De Keetmolen

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
De Keetmolen
Keetmolen in Ede.jpg
Basisgegevens
Plaats Ede
Bouwjaar 1866
Type beltmolen
Kenmerken achtkante stenen bovenkruier
Functie korenmolen
Bestemming  Voorheen het malen van graan
Monumentnummer  14468
Externe link(s)
Molendatabase
De Hollandsche Molen
Portaal  Portaalicoon   Molens

De Keetmolen staat aan de Keetmolenweg en de Stationsweg vlak bij Station Ede-Wageningen in de gemeente Ede. Volgens het opschrift onder het wiekenkruis en het bord bij de ingang zou de molen in 1750 gebouwd zijn. Dit is echter onjuist, omdat volgens de annalen pas in 1856 de bouwvergunning is afgeven, waarbij de molen binnen twee jaar gebouwd moest worden. In 1858 was de bouw van de molen gereed. De huidige naam heeft de molen te danken aan het feit dat van 1845 tot 1878 naast de molen een keet heeft gestaan, die in gebruik was bij de aanleg van de spoorlijnen Arnhem-Utrecht en Ede-Barneveld en later dienst deed als tijdelijk stationsgebouw.

De windmolen is een koren-, beltmolen met twee koppel maalstenen en werd in opdracht van de familie van de Craats gebouwd voor het malen van rogge en boekweit. Later, toen bleek dat ook gerst in de omgeving verbouwd kon worden, is men ook gerst gaan pellen. De molen heeft nu nog een koppel blauwe stenen en een koppel kunststenen. De maalstoelen worden in het werk gezet met behulp van een wervelbalk. In de vloer van de steenzolder zit nog de kuip van de pelstenen.

De oorspronkelijk stellingmolen bestond uit een houten achtkant met een top van riet op een stenen onderbouw. Op deze stenen onderbouw is later een stenen bovenbouw gemetseld, die behalve op de noordkant geheel bepleisterd is.

De houten bovenbouw werd door een blikseminslag op 12 juli 1865 verwoest. In 1866 werd de molen herbouwd, maar nu met een stenen bovenbouw. De stenen bovenbouw is tot ongeveer 2 meter boven de belt licht en vervolgens sterk conisch gemetseld, omdat anders de molen te hoog zou worden. De onderbouw was immers bestemd voor een stellingmolen. De kap is met riet gedekt. Ook werd een aardenwal (belt) tegen de molen aangebracht voor het kruien van de Oudhollandse wieken. De molen is een bovenkruier, die buiten met een kruiwiel gekruid wordt. De wieken hebben een vlucht van 24 meter en zijn met een heklat verlengd, omdat de belt wat was ingezakt en de molenaar daardoor niet gemakkelijk meer in de wiek kon klimmen.

De 4,90 meter lange gietijzeren bovenas stamt uit 1896 met als opschrift "De Prins van Oranje 1896, no. 1479". Het bovenwiel zit op de bovenas vast met behulp van vulstukken gemaakt van een oude, houten roe. Het bovenwiel bestaat uit vier kruisarmen met plooistukken en heeft alleen een voorvelg. Aan de buitenkant van het wiel zitten belegstukken. Op de door het bovenwiel aangedreven koningsspil zit bovenaan een bonkelaar en onderaan het spoorwiel, dat is voorzien van vrij nieuwe kammen van haagbeukhout, ook wel steenbeukhout genoemd. De luitafel zit op het spoorwiel. De koningsspil is opgedikt met vier, dikke planken, die bij elkaar gehouden worden door op regelmatige afstanden zittende knuppelstroppen.

De vang is een Vlaamse blokvang, die bestaat uit vier blokken. De vang wordt bediend met een vang- of wipstok en de vangbalk is uitgerust met een haak.

In de vijftiger jaren werd de molen buiten gebruik gesteld.

Op 18 augustus 1971 werd de gemeente Ede eigenaar van de molen en is de molen in 1978 gerestaureerd. In de periode 2006-2007 zijn in 14 maanden tijd de binten voorzien van met kunsthars aangegoten koppen en is de molen opnieuw bepleisterd.

Eigenaren:

  • 1860 - 1884 C. v.d. Craats Jansz.
  • 1884 - 1899 J.D. v.d. Craats
  • 1899 - 1910 J.W. v.d. Craats
  • 1910 - 1948 J.W. en H. v.d. Craats
  • 1948 - 1950 H. v.d. Craats
  • 1950 - 1971 fa. v.d. Craats C.V.
  • 1971 - heden gemeente Ede

Fotogalerij[bewerken]

Externe link[bewerken]