Commerciële televisie

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

Met commerciële televisie worden omroepen of zenders bedoeld die niet hoofdzakelijk uit belastinggeld worden betaald. Anders dan bij de publieke omroep wordt commerciële televisie voor het grootste deel uit reclameopbrengsten betaald.

België[bewerken]

In België heeft men zowel in Vlaanderen als Wallonië commerciële zenders. In Wallonië kreeg CLT in 1987 een licentie voor commerciële televisie en RTL TVI (Télévision indépendante) wordt gelanceerd in september. RTL-TVi was echter niet meteen succesvol, onder andere ook door de concurrente van Franse zenders, zoals TF1. In februari 1995 volgt Club RTL. In Vlaanderen werd met het kabeldecreet van 17 januari 1987 commerciële televisie ook wettelijk toegestaan. Vanaf februari 1989 kwam er in Vlaanderen de commerciële zender VTM, die door zijn populaire programmering wel erg succesvol werd. In 1994 bracht de Amerikaanse-Zweedse groep SBS een onverwachte commerciële zender VT4 op de markt. VTM volgde door zijn tweede kanaal Ka2 op te starten. De naam Ka2 of KANAALTWEE werd op 29 februari 2008 gewijzigd in 2BE. In 2012 werden VT4 en VIJFtv verkocht aan Woestijnvis, de naam werd vervangen door VIER voor VT4, en VIJFtv werd VIJF.

Een aantal Vlaamse commerciële zenders zijn:

Nederland[bewerken]

Het duurde in Nederland tot 1988 voordat een commercieel kanaal toegang kreeg tot de kabel. Het beleid was er daarvoor op gericht dat commerciële televisie buiten het Nederlandse omroepbestel moest worden gehouden. De filosofie was dat een pluriformiteit aan stromingen en meningen slechts in beeld kon worden gebracht als dit zonder winstoogmerk gebeurde. Op grond van al deze meningen moest de Nederlander zich een beeld van de 'werkelijkheid' kunnen vormen. Commerciële televisie werd zo gezien als bedreiging van de democratie zelve. [1]

In Nederland begon commerciële televisie in 1989 met de oprichting van TV10 door Joop van den Ende. TV10 kreeg als Nederlands televisiestation echter geen toestemming van minister Brinkman om op de Nederlandse kabel te verschijnen. RTL-Véronique, dat een Luxemburgse zender was, kon niet geweigerd worden en begon haar eerste uitzending op 2 oktober 1989.

Een aantal op Nederland gerichte commerciële zenders is:

Een Nederlandse commerciële omroep mag jaarlijks maximaal 20% van de totale zendtijd aan reclame besteden en maximaal 12 minuten per uur.[2]

Regionaal[bewerken]

In sommige provincies zijn naast de publieke provinciale omroepen ook nog commerciele regionale zenders te vinden

Deze televisiezenders moeten niet verward worden met de publieke zenders L1 (Limburg) en Omroep Brabant

Oostenrijk[bewerken]

Verenigde Staten[bewerken]

Zie voor een overzicht Televisie in de Verenigde Staten

Klachten[bewerken]

Een veel gehoorde klacht over commerciële zenders is het feit dat programma's (te) vaak worden onderbroken voor reclameblokken. Vooral het feit dat films worden gepauzeerd door reclame valt niet in goede aarde bij veel kijkers.[bron?]

Bronnen, noten en/of referenties