Cees Veerman (The Cats)

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Cees Veerman
Cees Veerman in 1970
Cees Veerman in 1970
Algemene informatie
Volledige naam Cees M. Veerman
Bijnaam Poes
Geboren 6 oktober 1943
Geboorteplaats Volendam
Overleden 15 maart 2014
Overlijdensplaats Jogjakarta
Land Nederland
Werk
Jaren actief Jaren zestig-negentig
Genre(s) Palingsound
Beroep(en) Zanger, tekstdichter, gitarist
(en) Allmusic-profiel
(en) Last.fm-profiel
Portaal  Portaalicoon   Muziek

Cees Veerman (Volendam, 6 oktober 1943Jogjakarta, 15 maart 2014)[1][2] was een Nederlands muzikant. Hij werd bekend als zanger, songwriter en gitarist van The Cats.

Biografie[bewerken]

Veerman speelde op jonge leeftijd in de formaties Spoetnik Boys en Electric Johnny & The Skyriders, en ging vervolgens verder met Arnold Mühren, Piet Veerman (geen familie) en Jaap Schilder als The Mystic Four. Ze veranderden hun naam in The Blue Cats en vervolgens in The Cats, terwijl ondertussen Theo Klouwer zich als nieuwe drummer bij hen aansloot. Veerman schreef een aantal nummers voor The Cats.

The Cats op Schiphol voor hun vertrek naar Indonesië, 1971

Met The Cats kende hij eind jaren zestig en begin jaren zeventig een groot aantal successen, waaronder met nummer 1-noteringen in de Top 40 voor Lea (1968), Why (1969), Marian (1970), Where have I been wrong (1970) en Be my day (1974). De best verkochte single was One way wind uit 1971 die in de Top 40 op de derde plaats terechtkwam en verder ook hoge noteringen behaalde in België, Duitsland en Zwitserland. The Cats worden gezien als de grondleggers van de Palingsound, een term die oorspronkelijk door Joost den Draaijer gegeven werd aan uit Volendam afkomstige popmuziek. Een ander bekend nummer van zijn hand is The end of the show uit 1980.[3][4]

Cees Veerman was de leadzanger op de singles van The Cats, tot Piet Veerman in 1968 het nummer Times were when zong. Dit nummer bracht de wijziging in de stijl die de bandleden zochten en had eveneens tot gevolg dat Cees Veerman sindsdien niet meer de leadzanger op de singles was. Wel zong hij de lead tijdens concerten die op dat moment nog de belangrijkste bron van inkomsten vormden. Hierover zei hij zelf begin jaren zeventig: "Van dat werk als What a crazy life en Sure he's a cat wilden we af. We werden door heel wat mensen afgedaan als een feestgroepje en dat irriteerde ons toch wel erger dan we wilden toegeven."[5]

In 1972 kreeg Veerman problemen met zijn stem. Nadat hij een maand was uitgevallen en de dokter aangaf dat zijn stembanden hersteld waren, bleef hij over van alles piekeren, tot en met dingen als de Vietnamoorlog. Dat jaar verliet hij The Cats en werd hij vervangen door Piet Keizer. In november 1973 was hij weer terug en zong hij de helft van de nummers van de lp Home.[5]

Na de opnames in de VS kondigden ze aan met optredens te stoppen. Cees Veerman was een van bandleden die sterk gekant was tegen het nieuwe koers van de nieuwe elpee Love in your eyes. Al Capps liet in tegenstelling tot Leyen en Jongbloed weinig ruimte aan eigen inbreng van The Cats. Cees Veerman was er daarom niet meer bij toen The Cats naar de VS gingen voor de opname van de tweede elpee door Capps, Hard to be friends .[6]

EMI stelde de bandleden in staat met eigen werk te komen, waaraan ook Cees Veerman or gaf. Hij kwam in deze tijd met het soloalbum Another side of me. De individuele albums waren echter in verhouding tot de platenverkopen van de band weinig succesvol. The Cats tekenden ook weer voor een tiental optredens en een jaar later volgden ze met de single met de toepasselijke titel We should be together.[7] In 1979 gingen The Cats opnieuw uit elkaar en na een volgende comeback viel de band in 1985 definitief uit elkaar.

De depressieve perioden van Veerman bleven niet beperkt tot de periode 1972-74, maar kwamen ook later terug. In een interview met Ursul de Geer van 1994 kwam onder meer aan de orde dat hij veel baat had bij het middel prozac.[8] Ook in andere interviews sprak hij er open over, bijvoorbeeld door te erkennen dat in zijn composities soms te merken was dat hij piekerde over het leven en waar het naar toe ging met de wereld. Dit zou te merken zijn geweest aan de teksten en soms ook aan de namen van de liedjes. Een manier die hij toepaste om dit te corrigeren was bijvoorbeeld door een positieve toon aan het refrein mee te geven; een voorbeeld dat hij hiervan gaf was het nummer Let's follow the sun (1972).[9]

In 1994 kwamen Veerman, Mühren en Schilder nog met een nieuwe samenstelling, samen met Jan Akkerman (gitaar) en Flaco Jimenez (accordeon). Hun album Shine on kende echter niet het succes van vroeger. Op 23 maart 2006 werd Veerman samen met de nog levende Cats-leden Veerman (Piet), Schilder en Mühren benoemd tot lid in de Orde van Oranje Nassau.[7] In 2012 speelde hij nog mee met de Tribute To The Cats Band.

Sinds februari 2011 woonde Veerman met zijn vrouw in Indonesië. Hier overleed hij in de nacht van 14 op 15 maart 2014 in zijn slaap.[1][2]

Discografie[bewerken]

Nuvola single chevron right.svg Voor de discografie van The Cats, zie The Cats#Discografie

Er verscheen één soloalbum van Veerman:

Composities[bewerken]

Nuvola single chevron right.svg Zie ook lijst van nummers van The Cats

Veerman schreef zevenenveertig nummers, veelal alleen en een enkele keer samen met anderen, die The Cats op elpee en single uitbrachten. Twee ervan kwamen als single in de Top 40 terecht: She was too young (1978) en The end of the show (1972, single in 1980).

Veerman werd in de jaren zestig beïnvloed door de muziek van The Kinks, waarvan hij Ray Davies een van de grootste liedjesschrijver in de popgeschiedenis is blijven vinden. Hij waardeerde diens cynische kijk op de maatschappij, hoewel hij zelf geen Vietnam-liedjes heeft geschreven voor The Cats. Die kwamen er toch niet door, aldus Veerman in 1994.[9]

Veerman was volgens Arnold Mühren de pionier in het schrijven van liedjes.[10] Zijn eerste compositie die op een plaat verscheen, Hopeless try (1966), schreef hij samen met Chris Keenan en verscheen op de B-kant van What a crazy life; dit laatste nummer was de eerste single van The Cats die de Top 40 bereikte. Verder schreef hij Without your love (1967) met Mel Andy voor de B-kant van Sure he's a cat, en waren Silent breeze (1983) en Canción de la sierra (1984) de enige nummers op B-kanten die hij samen met andere Cats componeerde.

Zijn composities bleven door de jaren heen terugkeren op B-kanten van singles, negen anderen dan genoemd, waaronder But tomorrow (1967), I've been in love before (1972), Nobody cares (1976), If I could be with you now (1983) en Only words (1994). Het nummer Don't waste my time (1970), een B-kant van het nummer Vaya con Dios, kwam acht maal terug op een verzamelalbum, bijna even vaak als de nummer 11-hit Don't waste your time van de hand van Piet Veerman.

Verder schreef hij nog tweeëndertig nummers die alleen op elpees van The Cats verschenen en acht nummers voor zijn soloalbum Another side of me uit 1976. Zijn nummers keerden later vele malen terug op verzamelalbums van The Cats.

Zijn composities werden ook gecoverd door andere artiesten, waaronder het nummer Without your love door Frans Krassenburg, de eerste zanger van The Golden Earrings, op zijn album Here's a heart uit 1968.

Singles uit zijn pen[bewerken]

Single(s) met eventuele hitnoteringen in
de Nederlandse Top 40
Datum van
verschijnen
Datum van
binnenkomst
Hoogste
positie
Aantal
weken
Opmerkingen
She was too young 1978 08-07-1978 24 5
The end of the show 1980 29-03-1980 5 10
Bronnen
  1. a b Bericht op The Cats Volendam van Arnold Mühren, 15 maart 2014
  2. a b RTVNH, Bandlid Cees Veerman van The Cats overleden, 15 maart 2014
  3. NOS, "Cat" Cees Veerman overleden, 15 maart 2014
  4. Dick de Boer, Palingsound: 100 jaar muzikaal bloed in Volendam, 2006, ISBN 9058975150, pag. 47, 54-55
  5. a b Jip Golsteijn, De Cats, een Hollands succesverhaal, oktober 1973, pag. 60, 71-73, herdruk in 2008, ISBN 978-9030500414
  6. Johan Tol en Michel Veerman, Lost on Larrabee - The 'Love in your eyes' recordings in L.A. - The Cats, 2014, pag. 92-93
  7. a b Muziekencyclopedie The Cats
  8. Ursul de Geer, Interview, 1994
  9. a b Trouw, 'Lea', Arbeidsvitaminen voor het leven, 28 juli 1994
  10. One Way Wind the magazine, Arnold Mühren, nummer 5, oktober 2003, pagina 15

Literatuur