Curaçaose keuken

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

De Curaçaose keuken (in het Papiamentu: Kuminda krioyo) is de kookkunst zoals bedreven op het eiland Curaçao. De keuken is het resultaat van een samengaan van verschillende volkeren met verschillende culturen. Daardoor is de Curaçaose keuken zeer divers en zijn de gerechten van de Antilliaanse keuken ook op andere Caraïbische eilanden terug te vinden.

Curaçaose specialiteiten[bewerken]

Er zijn gerechten voor elk speciale gelegenheid bijvoorbeeld van bij bruiloften, Heilige Communie, begrafenissen of het afronden van een verbouwing. Hieronder volgt een overzicht van de meest karakteristieke maaltijden.

Speciale maaltijden[bewerken]

Bij Curaçaose bruiloften staan keshi yená, stobá en als nagerecht de bruiloftstaart en een stukje bolo pretu op de menukaart. Keshi yená of gevulde kaas wordt gemaakt van een uitgeholde Edammer kaas. Nadat deze geweekt en van zijn waslaag ontdaan is, wordt de kaas, gevuld met vlees of vis, kappertjes, rozijnen, pruimen en olijven, in de oven gebakken.

Stobá, van gestoofd vlees, vis, of groenten, bijvoorbeeld Curaçaose komkommer wordt geserveerd met funchi.

Bolo pretu is een donkere vruchtentaart gemaakt van in alcoholische siroop geweekte vruchten; pruimen, dadels, rozijnen, krenten, vijgen, amandelen, sukade.

Na de Heilige Communie op Curaçao wordt veel gegeten en gedronken. Naast de stobá en sopi di karni worden aan het eind van het feest zakjes uitgedeeld met snoepgoederen, ''lèter'', suikerwerken en gezoete amandelen erin.

Gebakken of gestoofd geitenvlees met rijst, gebakken banaan, doperwten en rode bieten wordt vaak op familiefeesten gegeten.

Het bouwen van een huis wordt uitbundig gevierd wanneer het dak erop zit. Dan wordt sopi di mondongo gedronken. Ook 's zondags wordt deze soep gegeten. De mondongo of Antillean pepperpot is een stoofschotel gemaakt van de magen en hoeven van rund- of geitenvlees, kappertjes, rozijnen, pruimen, olijven en sherry of cognac.

Met Kerst en Nieuwjaar wordt ayaka gegeten. De Antilliaanse ayaka, een verfijnde uitgave van het Venezuelaanse origineel, is een in bananenbladeren verpakt gerecht. Er zit een laagje deeg van maismeel in, zout, suiker, anijszaad, geraspte kaas, boter en melk. De deegbodem wordt gevuld met kippen- en varkensvlees, kappertjes, rozijnen, pruimen, olijven, piccalilly, ham, amandelen, selderie, peterselie, augurken en spaanse peper. Het in bananenbladeren verpakte geheel wordt gekookt in water, waarna men het laat afkoelen. Voor gebruik warmt men het even op.

De sankocho, sòpitu, guiambo, tutu en leguanensoep worden ook op speciale gelegenheden gegeten.

Sankocho is een als hoofdgerecht gegeten soep bestaande uit vers en gezouten vlees, groenten, bananen, knollen, maiskolven, zoete en gewone aardappelen.

Sòpitu is een gebonden soep van gezouten vlees, geroosterde vis, kokosmelk, maiskolven en specerijen.

Guiambo of Okra is een gerecht van oker, gezouten vlees (en varkensstaart), vis, kaas, garnalen en karko (schelpdier). Het wordt gegeten met funchi.

Tutu of jug jug is een gerecht van funchimeel, bonen, zout vlees en suiker.

Tamarindesoep is gemaakt van zoete tamarinde wordt met funchi gegeten op Goede Vrijdag.

Bij een begrafenis hoort ook een maaltijd, maar deze is niet zo uitbundig als bij bijvoorbeeld een bruiloft. Thuis wordt pindamelk gedronken (typisch Arubaans, chocolademelk gemaakt van pinda's) en wordt er stobá gegeten.

Dranken[bewerken]

Dranken als Awa di Sorsaka, van zuurzak gemaakt, en batido di fruta, vruchtensmoothie, worden elke dag gedronken. De Curaçaose likeur (Blue Curaçao) wordt op het eiland niet algemeen geserveerd. Men treft deze likeur alleen maar aan op feesttafels ter gelegenheid van een viering.

Zoete hapjes[bewerken]

Curaçao staat bekend om zijn bolo(cake), tèrt en lèter. Eén van de bekendste bolo op Curaçao is de bolo di manteka (botercake), gemaakt van bloem, suiker, boter en een relatief grote hoeveelheid eieren.

De tèrt is het best te vergelijken met de Limburgse vlaai. De korst is echter droger en de vulling wordt anders gemaakt.

Van gemalen pinda maakt men op Curaçao S-vormige koekjes, die lèter genoemd worden.

Hartige hapjes[bewerken]

Hartige hapjes zijn pastechi (pasteitjes met vis, vlees of kaasvulling), empaná (pasteitjes van maïsmeel) en kala (een hartig, gebakken hapje van gemalen bonen).

Eettrucks[bewerken]

De zogenaamde trùk'i pan vormt een bekend fenomeen op Curaçao. Op vaste plaatsen verkopen deze mobiele restaurantjes typisch Caribische broodjes aan het nachtelijk publiek. De bestelauto's worden gewaardeerd om hun authenticiteit en ermee gepaard gaande sfeer.

Bronnen, noten en/of referenties
  • Hoefnagels, G.P. & Hoogenbergen, Shon W., Antilliaans spreekwoordenboek: spreekwoorden en zegswijzen. Amsterdam: Rap, 1991.
  • Meeteren van, N., 'Nanzi gaat met Toetoe's venten. Volkskunde van Curaçao.' In: Heuvel, P. & Wel van, F., Met eigen stem: Herkenningspunten in de letterkunde van de Nederlandse Antillen en Aruba. Van Gorcum, Assen/Maastrucht, 1989 p. 13 – 15.
  • Parkinson, R., Culinaria the Caribbean: A culinary discovery. Könemann Verslagsgesellschaft mbH, 1999.
  • Römer-Henriquez, B.L, 'Hoofdstuk XVII De Antilliaanse keuken.' In: R.A. Römer et al., Cultureel mozaïek van de Nederlandse Antillen, De Walburg Pers, Zutphen 1977, p. 335 – 347.