Compost

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Compost

Compost is een donkerbruin tot zwart, kruimelig product dat bestaat uit plantaardige resten zoals selectief ingezamelde groenten, fruitschillen, grasmaaisel, bladeren en snoeihout die door micro-organismen bijna tot humus zijn afgebroken. Compost bevat veel organische stof en verbetert de bodemstructuur doordat voeding en organisch materiaal wordt toegevoegd. Compost wordt gebruikt in de land- en tuinbouw door vermenging met, of bestrooiing van, de bovenlaag van de bodem.

Composteren is te vergelijken met wat in het bos gebeurt als afgevallen bladeren, twijgjes en dode planten en dieren zich omvormen tot donkerbruine bosgrond. Compost ruikt ook enigszins naar bosgrond. Het is het resultaat van het composteringsproces. Het is een humusproduct dat organismen bevat en gemineraliseerde elementen die voedsel zijn voor planten. Compost is 100% natuurlijk.

Bodemstructuur[bewerken]

1rightarrow blue.svg Zie Bodemstructuur voor het hoofdartikel over dit onderwerp.
Bodemprofiel, de bovenste donkere lagen bevatten veel humus

Een ideale bodem heeft een kruimelstructuur, waarbij de grond samengehouden wordt in zachte, kruimelige bodemaggregaten. Tussen de kruimels zijn kleine en grote poriën. Plantenwortels vinden hier water, zuurstof en voedsel in de vorm van mineralen en doordringen via deze poriën de bodem. Humus is belangrijk voor de vorming van de kruimelstructuur. Een te losse bodem of grond met dikke harde kluiten kan verbeterd worden met organische stof verkregen van gecomposteerd materiaal. Toevoeging van voldoende organische stof in de vorm van compost is voor het in stand houden van een goede bodemstructuur van belang. Een kruimelstructuur geeft stabiliteit aan de bodem. Het voorkomt dat bodemdeeltjes losraken en verplaatsen. Tijdens een regenbui zal de bodem minder gemakkelijk dichtslaan of wegvloeien. Een donkere bodem met veel humus warmt ook sneller op in het voorjaar.

Composteringsproces[bewerken]

Mest en composthoop

Composteren is het proces van recyclen van organisch materiaal. Het is van nature een relatief traag verlopend proces. Voor het composteringsproces zijn onder andere belangrijk: de samenstelling van het basismateriaal (groente-, fruit- en tuinafval), de temperatuur, de vochtigheid en de aanwezigheid van zuurstof. Het composteren begint met de aantasting en het opbreken van plantaardig materiaal door schimmels en bacteriën. Deze zijn van nature op het organisch materiaal aanwezig. Zij breken het materiaal af en gebruiken elkaars afbraakproducten voor hun levensprocessen. Bij dit afbraakproces gebruiken ze zuurstof en komt er koolstofdioxide, water en warmte vrij. Het composteren kan versneld worden door het optimaliseren van bepaalde omstandigheden. Een zuurstofrijke, warme (tot 70°C) en vochtige omgeving beïnvloeden elk de microbiële activiteit in positieve zin. Wormen en andere kleine dieren helpen dit proces verder.

Zie ook[bewerken]