Conclaaf van 1799-1800

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Conclaaf van 1799 - 1800
Sede vacante.svg
Sedisvacatie
Overleden paus Pius VI
Gekozen paus Pius VII
Geboren: Luigi Barnaba Chiaramonti Vlag van Italië Italië
Camerlengo Romoaldo Braschi-Onesti
Deken Giovanni Francesco Albani
Kiesgerechtigde kardinalen 34
Aanwezige kardinalen 45
Aantal stemronden -
Periode en plaats
Begin sedisvacatie 29 augustus 1799
Begin verkiezing 1 december 1799
Uiteindelijke verkiezing 14 maart 1800
Duur sedisvacatie 197 dagen
Duur verkiezing 104 dagen
Locatie Venetië
Chronologie
Conclaaf van 1774-1775   Conclaaf van 1799 - 1800   Conclaaf van 1823
Portaal  Portaalicoon   Christendom

Het conclaaf van 1799–1800 volgde op de dood van paus Pius VI op 29 augustus 1799 en leidde tot de verkiezing van Giorgio Barnaba Luigi Chiaramonti tot paus Pius VII op 14 maart 1800. Dit conclaaf, het laatste conclaaf dat plaats vond buiten Rome, werd in Venetië gehouden. De periode werd gekenmerkt door een grote onzekerheid voor de paus en voor de Rooms-Katholieke kerk en door de inval van de Pauselijke Staten en de ontvoering van Pius VI onder het Directoire.

Met het verlies van het Vaticaan en van de overige tijdelijke machten van de paus, kwamen de kardinalen terecht in een opmerkelijke toestand. Zij werden genoodzaakt om het conclaaf te houden in Venetië, waardoor dit het laatste conclaaf werd dat buiten Rome gehouden werd. Dit gebeurde overeenkomstig de ordonnantie van Pius VI uit 1798, die stelde dat het conclaaf in deze omstandigheden, wordt gehouden in de stad met het grootste aantal kardinalen. De stad stond toen onder het gezag van het aartshertogdom Oostenrijk, waarvan de heerser keizer Frans II ermede instemde om de kosten van het conclaaf op zich te nemen.

San Giorgio, Venetië locatie van het conclaaf

Het conclaaf begon op 30 november 1799, maar de verzamelde kardinalen slaagden er niet in de impasse tussen de drie kandidaten te doorbreken dan in maart 1800. Aanvankelijk waren er 34 kardinalen aanwezig. Kardinaal Franziskus Herzan von Harras kwam later en was tevens de keizerlijke boodschapper, die tweemaal het keizerlijke veto van Frans II bracht. Ercole Consalvi werd ongeveer unaniem verkozen tot secretaris van het conclaaf en zou een belangrijk figuur blijken te zijn bij de verkiezing van de nieuwe paus. Carlo Bellisomi leek de zekere winnaar te worden en kon rekenen op een ruime steun bij de kardinalen, maar zijn gebrek aan steun bij de Oostenrijkse kardinalen, die Mattei verkozen, leiden tot een veto over hem. Tijdens het conclaaf werd een derde mogelijke kandidaat naar voren geschoven in de persoon van kardinaal Hyacinthe Sigismond Gerdil, maar die stootte ook op het veto van Oostenrijk. Toen het conclaaf al in zijn derde maand was, stelde de neutrale kardinaal Maury, Chiaramonti, die tenslotte met de steun van de secretaris van het conclaaf, zou verkozen worden tot paus.

Barnaba Luigi graaf Chiaramonti was toen bisschop van Imola in de Piëmontese Republiek. Hij was op zijn plaats gebleven na de inname van zijn bisdom door het leger van Bonaparte in 1797 en hield een bekende rede waarin hij stelde dat goede christenen goed democraten konden maken, een toespraak die Bonaparte zelf "Jacobijns" noemde. Alhoewel hij de hervorming van de Kerk en confiscaties niet kon vermijden, zorgde hij er wel voor dat de Kerk niet werd ontbonden, zoals in Frankrijk het geval was geweest.

Door de tijdelijke locatie in Venetië, werd de kroning van de paus bemoeilijkt. Omdat er geen pauselijke schatten voorhanden waren, maakten de adellijke dames van de stad de bekende pauselijke tiara uit papier-maché. De kroon werd versierd met hun juwelen. Chiaramonti werd uitgeroepen tot paus Pius VII en op 21 maart gekroond in een kleine kloosterkerk.

Zoals te zien op de grafiek, werd het conclaaf gehouden met het minste aantal deelnemers sinds 1534, nl. 34. Door de politieke situatie waarin de Kerk zich toen bevond, waren er in totaal slechts 45 kardinalen, het laagste aantal sinds de 31 uit 1513.