Creighton Abrams

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Creighton W. Abrams

Creighton Abrams (Springfield, 15 september 1914Washington D.C., 4 september 1974) was een Amerikaans generaal.

Hij was de zoon van een spoorwegarbeider en door te werken kon hij zijn studies bekostigen. Aan de militaire academie van West Point werd hij vooral gewaardeerd om zijn wilskracht.

Abrams op zijn Shermantank in Lotharingen (1944)

In de Tweede Wereldoorlog leidde Abrams als luitenant-kolonel een tankbataljon van Normandië tot in Tsjechoslowakije. Hierbij opereerde zijn eigen tank steeds in de voorste linie. Zijn grootste overwinning was ongetwijfeld de bevrijding van Bastenaken in 1945. Na de wapenstilstand werd hij aansteld als hoofd van de pantserschool.

Bij het uitbreken van de Koreaanse Oorlog ging Abrams opnieuw naar het front. Na Korea verbleef hij nog enige tijd in Duitsland maar al snel kreeg hij een functie bij het Pentagon. Bij onlusten trad hij regelmatig als bevelhebber op.

In 1967 werd hij onderbevelhebber van de Amerikaanse troepen in Saigon. Toen het beleid van de opperbevelhebber, generaal Westmoreland, op een mislukking uitliep, nam Abrams diens plaats in. Zijn voornaamste opdracht bestond erin de Amerikaanse troepen geleidelijk te vervangen door Zuidvietnamese.

Van 1972 tot kort voor zijn dood in 1974 was hij stafchef van het Amerikaanse leger.

Ter ere van Abrams noemde het Amerikaanse leger een zware gevechtstank naar hem: de M1 Abrams.