg in Saksen-Anhalt. Hij kreeg daar later de functie van districtsarts en interesseerde zich vooral voor oogaandoeningen.

In 1840 beschreef hij dezelfde aandoening als Robert James Graves enkele jaren eerder. Von Basedow bepaalde in zijn artikel de belangrijkste symptomen van de ziekte in de zogenoemde trias van Mersenburg: naar voren geplaatste ogen, struma en een versnelde hartslag. Hij constateerde dat de patiënt vaak vermagerd was, ondanks een toegenomen of overmatige eetlust. Dit alles als gevolg van een te sterk werkende schildklier. Acht jaar daarna publiceerde Von Basedow zijn bevindingen tijdens het pathologisch onderzoek bij een patiënt met Glotzaugen. Hij noemde hier onder andere het zwellen van de oogspieren en het vetweefsel in de oogkas. Dit veroorzaakt het uitpuilen van de ogen.

In 1838 werd hij door de Pruisische koning in de adelstand verheven.

De grote interesse die Von Basedow had in pathologie werd hem uiteindelijk fataal. In 1854 sneed hij zichzelf tijdens de obductie van een patiënt met vlektyfus. Basedow raakte besmet en overleed op 11 april zelf aan vlektyfus. Zijn Ierse collega Robert Graves was hem al voorgegaan. Deze stierf op 20 maart 1853 in Dublin.

Referenties[bewerken]