Correspondentieschaak

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

Correspondentieschaak is een variant op het schaakspel waarbij de spelers elk op hun eigen plaats en tijd spelen en elkaar de zetten toesturen. Dat ging vroeger per post en tegenwoordig voornamelijk per e-mail of via websites.

Correspondentieschaak staat onder toenemende druk van spelbederf door de proliferatie van naslagwerken, schaakdatabases, hulp via internet en analyse met sterke schaaksoftware. Correspondentieschakers kunnen de schaakopeningen en varianten op hun gemak uitpluizen en er zijn geen regels die dat verbieden. Sinds de komst van de schaakcomputers is de animo voor het correspondentieschaak dan ook drastisch afgenomen.

In de loop van de jaren zestig van de 20e eeuw ontstond er bij een aantal sterke Nederlandse schakers een steeds grotere ontevredenheid over de manier waarop de nationale organisatoren van de KNSB hun internationale belangen behartigden. Het gevolg hiervan was ten slotte de oprichting van de Nederlandse Bond van Correspondentieschakers (NBC) op 19 november 1966 in Arnhem.

De NBC organiseert het Nederlandse kampioenschap correspondentieschaak, het veteranentoernooi, het thematoernooi en er worden ook internationale teamwedstrijden gehouden. Het verenigingsorgaan "Schaakschakeringen" verschijnt zes keer per jaar. De NBC is aangesloten bij de International Correspondence Chess Federation (ICCF), die onder andere het wereldkampioenschap correspondentieschaak en het kampioenschap van Europa organiseert. Daarnaast schrijft ze ook grootmeestertoernooien uit en begeleidt ze thema- en herdenkingstoernooien.

Het correspondentieschaak is veel ouder. In 1804 speelde een luitenant-generaal van het Nederlandse leger in Den Haag een partij tegen een van zijn officieren in Breda[1] en in een in 1858 gehouden bordschaaktoernooi in Arnhem werd bepaald dat de afgebroken partijen per correspondentie moesten worden uitgespeeld.

Na de oprichting van de Koninklijke Nederlandse Schaakbond in 1873 duurde het echter nog tot 1899 voordat een correspondentieschaaktoernooi werd georganiseerd.

Andere toernooien volgden, vanaf 1927 werden er continu nieuwe groepen gestart en in 1934 werd het eerste Nederlandse kampioenschap georganiseerd met als winnaar de heer T. ten Kate.

De notatie is in cijfers, veld a1 wordt 11, veld a8 wordt 18, veld b1 wordt 21, veld b8 28 enz. Er zijn speciale briefkaarten voor de verzending van de zetten, maar ze kunnen ook per brief verstuurd worden. Er is geen maximum aan het aantal te spelen partijen verbonden.

De bedenktijd bedraagt maximaal drie dagen na poststempel, een binnenlandse partij is in een paar maanden afgelopen, maar een partij tegen een schaker uit Rusland kan jaren duren waardoor de kosten tientallen euro's kunnen bedragen.

De spelers zijn ingedeeld in klassen: open klasse, hoofdklasse, meesterklasse en kampioensgroep. Promotie volgt na het winnen van een kwalificatiegroep.

Telefoonschaak is ook een vorm van correspondentieschaak, maar dit wordt dankzij het toenemende aantal computers bijna niet meer gespeeld. Ook 'giroschaak' was een variant, waarbij men de overschrijvingskaarten en portvrije enveloppen van de Postbank gebruikte om telkens een klein bedrag over te maken naar de tegenstander onder vermelding van de zet.[2]

Zie ook[bewerken]

Noot[bewerken]

  1. Louis P. Sloos: Gewapend met kennis. 500 jaar militaire boekcultuur in Nederland. Leiden, 2012, p. 406, noot 99
  2. Marc Kregting: Giroschaken. Weblog De Honingpot, 24 okt. 2011

Externe link[bewerken]