Catharina II van Rusland

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Catharina II
1729-1796
Rokotov Portrait Catherine II.jpg
Tsarina van Rusland
Periode 1762-1796
Voorganger Peter III
Opvolger Paul I
Keizerin gemalin van Rusland
Periode 1762
Voorganger Aleksej Razoemovski
Opvolger Sophia Dorothea van Württemberg
Vader Christiaan August van Anhalt-Zerbst
Moeder Johanna Elisabeth van Holstein-Gottorp
Dynastie Ascaniërs
Catharina de Grote in 1770
Catharina de Grote in 1783
Catharina de Grote in 1793, geschilderd door Johann Baptist von Lampi.

Catharina II Aleksejevna (Russisch: Екатерина II Алексеевна, Jekaterina II Aleksejevna) (Stettin, 2 mei 1729 - Tsarskoje Selo, 17 november 1796), bijgenaamd Catharina de Grote (Russisch: Екатерина Великая, Jekaterina Velikaja) was van 1762 tot 1796 tsarina van Rusland. Ze werd in het Duitse Stettin geboren als Sophia Augusta Frederica, prinses van Anhalt-Zerbst-Dornburg, dochter van vorst Christiaan August van Anhalt-Zerbst en hertogin Johanna Elisabeth van Holstein-Gottorp. Ze was een nicht van de koningen Gustaaf III en Karel XIII van Zweden en van de Russische troonopvolger Peter III.

Persoonlijk leven[bewerken]

In 1744 selecteerde keizerin Elisabeth haar als huwelijkskandidaat voor de Russische troonopvolger Peter III. Daarvoor moest ze zich wel bekeren tot het Russisch-orthodoxe geloof en veranderde ze haar naam in Catharina (Jekaterina). Het huwelijk was niet gelukkig, mede doordat Peter niet erg stabiel was. Toen Peter een minnares nam, verzamelde Catharina een groep invloedrijke personen en belangrijke legerofficieren om zich heen, waaronder Grigori Orlov en Grigori Potjomkin. In 1754 kreeg Catharina een zoon, de latere tsaar Paul I. Waarschijnlijk is Peter de vader van Paul, maar helemaal zeker is dit niet, want Catharina verspreidde later geruchten dat haar toenmalige minnaar, Sergej Saltykov, de vader van Paul was, mogelijk ingegeven door de toen al langlopende vijandschap tussen haar en haar zoon.

Na de dood van keizerin Elisabeth op 25 december 1761 (juliaanse kalender) kwam Peter aan de macht. Hoewel Rusland in oorlog was met Pruisen, koesterde Peter een grote vriendschap voor Frederik de Grote en sloot hij een ongunstige Vrede van Sint-Petersburg met Pruisen, zeer tegen de zin van de groep legerofficieren rondom Catharina. Na terugkeer van een oorlogscampagne in Denemarken werd Peter door deze groep gedwongen om ten voordele van Catharina afstand te doen van de troon. Catharina leidde de coup en de tsaar werd afgezet. Zes maanden later werd Peter gedood door Aleksej Orlov, de jongere broer van Catharina's minnaar Grigori. Dit leidde tot speculaties dat Catharina opdracht gegeven zou hebben tot de moord op Peter.

Tijdens haar regeerperiode versleet Catharina een aantal, men telt er twaalf, opvallend jonge minnaars.[1] Als ze genoeg had van een minnaar, bonjourde ze hem weg met een landgoed en lijfeigenen en nam ze een nieuwe. Veel van deze mannen vervulden belangrijke functies aan het hof, vooral Grigori Potjomkin. In 1762, toen Catharina nog maar een paar maanden regeerde, kregen zij en Orlov een zoon, Aleksej Bobrinski. Catharina's laatste minnaar, prins Platon Zoebov, was meer dan 40 jaar jonger dan zij.

Catharina kreeg in november 1796 een beroerte en overleed zonder nog bij kennis te komen. Er doen veel wilde verhalen de ronde: het bekendste is dat ze overleed onder een hengst; dit verhaal is echter exemplarisch en vooral ingegeven door haar vele andere escapades en zijn mogelijk afkomstig van de Marquis de Sade, die haar opvoerde in zijn roman Juliette, of De voorspoed van de ondeugd. Ze werd opgevolgd door haar zoon Paul, met wie ze reeds lange tijd in onmin leefde. Hoewel ze een veel betere band had met haar kleinzoon Alexander, heeft ze haar recht om zelf een opvolger te benoemen nooit gebruikt. Catharina ligt, net als alle andere tsaren van Rusland, begraven in de Petrus-en-Pauluskathedraal (Sint-Petersburg). Haar zoon liet haar naast haar man Peter begraven, iets wat zeker niet naar haar wens geweest zou zijn.

Catharina werd al tijdens haar leven de "Messalina van de Newa" genoemd maar in werkelijkheid was er sprake van seriële monogamie waarbij haar minnaars elkaar opvolgden. Opvallend is het verhaal van het erotisch kabinet dat Catharina zou hebben laten bouwen en inrichten.[2] De laatste ooggetuigenverslagen daarvan dateren uit 1941.[3] Meubilair gedecoreerd met fallussen en vrouwelijke geslachtsorganen en erotische wandschilderingen zouden een geheime suite in een van haar paleizen hebben gesierd. De preutse Sovjets hebben het meubilair nooit tentoongesteld en het appartement in Gatsina brandde in de Tweede Wereldoorlog af. Er zijn een aantal slecht afgedrukte foto's van in omloop.[4]

Binnenlandse politiek[bewerken]

Verlichting[bewerken]

Gedurende bijna haar hele leven had Catharina zich voorbereid op regeren; ze las Machiavelli en voerde correspondentie met bekende filosofen uit het tijdperk van de verlichting, zoals Voltaire en Diderot. Hoewel ze elkaar nooit hebben ontmoet, maakte Catharina met haar brieven een grote indruk op Voltaire en hij noemde haar De ster van het noorden en Semiramis van Rusland.

In 1767 liet Catharina haar Instructie, dat gebaseerd was op het werk van Charles Montesquieu publiceren.[5] Zij liet dit door een wetgevende commissie beoordelen, waarin alle bevolkingsgroepen behalve de lijfeigenen waren vertegenwoordigd. Het bestuur werd gedecentraliseerd en er was sprake van een tendens naar deling van macht. Hiermee werd haar reputatie in het Westen gevestigd. Toch was de heerschappij van Catharina, die zich vanaf die tijd de Grote liet noemen, in de praktijk allerminst verlicht. Catharina gaf de adel volledige controle over hun lijfeigenen en landgoederen. Door gebiedsuitbreidingen in het zuiden, tijdens de Turks-Russische Oorlogen werden de oorspronkelijke heersers als adel aan het Russische hof opgenomen. De moslims uit het Krimkanaat verleende ze gelijke rechten en gaf aan de nieuwe edelen het recht om moskeeën te bouwen.

Revolutie[bewerken]

In 1773 begon een opstand van de Kozak Jemeljan Poegatsjov, die zich uitgaf voor Catharina's voormalige echtgenoot Peter III. In eerste instantie werd deze opstand zo goed als genegeerd, maar nadat belangrijke steden in handen waren gekomen van de opstandelingen, liet Catharina de opstand genadeloos neerslaan. Poegatsjov werd gearresteerd, in een kooi naar Moskou vervoerd en daar publiekelijk geëxecuteerd.

De Franse Revolutie van 1789 was een grote schok voor Catharina, omdat zij inzag dat de idealen van de Verlichting hadden geleid tot deze revolutie. Bevreesd dat een dergelijke revolutie ook in Rusland kon plaatsvinden, liet zij alle schijn van de Verlichting vallen en trok de teugels nog een stuk strakker aan. Van enige vrijheid van meningsuiting was daarna tot haar dood geen sprake meer. Verschillende schrijvers werden gearresteerd wegens kritiek op het hof en verbannen naar Siberië. Alleen de bij het grote publiek immens populaire toneelschrijver Denis Fonvizin, die bovendien bescherming genoot van de invloedrijke voormalig minister van Buitenlandse Zaken graaf Nikita Panin, kon in zijn stukken verdekt kritiek uiten op het hof.

Desondanks bleef ze sommige ideeën van de Verlichting trouw en probeerde ze in navolging van Peter de Grote Rusland verder te verwesteren. Zo was Rusland één van de eerste landen ter wereld waar de vaccinatie tegen pokken op landelijke schaal werd ingevoerd, een idee dat zij uit het Ottomaanse Rijk haalde. Omdat de Russische bevolking in eerste instantie weigerde zich te laten vaccineren, bood Catharina zichzelf aan als testpersoon. Toen zij na twee weken nog steeds niet ziek was geworden, groeide het vertrouwen bij de bevolking, zodat deze zich massaal liet vaccineren. Ook heeft Catharina een grote rol gespeeld bij het verspreiden van opleidingsmogelijkheden voor kinderen. Bijna iedereen met uitzondering van de toplaag van de bevolking was analfabeet toen Catharina aan de macht kwam; de eerste universiteit was pas in 1755 gesticht. Geïnspireerd door John Locke, schreef Catharina een boek over het opvoeden van kinderen en stichtte ze het befaamde Smolni-instituut voor jonge adellijke meisjes. Deze school werd al snel één van de beste van Europa en accepteerde zelfs kinderen van rijke kooplui. Bovendien slaagde Catharina erin om belangrijke wetenschappers, zoals Leonhard Euler, naar Rusland te halen.

Buitenlandse politiek[bewerken]

Expansie van het Russische Rijk[bewerken]

Aan de westelijke grens zorgde Catharina in 1764 ervoor dat één van haar voormalige minnaars, Stanislaus August Poniatowski, tot de laatste koning van Polen en grootvorst van Litouwen werd gekozen. Hij moest echter lijdzaam toezien hoe Polen-Litouwen in de Poolse Delingen (1772, 1793 en 1795) verdeeld werd onder Rusland, Pruisen en Oostenrijk.

Van 1768 tot 1774 was Rusland in oorlog met het Ottomaanse Rijk. Het Russische leger won belangrijke veldslagen onder leiding van de generaals Pjotr Roemjantsev en Aleksandr Soevorov, terwijl de Russische marine onder leiding van Aleksej Orlov de Turkse vloot volledig in de pan hakte.[6] Door deze overwinningen groeide de Russische invloedssfeer tot in Oekraïne, de Krim en de noordelijke Kaukasus, dat zichzelf onafhankelijk verklaarde van het Ottomaanse Rijk.

Op 8 maart 1780, ten tijde van de Amerikaanse Onafhankelijkheidsoorlog, ondertekende tsarina Catharina de Grote het Verbond van Gewapende Neutraliteit. Ze verklaarde dat neutrale naties het recht hadden om handel te drijven met landen die in oorlog zijn, zonder dat hun handelsvloten zouden worden belemmerd, behalve als het om handel in wapens of munitie zou gaan.

In 1783 annexeerde Catharina de Krim. Uiteindelijk leidde dit tot een Tweede Russisch-Turkse oorlog van 1787 tot 1792, waarbij Rusland, wederom onder leiding van Roemjantsev en Soevorov, grote militaire overwinningen behaalde. Bij de vredesonderhandelingen moesten de Turken definitief de Krim afstaan aan Rusland en kreeg Rusland er bovendien het land in Oekraïne tussen de rivieren Dnjepr en Dnjestr bij.

In het noorden begon in 1788 Catharina's neef, koning Gustaaf III van Zweden, een oorlog om de in 1720 aan Rusland verloren Baltische gebieden terug te veroveren, in een verrassingsaanval. Catharina leende grote sommen geld bij Henry Hope. In eerste instantie faalde het Zweedse plan volkomen en Gustaaf leed grote verliezen. In 1790 keerde het tij ten gunste van Zweden en werd een vredesakkoord gesloten waarbij de grenzen werden vastgesteld zonder dat enige partij gebiedsuitbreiding had gekregen.

Alles bij elkaar groeide Rusland tijdens Catharina's bewind met 518.000 km2, een gebied 12 maal de oppervlakte van Nederland of 17 maal de oppervlakte van België.

Diplomatie[bewerken]

De eerste minister van Buitenlandse Zaken van Catharina, graaf Nikita Panin, verspilde vele miljoenen roebels in een poging om een alliantie te smeden tussen Rusland, Pruisen, Zweden en Polen als tegenwicht tegen de coalitie tussen Frankrijk en Oostenrijk. Toen echter bleek dat deze alliantie er niet zou komen, viel Panin in ongenade en werd hij in 1781 ontslagen. Desondanks bleef hij een invloedrijk man, onder meer omdat zijn broer, generaal graaf Pjotr Panin, de opstand van Jemeljan Poegatsjov had neergeslagen. Panin werd opgevolgd door prins Aleksandr Bezborodko, die voor de verkiezing van Poniatowski in Polen-Litouwen had gezorgd.

Catharina was zich altijd bewust van haar imago in het westen, dat mede opgebouwd werd door haar briefwisseling met Voltaire. Ze probeerde dit verder uit te bouwen door een bemiddelende rol te spelen in verschillende conflicten, waaronder in de troonopvolgingsstrijd in Beieren in 1778.

Kunst en cultuur[bewerken]

Het offer van Abraham. Een van de Rembrandts uit de verzameling van Catharina

Catharina probeerde haar imago als verlicht vorstin hoog te houden door cultuur te stimuleren in de Russische samenleving. Zolang men zich onthield van kritiek, had men niets te vrezen van de nietsontziende censuur. De dichter Gavrila Derzjavin was een graag geziene gast aan het hof. Net als elke andere vorst, probeerde Catharina haar gasten te imponeren met haar kunstverzameling. Bij Catharina nam dat echter extreme vormen aan. Catharina verzamelde een uitzonderlijk groot aantal snuifdozen. In twintig jaar tijd kocht Catherina 4.000 schilderijen. Bij elke veiling, waar dan ook in Europa, was wel een agent van Catharina aanwezig om de topstukken te kopen. Via de Berlijnse koopman en kunsthandelaar Johann Ernst Gotzkowsky kwamen in 1764 een aantal doeken van Rembrandt, Frans Hals, Jan Steen en Rubens in Russisch bezit. De 317 schilderijen die hij vanwege zijn faillissement aan de Russische kroon leverde, vormden het begin van de collectie in de Hermitage. In 1769 kocht zij zeshonderd schilderijen van Heinrich von Brühl. In 1772 regelde Denis Diderot de aankoop van de collectie Pierre Crozat. Een andere aankoop was de collectie van Sir Horace Walpole in 1779, waarbij in Engeland - net als bij de vorige aankoop in Frankrijk - veel protest ontstond.

De porseleinverzameling[bewerken]

In de Hermitage wordt een van de belangrijkste porseleinverzamelingen ter wereld bewaard:

  • Frederik de Grote schonk haar een servies toen hij vernam dat zij van porselein hield. Het servies is gemaakt bij KPM in Berlijn (1770-1772) met scènes uit de Russisch-Turkse oorlog en gravures van Philips Wouwerman en David Teniers;
  • Catharina schonk een in Rusland gemaakt servies aan Grigori Orlov (1770);
  • Een eerste bestelling bij Wedgwood in 1770 (24-delig);
  • Een bestelling in Meissen van een ensemble met mythologisch karakter (40-delig);
  • Een tweede bestelling bij Wedgwood (1773-1774) met Engelse landschappen en landhuizen en kikkers op de rand (952-delig) en voor 50 personen;
  • Een bestelling in Sèvres voor een servies met cameeën op een hemelsblauwe achtergrond (1777-1779) (800-delig). Dat servies schonk zij aan haar geliefde Potemkin, toen die de Krim had weten in te lijven, of toen ze hem als minnaar de laan uit stuurde. De vervaardiging kostte een fortuin. Ze marchandeerde bij de fabriek op de verlangde prijs. De uiteindelijke betaling vond plaats in 1792 en redde de fabriek van de ondergang;
  • Een bestelling in Moskou voor het Winterpaleis: het Sint Joris-, het Alexander-, het Andreas- en het Vladimirservies (in 1777, 1780, 1783 en 1785);
  • Een bestelling in China na 1785 van een dessert- of theeservies versierd met de tweekoppige Russische adelaar en Sint Joris;
  • Een bestelling in Kopenhagen met bloemen en planten uit Denemarken en Noorwegen( Flora Danica, 1790};
  • Een bestelling in Rusland in 1793 van het Kabinetservies met gravures van Giovanni Battista Piranesi.

Bronnen[bewerken]

  • Coutts, H. (2001) The Art of Ceramics. European Ceramic Design 1500-1830, p. 129, 175, 185, 201.
  • Koedrjavtseva, T. & N. Kazakevitsj (1996) De verzameling porselein en aardewerk. In: Catharina de Grote. De keizerin en de kunsten. Uit de schatkamers van de Hermitage. Eindredactie: John Vrieze. With English summary, p. 188-211.
  • Russen en Nederlanders. Uit de geschiedenis van de betrekkingen tussen Nederland en Rusland 1600-1917. Rijksmuseum Amsterdam 1989. Tekst: Jozien J. Driessen.
  • Waegemans, E. "De filosofe op de troon. Het literaire werk van Catherina II van Rusland". Antwerpen, Benerus, 2010. ISBN 9789080636385
Bronnen, noten en/of referenties
  1. "CATHERINE THE GREAT: Love, Sex, and Power" een essay door Virginia Rounding ISBN 0-312-32887-7
  2. Herbert T. Altenhoff, "Catherine the Great: Art, Sex Politics." in "Slavic Review", Vol. 35, No. 1 (maart 1976)
  3. Ooggetuigenverklaringen van Duitse soldaten op
  4. [1]
  5. De broer van Pieter van Woensel maakte een Nederlandse vertaling
  6. Jan Hendrik van Kinsbergen diende van 1771 tot 1775 in de Russische marine.