De novo
Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
de novo is de Latijnse term voor nieuw-ontstaan (letterlijk: "van/uit" "het nieuwe").
- In de genetica wordt de term "de novo-mutatie" gebruikt als de aanleg voor een erfelijke aandoening niet bij de ouders aanwezig was, maar wel bij een kind gevonden wordt. In het DNA is dan een mutatie opgetreden, waarschijnlijk bij een van de ouders (anders in een van de eerste celdelingen van het embryo). Bij erfelijke aandoeningen wordt dit verschijnsel in een bepaalde mate gevonden, vooral bij aandoeningen die dominant overerven. Bij tubereuze sclerose is dat bijvoorbeeld ongeveer 60%-70%[1]

