Cornelis Fock

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Cornelis Fock

Cornelis Fock (Amsterdam, 2 november 1828Den Haag, 9 mei 1910) was een vooraanstaand liberaal staatsman en bestuurder.

Hij wordt algemeen bestempeld als een ijverige en doortastende burgemeester, hij was burgemeester van onder meer de gemeente Haarlem en later van de gemeente Amsterdam. In 1868 was hij minister in een door Thorbecke geformeerd kabinet. Hij gold als nogal rechtlijnig en star. Fock bracht belangrijke wetgeving tot stand (onder andere de IJkwet, de Begrafeniswet en de Veewet).

Na zijn ministerschap was Fock kort Tweede Kamerlid en vervolgens Commissaris des Konings in de provincie Zuid-Holland. Hij had een slechte verhouding met de gedeputeerden. Fock werkte gereformeerden en katholieken die burgemeester wilden worden tegen.

Cornelis Fock was lid van het geslacht Fock en een zoon van Abraham Fock en Alida Johanna van Heeckeren. Zijn vader was president van de Nederlandsche Bank. Cornelis Fock trouwde in 1854 met Marie Anne Uittenhooven; ze kregen drie zonen en een dochter. De jongste zoon werd ook Cornelis genoemd.

Externe link[bewerken]

Bronnen, noten en/of referenties
  • De informatie op deze pagina, of een eerdere versie daarvan, is geheel of gedeeltelijk afkomstig van www.parlement.com. Overname is toegestaan met bronvermelding.
Voorganger:
W.F.H. Greup
Burgemeester van Vreeland
1853-1855
Opvolger:
jhr. H.A.C. de la Bassecour Caan
Voorganger:
W.F.H. Greup
Burgemeester van Nigtevecht
1853-1855
Opvolger:
jhr. H.A.C. de la Bassecour Caan
Voorganger:
Chr.P. Pels
Burgemeester van Wijk bij Duurstede
1855-1859
Opvolger:
C.C.G. de Pesters
Voorganger:
P.M. Tutein Nolthenius
Burgemeester van Haarlem
1859-1866
Opvolger:
Mr. E.A. Jordens
Voorganger:
J.M. van Vollenhoven
Burgemeester van Amsterdam
1866-1868
Opvolger:
C.J.A. den Tex
Voorganger:
J. Heemskerk
Minister van Binnenlandse Zaken
1868-1871
Opvolger:
J.R. Thorbecke
Voorganger:
J. Loudon
Commissaris van de Koning(in) van Zuid-Holland
1871-1900
Opvolger:
J.G. Patijn