Celso Costantini

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Celso kardinaal Costantini

Celso Benigno Luigi Costantini (Castion di Zoppola, 3 april 1876Rome, 17 oktober 1958) was een Italiaans geestelijke en kardinaal van de Rooms-katholieke Kerk.

Costantini studeerde in Rome filosofie en theologie en promoveerde in beide vakgebieden, alvorens op 26 december 1899 tot priester gewijd te worden. Hij verrichtte vervolgens pastoraal werk in het het bisdom Concordia-Pordenone, van welk bisdom hij in 1914 apostolisch administrator was. Van 1919 tot 1920 was hij vicaris-generaal van het bisdom en in 1920 werd hij benoemd tot apostolisch administrator van Fiume. Op 22 juli 1922 benoemde paus Benedictus XV hem tot titulair bisschop van Hiërapolis en tot gezant van de Heilige Stoel in China. Daar hield Costantini zich actief bezig met de missie. Hij belegde een eerste Chinese bisschoppenconferentie en stond aan de wieg van de katholieke Fu Jen universiteit in het tegenwoordige Taiwan. In 1931 richtte hij de Congregatie van de Discipelen van de Heer op, een Chinese missiecongregatie die vandaag de dag nog steeds bestaat. Nadat hij in 1933 uit China was teruggekeerd, benoemde paus Pius XI hem tot secretaris van de Congregatie tot Voortplanting des Geloofs. Tijdens het consistorie van 12 januari 1953 nam paus Pius XII hem op in het College van Kardinalen. Hij kreeg de Santi Nereo e Achilleo als titelkerk.

Costantini lag in het ziekenhuis, waar hij een vaatchirurgische ingreep moest ondergaan, terwijl de voorbereidingen werden getroffen voor het Conclaaf van 1958. Even nadat hij had laten weten zich gesterkt genoeg te voelen om aan het conclaaf deel te nemen, overleed hij aan de gevolgen van een hartaanval. Zijn uitvaart werd door 31 kardinalen, die voor het conclaaf in Rome waren, bijgewoond.