Kleine hersenen
De kleine hersenen (Latijn: cerebellum) zijn een onderdeel van het centraal zenuwstelsel. De eerste functie van het cerebellum is de coördinatie van bewegingen om ze vlot en nauwkeurig te maken. Schade aan het cerebellum leidt tot schokkerige bewegingen en kan ook evenwichtsproblemen geven. De kleine hersenen zijn een van de eerste structuren die beïnvloed worden door alcohol, wat de bewegingsproblemen bij dronkenschap verklaart. De kleine hersenen zijn ontwikkeld uit de achterhersenen en bestaan uit twee helften die ongeveer de grootte van een perzik hebben. Ze nemen ongeveer tien procent van het totale hersenvolume in. De kleine hersenen zijn onderdeel van de achterhersenen.
Inhoud |
[bewerken] Ligging en anatomische indeling
De kleine hersenen liggen in de achterste schedelgroeve. Het tentorium cerebelli, een uitstulping van het harde hersenvlies scheidt de kleine hersenen van de achterhoofdskwab van de grote hersenen. Aan de voorkant van de kleine hersenen bevindt zich de vierde ventrikel. Dit hersenventrikel ligt tussen pons van de hersenstam en de kleine hersenen in.
De buitenste lagen cellen van de kleine hersenen, ook wel de cortex cerebelli genoemd, is grijze stof. De grijze stof bevat de cellichamen van de zenuwcellen. Deze schors is van buiten naar binnen in de volgende drie lagen te verdelen: de moleculaire laag, welke nauwelijks cellen bevat, de laag met purkinjecellen en een laag met korrelcellen. Verder naar de binnenkant is de witte stof te vinden. Hier liggen vooral gliacellen, andere ondersteunende cellen en zenuwbanen. Middenin de witte stof liggen echter een aantal gebieden met grijze stof en dus zenuwcellen. Dit zijn de nucleus dentatus, de nucleus emboliformis, de nucleus fastiguus en de nuclei interpositi.
De kleine hersenen zijn onderverdeeld in drie delen:
- de voorkwab
- de achterkwab
- de lobus flocculonodularis
De voorkwab en de achterkwab worden door een diepe groeve gescheiden: de fissura prima. De lobus flocculonodularis wordt van de achterkwab gescheiden door de fissura posterolateralis. Het is niet mogelijk de kwabben vanaf de buitenkant van elkaar te onderscheiden. Hiervoor is het nodig het weefsel door te snijden. De voorkwab wordt onderverdeeld in vijf kwabjes. Deze zijn genummerd van één tot vijf. De achterkwab is onderverdeeld in kwabje zes tot en met negen. De lobus flocculonodularis bestaat geheel uit kwabje nummer tien.
Op de oppervlakte van de kleine hersenen zijn veel kleine plooien te zien. Deze worden folia genoemd (in het Latijn is een folium een boomblad). Deze folia maken het mogelijk dat de kleine hersenen zeer dicht van structuur zijn. In dit deel van het centrale zenuwstelsel liggen hierdoor de helft van de zenuwcellen. Al die boombladeren worden samen vaak de levensboom, arbor vitae genoemd.
[bewerken] Zenuwbanen
De kleine hersenen hebben de volgende soorten inkomende zenuwbanen:
- De mosvezels. Deze zenuwbanen komen uit het ruggenmerg en het verlengde merg en gaan naar de korrelcellen in de cortex cerebelli.
- De klimvezels. Hebben hun oorsprong in de pons en gaan naar de purkinjecellen.
Deze zenuwbanen komen uit de volgende gebieden van het centrale zenuwstelsel. Tussen haakjes staat de soort informatie aangegeven.
- Uit het ruggenmerg informatie over de proprioceptie. (sensibel)
- Uit de hersenstam, bijvoorbeeld informatie over evenwicht. (sensibel)
- Uit de primaire somatosensibele cortex met als wetenschappenlijke code S1. In dit gebied van de grote hersenen komt informatie binnen met betrekking tot de tast en de positionering van ledematen. (sensibel)
- Motorische cortex, code M1. (motorische informatie)
- Premotorische cortex. (motorische informatie)
- Gehele schors van de grote hersenen. (associatief).
De uitgaande zenuwbanen lopen voornamelijk naar de motorische en premotorische cortex. De banen lopen via de motorische kernen in de thalamus
[bewerken] Functie
Door deze informatie spelen de kleine hersenen een rol bij de volgende gedragingen:
- Bewegingscontrole
- Bewegingsplanning
- Balans
- Rotaties van de as van het lichaam
- beïnvloeden van emotionele en mentale processen
De kleine hersenen zijn voor de fijne afstelling tussen waarnemingen en bewegingen. Ze dienen als schakelcentrum voor de aansturing van spieren. Representaties van nieuw geleerde bewegingen worden vermoedelijk in de kleine hersenen opgeslagen. De kleine hersenen lijken echter ook betrokken te zijn bij het uitvoeren van sterk geautomatiseerde handelingen, waarbij zij mogelijk de bewegingscoördinaten van bewegingen verschaffen, zonder tussenkomst van hogere motorische centra in de premotore schorsgebieden. Men vermoedt verder dat ook een functie als tijdschatting (timing) met het cerebellum verbonden is. Mensen met beschadigingen in de kleine hersenen kunnen bijvoorbeelde niet meer goed de duur schatten van een geluid, of het moment van een toekomstige gebeurtenis voorspellen (zoals een tennisspeler de bewegingen van een tegenstander anticipeert). Ook is het cerebellum betrokken bij associatieve leerprocessen zoals in klassiek conditioneren. Zo blijken laesies van het cerebellum het aanleren, maar ook de retentie van een eenmaal aangeleerde geconditioneerde oogknipreflex te verstoren. Mogelijk hangt dit laatste ook samen met een stoornis in de timing van gedragsfuncties.(1) Verder zijn er een aantal circuits van emotionele en mentale prikkelverwerking, waarbij ook het cerebellum wordt aangedaan.
[bewerken] Wat er verder mis kan gaan
Bij overmatig alcoholgebruik worden de kleine hersenen deels uitgeschakeld, wat leidt tot karakteristieke ongecoördineerde bewegingspatronen (dronkemansgang (ataxie), zwalken).
Een simpele test om te zien of er sprake zou kunnen zijn van beschadigingen in kleine hersenen is te vragen of iemand met zijn wijsvinger het puntje van zijn neus kan aanraken met zijn ogen dicht. Indien het puntje van de neus wordt gemist kan dat duiden op beschadiging of intoxicatie van de kleine hersenen.
[bewerken] Zie ook
[bewerken] Referenties
(1) Perret, S., Ruiz & Mauk, M. (1993), Cerebellar cortex lesions disrupt learning-dependent timing of conditioned eyelid responses. Journal of Neuroscience, 13, 1708-1718.
| Zenuwstelsel |
|---|
|
Centraal zenuwstelsel: Hersenen · Grote hersenen (Telencephalon) · Hippocampus · Kleine hersenen (Cerebellum) · Hersenstam · Verlengde merg · Ruggenmerg |
| Zie de categorie Cerebellum van Wikimedia Commons voor meer mediabestanden. |