Connector (elektrotechniek)

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
RJ-45 Ethernetconnector
Scartconnector
Centronics-connector (Amphenol-36)

Een connector is een stekker die een elektrische verbinding maakt die ook weer losgenomen kan worden. Het kan gaan om het leveren van spanning, een of meer signalen, of beide. Afhankelijk van de toepassing bestaan er verschillende connectoren.

Vormgeving [bewerken]

Connectoren worden steeds per paar gebruikt. Meestal heeft het ene deel pennen en het andere holle bussen. Het eerste deel wordt mannelijk of male genoemd, het andere vrouwelijk of female. Deze benamingen zijn misschien ontstaan met een seksuele bijgedachte, maar ze worden desondanks als fatsoenlijk beschouwd.

Bij connectoren voor netvoeding is het vrouwelijke deel spanninggevend en het mannelijke deel spanningontvangend. Hierdoor wordt vermeden dat de onder spanning staande delen worden aangeraakt.

Een mannelijk deel ('contactstop', 'stekker' of 'steker') maakt haast altijd deel uit van een snoer ('verplaatsbare leiding'). De seriële aansluitingen op een computer zijn hierop een uitzondering.

Een vrouwelijk deel kan ook deel uitmaken van een snoer ('koppelcontactstop' of 'contrastekker', of 'tafelcontactdoos') maar kan ook deel uitmaken van een apparaat ('chassisdeel') of in de muur zijn ingebouwd ('wandcontactdoos').

Nomenclatuur [bewerken]

Connectoren voor uiteenlopende toepassingen

In de definities van NEN 1010 worden twee bijeenhorende connectoren aangeduid als 'stopcontact'. Een stopcontact bestaat dus uit twee delen: een contactstop ("steker") en een contactdoos. In het algemeen spraakgebruik is een stopcontact echter een contactdoos, vooral voor netspanning.