Carmina Burana (Orff)

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Carmina Burana
Componist Carl Orff
Gecomponeerd voor solisten, koor, twee vleugels en slagwerk
later ook voor symfonieorkest
Première 8 juni 1937
Portaal  Portaalicoon   Klassieke muziek
Afbeelding eerste bladzijde van het handschrift Carmina Burana

De Carmina Burana is een compositie van Carl Orff.

Geschiedenis[bewerken]

Carmina Burana is een niet-middeleeuwse compositie in geheel eigen stijl. Orff selecteerde in 1935 een aantal liederen uit de middeleeuwse Carmina Burana en schreef er zijn eigen muziek bij. Naast de muziek schreef hij ook een lichtprogramma. De ondertitel was dan ook: Profane liederen gezongen door solisten en koor, begeleid door instrumenten en magische beelden. Orff schreef het stuk origineel voor solisten, koor, twee vleugels en slagwerk. Later herschreef hij de instrumentatie van Carmina Burana naar één voor een geheel symfonieorkest. Op 8 juni 1937 was de wereldpremière in de opera van Frankfurt.

Indeling werk[bewerken]

Het eerste deel van de compositie genaamd “In de Lente” bestaat uit liefdesliederen, het tweede deel “In de Taverne” uit drank- en gokliederen en het derde deel “In de hof der liefde” uit liederen over de zinnelijke liefde. Het geheel wordt voorafgegaan en besloten door een hymne aan Fortuna, de godin van het lot, namelijk O Fortuna. Orff beeldt het leven uit als een soort rad van fortuin. Motto van het stuk is: Soms heb je geluk, maar de dag erna kan je alweer helemaal in de put zitten. Het is daarom belangrijk volop te genieten van de momenten van intens geluk, want het duurt vaak maar even.

Fortuna Imperatrix Mundi Fortuna, Heerseres van de Wereld
1. O Fortuna Latijn Oh Fortuna koor
2. Fortune plango vulnera Latijn De wonden die Fortuna sloeg, beklaag ik koor
I – Primo vere In de Lente
3. Veris leta facies Latijn Het vrolijke gezicht van de lente kleinkoor
4. Omnia Sol temperat Latijn De Zon verwarmt alles bariton
5. Ecce gratum Latijn Kijk, de aangename lente koor
Uf dem anger In de wei
6. Tanz   Dans instrumentaal
7. Floret silva Latijn/Middelhoogduits Het edele woud staat in bloei koor
8. Chramer, gip die varwe mir Middelhoogduits Kramer, geef me kleur koor (klein en groot)
9. a) Reie   Reidans instrumentaal
9. b) Swaz hie gat umbe Middelhoogduits Wat hier in de rondte danst koor
9. c) Chume, chum, geselle min Middelhoogduits Kom, kom, m'n liefje kleinkoor
9. d) Swaz hie gat umbe (reprise) Middelhoogduits Wat hier in de rondte danst (reprise) koor
10. Were diu werlt alle min Middelhoogduits Als heel de wereld van mij was koor
II – In Taberna In de Taveerne
11. Estuans interius Latijn Verscheurd door innerlijke woede bariton
12. Olim lacus colueram Latijn Ooit bewoonde ik meren (de gebraden zwaan) tenor, mannenkoor
13. Ego sum abbas Latijn Ik ben de abt (van Cucanië) bariton, mannenkoor
14. In taberna quando sumus Latijn Wanneer wij in de taveerne zijn mannenkoor
III – Cour d'amours De Hof der Liefde
15. Amor volat undique Latijn Amor vliegt overal sopraan, jongenskoor
16. Dies, nox et omnia Latijn/Oudfrans Dag, nacht en alles (is tegen mij) bariton
17. Stetit puella Latijn Er stond een meisje (in een rode tuniek) sopraan
18. Circa mea pectora Latijn/Middelhoogduits In mijn hart (zijn veel verlangens) bariton, koor
19. Si puer cum puellula Latijn Als een jongen en een meisje (bij elkaar zijn) 3 tenoren, bariton, 2 bassen
20. Veni, veni, venias Latijn Kom, kom, kom toch dubbelkoor
21. In trutina Latijn In de weifelende balans (van mijn gevoelens) sopraan
22. Tempus est iocundum Latijn Dit is de tijd van vreugde sopraan, bariton, jongenskoor
23. Dulcissime Latijn Jij, allerzoetste sopraan
Blanziflor et Helena Blancefloer en Helena
24. Ave formosissima Latijn Gegroet gij allerschoonste koor
Fortuna Imperatrix Mundi Fortuna, Heerseres van de Wereld
25. O Fortuna (reprise) Latijn Oh Fortuna koor

Inspiratie[bewerken]

Carl Orff liet zich bij het componeren niet alleen inspireren door de middeleeuwse teksten, maar vooral ook door de afbeelding op de eerste bladzijde van het middeleeuwse handschrift in de Bayerische Staatsbibliothek. Op deze miniatuur zien we een wiel, het is het rad van fortuin. Onderaan het wiel ligt een koning in de modder, erbij staat: regnum non habeo, oftewel: ik heb geen koninkrijk. Links stijgt hij op met het wiel, erbij staat: Regnabo, oftewel, ik zal regeren. Bovenaan het wiel zit hij op de troon: regno, oftewel: ik regeer. Rechts daalt hij met het wiel af, erbij staat regnavi: ik heb geregeerd. De koning eindigt weer waar hij begon: onderaan. De compositie vertelt hetzelfde verhaal. We beginnen onderaan het wiel: het noodlot wordt beklaagd. Dan komt de lente, de natuur komt tot bloei en de liefde bloeit ook op, dit mondt uit in de lyrische uitroep: ik zou alles geven om bij de koningin van Engeland in de armen te liggen; hiermee zijn we bovenaan het wiel aangeland, in zekere zin is het koningschap bereikt. Vervolgens dalen we langzaam weer af, de afdaling is een overgave aan de liefde, die uitmondt in de totale overgave: Dulcissime, totam tibi subdo me, oftewel: allerzoetste, ik onderwerp me geheel en al aan jou. Daarmee is de cirkel rond. [1]

Beleving[bewerken]

De Carmina Burana van Orff spreekt bij zeer veel mensen tot de verbeelding. Met name het koorstuk O Fortuna is in vele films en reclames te horen geweest.

De Carmina Burana wordt nog met enige regelmaat opgevoerd.

Trivia[bewerken]

Externe link[bewerken]

Bronnen, noten en/of referenties
  1. De afbeelding van dit wiel is te vinden op het Engelstalige Wikipedia-artikel