Code Napoléon

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Begin van de Code Napoléon

De Code Napoléon is de benaming voor de Code civil, het Franse burgerlijk wetboek uit 1804 dat veel navolging vond. In dit wetboek werd het privaatrecht van Frankrijk overal gelijk gesteld en gecodificeerd.

Ook latere wetboeken of codes, die tot stand kwamen tijdens de heerschappij van Napoleon, worden soms wel aangeduid als de ‘Code Napoléon’, namelijk (betreffende):

  • burgerlijke rechtspleging (Code de procédure civile) in 1806
  • koophandel (Code de commerce) in 1807
  • strafwetboek (Code pénal) in 1810
  • strafvordering (Code d'instruction criminelle) in 1808.

Code civil[bewerken]

Totstandkoming[bewerken]

Al voor de publicatie van de Code Napoléon, werden al decreten uitgevaardigd. Hier een decreet over een burgerlijke scheidingwetten op 31 december 1799 in de Journal de Bruxelles.

In 1800 stelde eerste consul Napoleon Bonaparte een commissie van vier eminente juristen, onder wie Jean-Étienne-Marie Portalis, aan onder voorzitterschap van "Aartskanselier" en medeconsul Jean-Jacques Régis de Cambacérès om een burgerlijk wetboek voor de Fransen op te stellen. Cambacérès had reeds gedurende de Franse Revolutie driemaal een voorstel ingediend (1793, 1794 en 1796). Zij kregen van Napoleon 2,5 maanden de tijd om het nieuwe wetboek op te stellen met als basis de ontwerpen van Cambacérès - die vrijwel klaar en afgewerkt waren. Uiteindelijk werkten de juristen vijf maanden aan het nieuwe wetboek. Het nieuwe wetboek werd kritisch ontvangen door een aantal republikeinen in de Senaat: het ontwerp zou niet overeenkomen met het beoogde doel van de Revolutie. Napoleon verwijderde een aantal kritische verkozenen (onder meer Benjamin Constant). De vergaderingen van de Senaat hadden niet het recht van Amendement, waardoor de nieuwe wetgeving zonder wijzigingen moest worden behandeld (gezien de vorige mislukking van Cambacérès in de Assemblées). De Code civil nam uiteindelijk de vorm aan van 36 wetten die werden aangenomen tussen 1803 en 1804 en werden uitgevaardigd op 21 maart 1804 (30 ventôse jaar XII). Als inspiratiebron diende onder meer het XVIIe eeuwse Les lois civiles dans leur ordre naturel van Jean Domat, het XVIe eeuwse Coutume de Paris, de Coutume du Nord en het Romeinse recht. Het belangrijk wetshervormend werk onder Lodewijk XV, in het bijzonder de decreten van kanselier d'Aguesseau, ontwikkeld tussen 1731 en 1750, vormden een solide basis voor testamenten, schenkingen, valsheid, en substituties. Wat betreft het hypotheekrecht kon men niet terugvallen op het Ancien Régime: de schrijnende tekortkomingen van de oude wetgeving waren opzettelijk (de discretie over de toestand van familiefortuinen was expliciet ingeroepen door d'Aguesseau, pas op 27 juni 1795 werden hypotheken totaal openbaar; de Code Napoléon verminderde opnieuw de openbaarheid).

Napoleons rol[bewerken]

Napoleon was de opdrachtgever voor deze wetgeving; niet duidelijk is welke inhoudelijke rol Napoleon eventueel heeft gespeeld bij de totstandkoming ervan.

Volgens de mythevorming zou Napoleon de ene na de andere slimme wet hebben toegevoegd. Anderen beweren dat Napoleon de Code slechts hier en daar wat 'bedorven' zou hebben. Er wordt onder andere beweerd, dat de op Corsica geboren Napoleon zijn familieraad groot gezag gaf over de andere familieleden; een afspiegeling van de Corsicaanse verhoudingen. Werkgevers kregen veel rechten, terwijl de werknemers zich niet mochten organiseren.[1]

Napoleon had grote verwachtingen van 'zijn' Code Civil. Geïnspireerd door de grote voorbeelden van de 18e eeuw hoopte Napoleon de nieuwe Solon van de Franse maatschappij te worden. De Code Civil zou een brug moeten slaan tussen het bewind van voor de grote revolutie en het bewind na de Revolutie.

Omdat Napoleon de opdrachtgever, en misschien ook medewerker, was van het nieuwe wetboek, werd het wetboek in Europa de Code Napoléon genoemd, een exportproduct van de napoleontische oorlogen.

Doel[bewerken]

Het doel van het Wetboek was

  1. dat de wet geschreven en duidelijk zou zijn en dat eenieder zijn rechten zou kennen; de wet moest dezelfde zijn voor het hele land;
  2. de burgerlijke staat, de burgerlijke stand en met name het huwelijk werden onttrokken aan het kerkelijk recht;
  3. eigendom van onroerende goederen zonder allerlei feodale rechten.

De praktijken van onder het Ancien régime werden geünificeerd en aangevuld met de republikeinse principes van vrijheid en gelijkheid. Er werd ook teruggegrepen naar de traditie van het Romeins recht en het Wetboek van Justinianus, het Corpus Iuris Civilis.

De codificatie als ideaal was in Napoleons tijd al een paar eeuwen oud. Dit verlangen kwam in de eerste plaats voort uit het verlangen naar rechtseenheid, één verenigd wetboek voor één verenigd volk. Ook de behoefte aan rechtszekerheid heeft een grote rol gespeeld en wat betreft het strafrecht hangt de codificatiegedachte nauw samen met het "nulla poena sine lege praevia poenali". Dit is het legaliteitsbeginsel, wat inhoud dat iemand alleen kan worden gestraft voor iets waar op het moment dat hij of zij de misdaad beging een wet voor was. Napoleon heeft met zijn code civil niet voldaan aan de behoefte van het Franse volk. Achter deze codificatie was de rechtsonzekerheid nog erger dan onder het Ancien régime zonder Code. Dit wordt echter in de mythevorming van Napoleon de Wetgever nog al eens weggelaten. De andere wens van het volk was de centraliserende werking van het ene Rechtsboek voor het hele land. Als men die toenemende eenwording ziet als iets positiefs, als een vooruitgang op de schilderachtige en chaotische tijd, die er aan vooraf ging, dan kan men zeggen dat de Code hierin goed tot uitdrukking is gekomen.

Wat veranderde er intussen[bewerken]

De bepalingen die het meest zijn veranderd, hebben betrekking op het familierecht. In 1804 was de man het gezinshoofd; bij haar huwelijk werd de vrouw onbekwaam. Kinderen geboren buiten het huwelijk hadden weinig of geen rechten.

De al te liberale contractuele vrijheden werden ook aangepast. De moderne wetgevingen beschermen eerder zwakke partijen als werknemers en consumenten.

De onroerende eigendom is veel meer ingeperkt door regels van ruimtelijke ordening.

Wat is hetzelfde gebleven[bewerken]

De Code Napoleon is in Frankrijk en België opmerkelijk gelijk gebleven op het vlak van de algemene beginselen van het contractenrecht. De nummering van de artikelen van het Franse en het Belgische wetboek is nog voor een groot deel hetzelfde gebleven, zelfs al is de inhoud intussen vaak verschillend geworden. Nederland is met zijn nieuw Burgerlijk Wetboek iets verder "weggedreven", met name door de introductie van de redelijkheid en billijkheid in het Nederlands recht als corrigerend rechtsmiddel. Dat maakt dat in Nederland de rechter de vrijheid heeft naar eigen inzicht iets van de letterlijke inhoud van de wet af te wijken. In Nederland is de rechtspraak minder strak.

In België en Frankrijk wordt de Code zelfs tot op de dag van vandaag gebruikt, maar wel sterk aangepast. In veel andere landen heeft de Code Civil gediend als basis voor de wetgeving en regelt het personenrecht, het zakenrecht en het verbintenissenrecht. Dit is echter vrij logisch als je bedenkt dat Napoleon de Code als exportproduct gebruikte tijdens zijn bewind. Hij voerde de Code door in alle landen die hij veroverde. Daarmee wordt duidelijk dat Napoleon gelijk had met zijn Code Civil. Toen hij op St. Helena in ballingschap was sprak hij de woorden: "Ma vraie gloire n’est pas d’avoir gagné quarante batailles. Waterloo effacera le souvenir de tant de victoires. Ce que rien n’effacera, ce qui vivra éternellement, c’est mon Code civil." (vertaling: Mijn echte roem komt niet van het feit dat ik veertig veldslagen heb gewonnen. De herinnering aan Waterloo zal zovele overwinningen uitwissen. Wat door niets zal worden uitgewist, wat eeuwig zal voortbestaan, is mijn Code civil.)

Code pénal[bewerken]

De antiklerikale Napoleon brak met de gewoonte dat het strafrecht de door de kerk verboden gedragingen bestrafte. Plichten, verboden en bestraffing waren gebaseerd op het algemeen belang en de openbare orde. Een verbod op homoseksuele handelingen ontbrak bijvoorbeeld in de Napoleontische wetgeving.

Zie ook[bewerken]

Bronnen, noten en/of referenties
  1. Jacques Presser, Napoleon (1946)