De Hebreeuwse godin

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

De Hebreeuwse godin of The Hebrew Goddess is een boek uit 1967 van de Hongaars-Amerikaans-Israëlische historicus en antropoloog van Joodse komaf, Raphael Patai. Hierin verklaart hij dat de joodse religie historisch gezien elementen van het polytheïsme bevat, waaronder vooral de verering van godinnen met daaraan gepaard een Moedergodincultus. Het boek maakt gebruik van een combinatie van archeologische en tekstuele aanwijzingen voor de verering van vrouwelijke wezens. De Hebreeuwse godinnen in dit onderzoekswerk zijn geïdentificeerd als Asherah, Anath, Lilith, de cherubijnen in de Tempel van Salomon, en de Sjechina, het vrouwelijk aspect van God. Ook Ashtoreth van wie het geslacht in de Bijbel wordt verhuld achter een schijn van mannelijkheid, is in feite de godin Astarte. Koning Salomon zelf onderhield nog de cultus van de Moedergodin naast de andere cultus, en de tempel was aan haar gewijd.

Een derde, uitgebreidere editie van het boek werd gepubliceerd in 1990 door Wayne State University Press. (ISBN 0-8143-2271-9)

Ook Robertson Smith verklaarde reeds in zijn profetisch werk uit 1894 Religion of the Semites, dat in de Semitische godsdienst de vrouwelijke godheid werd vereerd omdat voorouderverering en matrilineariteit, een afstammingssysteem volgens vrouwelijke lijn, naast elkaar bestonden. Hij schreef:

Recent onderzoek naar de familiegeschiedenis maakt het erg onwaarschijnlijk dat lichamelijke verwantschap tussen de god en zijn aanbidders, waarvan sporen doorheen het hele Semitische gebied zijn gevonden, oorspronkelijk werd opgevat als vaderschap. Het was het bloed van de moeder, niet van de vader, dat de oorspronkelijke verwantschapsband bepaalde, zowel onder Semieten als onder andere volkeren uit de oudheid. Indien op maatschappelijk vlak de stamgodheid als ouder van het geslacht werd gezien, dan moet beslist een godin en niet een god het voorwerp van aanbidding zijn geweest.

Amerikaans onderzoekster Merlin Stone, auteur van feministisch getinte werken zoals "When God Was a Woman", claimt dat de originele Moedergodincultus van de volken in het Nabije Oosten systematisch onderdrukt en met geweld vervangen werd door de cultus van Jahwe (Sanskriet yahveh = het altijd stromende), onder invloed van een mannelijke priesterkaste met Indo-Europese banden, de Levieten, die de Hebreeën begeleidden en stuurden op hun veroveringstochten door Kanaän en er vooral op uit zouden zijn geweest er hun patriarchale systeem ingang te doen laten vinden.

Literatuur[bewerken]

  • Patai, Raphael The Hebrew Goddess (1967), derde editie (1990) Wayne State University Press, ISBN 0-8143-2271-9
  • Raver, Miki, (1998), Listen to her voice - Women of the Hebrew Bible, Chronicle Books, San Francisco, ISBN 0-8118-1895-0 (hc)
  • Robertson Smith Religion of the Semites (1894)
  • Stone M., Eens was God als Vrouw belichaamd. De onderdrukking van de riten van de vrouw, Katwijk, 1979. ISBN 9060775821

Zie ook[bewerken]