Committee for Skeptical Inquiry

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
voorzitter van het CSI, wijlen Paul Kurtz (1925-2012).

Het Committee for Skeptical Inquiry (CSI), voorheen Committee for the Scientific Investigation of Claims of the Paranormal (CSICOP), is een Amerikaanse, internationaal werkende non-profitorganisatie die als doel heeft "het bevorderen van kritisch onderzoek naar paranormale en randwetenschappelijke verschijnselen vanuit een verantwoord, wetenschappelijk standpunt, en het geven van feitelijke informatie omtrent de uitkomsten van zulk onderzoek aan de wetenschappelijke gemeenschap en het grote publiek"[1]. Dit betekent dat CSI zich bezighoudt met onderwerpen als astrologie, ufologie en cryptozoölogie, maar ook met onwetenschappelijke standpunten omtrent bijvoorbeeld aids, klimaatverandering en de evolutietheorie.

De organisatie werd in 1976 opgericht als Committee for the Scientific Investigation of Claims of the Paranormal, om tegenwicht te bieden aan de vaak kritiekloze aanvaarding van paranormale beweringen door zowel de media als het grote publiek. De meest prominente leden waren of zijn onder anderen Carl Sagan, Isaac Asimov, Philip Klass, James Randi, Martin Gardner, Stephen Jay Gould, Daniel Dennett, Richard Dawkins, nobelprijswinnaar Steven Weinberg en de huidige voorzitter, Paul Kurtz.[2] Wetenschapsfilosoof Karl Popper was tot zijn dood in 1994 prominent lid van CSICOP.

Het werkgebied van de organisatie is in de loop der jaren uitgebreid. Naast paranormale verschijnselen richt men zich ook op pseudowetenschap, en wetenschap in het politieke en maatschappelijke debat. Om die reden is de naam in 2006 veranderd naar de huidige naam, Committee for Skeptical Inquiry, waarin de nadruk minder wordt gelegd op uitsluitend het paranormale, en meer op wetenschappelijk scepticisme in het algemeen.

Het officiële orgaan van CSI is het tijdschrift Skeptical Inquirer, dat tweemaandelijks verschijnt, en een oplage van 50.000 exemplaren heeft.[3]

CSI wordt regelmatig bekritiseerd, met name door personen en groepen die onderwerp van onderzoek door CSI zijn. In het algemeen komt de kritiek er op neer dat CSI een soort "pseudoscepticisme" zou aanhangen, waarbij men pretendeert sceptisch en open te zijn, maar in werkelijkheid vooraf al een bepaalde mening heeft gevormd, en op basis hiervan opereert. Volgens sommigen verhindert deze houding van CSI juist serieus onderzoek naar vermeende paranormale verschijnselen.[4] Een bekend geval is de "lepeltjesbuiger" Uri Geller, die grote kritiek had op de werkwijze van CSICOP, en meermalen rechtszaken tegen CSICOP en James Randi heeft gevoerd wegens het aantasten van zijn goede naam. Deze rechtszaken zijn uiteindelijk met een schikking beëindigd.[5]

Zie ook[bewerken]

Noten

  1. "The Committee for Skeptical Inquiry encourages the critical investigation of paranormal and fringe-science claims from a responsible, scientific point of view and disseminates factual information about the results of such inquiries to the scientific community and the public.", Website van CSI, csicop.org
  2. About CSI, csicop.org
  3. Forbes Magazine, The Forbes Lunch - 6 maart 2000, online kopie
  4. R. A McConnell, The Sovereignty of Science (Scientific Belief is Obedience to Authority), Journal of Scientific Exploration, vol. 14, pp. 115-120 (2000), Kopie op ramcconnell.com
  5. Marcello Truzzi, An End to the Uri Geller vs. Randi & CSICOP Litigations? in de nieuwsbrief van de Parapsychological Association (1996), online versie