Charles Hubert Parry

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

Charles Hubert Hastings Parry (Bournemouth, 27 februari 1848 - Knight's Croft (Sussex), 7 oktober 1918) was een Engels componist. Hij is het bekendst door zijn compositie And did those feet in ancient time uit 1916 naar het gedicht Jerusalem van William Blake, een patriottistisch lied dat jaarlijks luidkeels door het publiek wordt meegezongen tijdens de Last Night of the Proms.

Hubert Parry stamde uit gegoede kringen. Zijn grootvader was lid geweest van de directie van de Britse Oost-Indische Compagnie. Parry ging naar kostschool op onder andere Eton. Hij studeerde aan Exeter College te Oxford. Daarna ging hij muziek studeren in Stuttgart en nadien in Londen. In 1880 schreef hij een pianoconcert en verwierf hij bekendheid met een zetting van Shelleys gedicht Prometheus Unbound. Zijn latere collega Charles Villiers Stanford dirigeerde de première van dit werk. Een veel groter succes werd zijn koorwerk Blest Pair of Sirens (1887) dat hem op slag tot Engelands beste componist van koormuziek maakte. Parry ging oratoria schrijven en componeerde daarnaast bijvoorbeeld een zetting van Psalm 130, De profundis (1891). Dear Lord and Father of Mankind is een van zijn geliefdste kerkliederen. Verder schreef hij ook orkestwerken, onder andere vijf symfonieën, symfonische variaties, het symfonisch gedicht From Death to Life en de Elegy for Brahms (1897).

In 1884 werd Parry benoemd aan het Royal College of Music te Londen waar hij tot zijn dood bleef werken. Hij werd in 1894 de directeur van dit conservatorium. In 1900 volgde hij John Stainer op als hoogleraar muziek te Oxford. Hoewel Edward Elgar Parry's cantates bewonderde, vonden deze werken weinig waardering bij het publiek. Van zijn latere werken vallen vooral te noemen de Coronation Anthem I was glad (naar Psalm 122), de vaderlandslievende hymne Jerusalem (And did those feet in ancient time), later georkestreerd door Elgar, en de Songs of Farewell (1916-1918) voor koor a capella.

Parry's stijl staat onder grote invloed van Johann Sebastian Bach en Johannes Brahms, maar heeft toch een eigen, soms hoekig, karakter door de diatoniek die hij veelvuldig toepaste. In ieder geval is het opmerkelijk hoe onmiskenbaar "Engels" zijn muziek klinkt. De symfonische variaties staan op het niveau van Brahms' Haydn-variaties en Antonín Dvořáks Symfonische variaties. Met name Elgar en Ralph Vaughan Williams werden door hem geïnspireerd. Door zijn brede activiteit schoot zijn eigen compositorisch oeuvre erbij in, maar hij was vele jaren de spil van het Engelse muziekleven, ook door zijn publicaties. Van de symfonieën en symfonische gedichten zijn opnamen verschenen op het label Chandos.

Werken (selectief)[bewerken]

  • 1877: Concertstuk in g
  • 1881: Symfonie 1
  • 1883: Symfonie 2
  • 1888: Symfonie 3 'Engelse'
  • 1889: Symfonie nr. 4
  • 1892: Lotus eaters
  • 1895: Invocation to music
  • 1897: Symfonische variaties
  • 1897: Elegie voor Brahms
  • 1906: The soul's ransom
  • 1912: Symfonie 5 '1912'
  • 1914: From death to life
  • 1915: Engelse suite
  • The frogs-incidental music
  • Overture to unwritten tragedy
  • An English Suite (postuum)