Cegerxwîn

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

Cegerxwîn (Mardin, 1903Stockholm, 22 oktober 1984), Koerdisch voor Het bloedende hart, was een Koerdisch dichter. Zijn eigenlijke naam was Sjeikmoes Hasan.

Cegerxwîn werd geboren in het dorpje Hesar in de Koerdische provincie Mardin in Noord-Koerdistan, toen nog Ottomaans bezit. Hij verloor al op jonge leeftijd zijn ouders. In 1925 vluchtte hij naar Syrië, in 1958 naar Irak en in de jaren zeventig naar Libanon. In 1979 vluchtte hij opnieuw voor de onderdrukking in Koerdistan naar Zweden. Hij was toen 76.

Chronologische gebeurtenissen[bewerken]

  • In 1920 begint Cegerxwîn aan zijn universitaire carrière.
  • In 1937-1938 richt Cegerxwîn samen met een paar vrienden in Amude een groep op die opkomt voor de rechten van de Koerden.
  • In 1948 wordt Cegerxwîn actief in de Syrische communistische partij.
  • In 1949 wordt Cegerxwîn voor het eerst opgepakt.
  • In 1950 wordt Cegerxwîn vredesactivist.
  • In 1957 verlaat Cegerxwîn de Communistische partij en richt hij samen met een aantal vrienden de organisatie AZADI op; hierna wordt men één met de Koerdische Democratische Partij.
  • In 1959 wordt hij Koerdische taal aan de Universiteit van Bagdad.
  • In 1962 verbiedt het Iraakse regime onderwijs in het Koerdisch aan de Universiteit van Bagdad en Cegerxwîn wordt opgepakt.
  • In 1963 wordt Cegerxwîn opnieuw opgepakt in Syrië.
  • In 1979 vlucht Cegerxwîn naar Zweden.

Literatuur[bewerken]

In Europa lukte het hem diverse boeken en dichtbundels uit te geven die geen enkele uitgever in het Midden-Oosten wilde uitgeven vanwege de gevoeligheid van de Koerdische kwestie.

Zijn eerste gedichten verschenen in het tijdschrift Hawar en zijn eerste dichtbundel verscheen in 1974. Cegerxwîn wordt vaak de vader van de Koerdische literatuur genoemd; hij heeft niet alleen veel gedichten geschreven en boeken uitgegeven, maar ook aan universiteiten in Koerdistan lesgegeven. Zijn boeken gingen ook over de Koerdische geschiedenis en de geschiedenis van de Koerdische literatuur.

Een bekend gedicht van Cegerxwîn is “Waar is mijn Koerdistan?”

Het vermijden van al het foute gedrag,
Waar is mijn Koerdistan?

Waar zijn mijn boomgaarden;

Waar zijn mijn tuinen?

De vijand heeft alles afgenomen;

Onze voorouders waren groots,

zij gaven ons trots en faam

maar we verloren wat we erfden;

ach, waar is mijn Koerdistan?

Onze valleien die we verloren, onze hoogvlaktes, onze forten

we worden vreemdelingen in ons eigen land.

Ik geef mijn ogen voor jou

ik zal mijn leven aan je wijden

mijn schone Koerdistan.

Vandaag hebben we geen rechten;

we lijden in de handen van de tirannen;

beroofd van macht en rijkdom;

uitgesloten van onderwijs.

Mijn hart bloedt voor jou;

dag en nacht ben je in mijn gedachten

mijn schone Koerdistan.

Cegerxwîn

Het einde[bewerken]

Hoewel Cegerxwîn nooit een vrij Koerdistan heeft meegemaakt en altijd op de vlucht is geweest, heeft hij aan veel activiteiten rond de Koerden en Koerdistan deelgenomen. Zo is hij politiek actief geweest, en de thema’s van zijn gedichten waren naast de liefde ook het Koerdisch nationalisme en de strijd tegen de onderdrukking van zijn volk.

Cegerxwîn werd begraven in Qamishlo (West-Koerdistan), waar hij een groot deel van zijn leven had doorgebracht.