De rode wijngaard

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
De rode wijngaard
Red vineyards.jpg
Museum Poesjkinmuseum
Locatie Moskou, Rusland
Kunstenaar Vincent van Gogh
Jaar 1888
Type Olieverf op doek
Afmetingen 75 × 93 cm
Portaal  Portaalicoon   Kunst & Cultuur

De rode wijngaard (La vigne rouge) is een schilderij van de Nederlandse kunstschilder Vincent van Gogh, in olie op linnen, 75 x 93 centimeter groot. Het werd geschilderd in november 1888 te Arles. Het doek is het enige schilderij van Van Gogh dat tijdens zijn leven werd verkocht.[1] Heden ten dage wordt het beschouwd als een van de meest waardedragende schilderijen ter wereld.[2] Het werk bevindt zich in het Poesjkinmuseum te Moskou.

Context[bewerken]

De aanblik van de druivenoogst in het najaar van 1888 te Arles, betekende voor Van Gogh, als Nederlander, de confrontage met een voor hem geheel nieuw ritueel, dat door de Fransen ook wel met "vendange" wordt aangeduid. Uit zijn brieven blijkt niettemin dat hij er van tevoren al een aantal duidelijke, vooropgezette beelden bij had gevormd, welke tot uitdrukking komen in een aantal idyllische, geïdealiseerde weergaven van het tafereel. De rode wijngaard er hiervan een typerend voorbeeld.

Van Gogh was hoe dan ook erg onder de indruk van het tafereel. Ten tijde van het maken van het schilderij, toen Paul Gauguin bij hem logeerde, schreef hij aan zijn broer Theo: "O prachtige zo'n van de hoogzomer. Ze beukt op mijn hoofd en ik twijfel er niet aar dat het mij een beetje gek maakt". Kort daarna sneed hij zijn oor af.[3]

Beschrijving[bewerken]

De rode wijngaard toont een groep boeren die bezig zijn met de wijnoogst. Van Gogh schilderde de scène op 5 november 1888 in zijn atelier, geheel vanuit zijn geheugen, na een wandeling door de wijngaarden de avond tevoren. Hij voltooide het na een forse krachtsinspanning binnen één dag en schreef in zijn brieven: "ach, mijn studie van de wijngaard – bloed en tranen heb ik erop gezweet, maar ’t is me gelukt". Het doek wordt gezien als pendant in complementaire kleurcontrasten voor "De groene wijngaard", dat Van Gogh kort daarvoor maakte, in september 1888, eveneens te Arles.

De groene wijngaard, Kröller-Müller, 72x92 cm. Pendant in complementaire kleuren.

Duidelijk zichtbaar in beide werken is de invloed van de Japanse prentkunst. Van Gogh voelde zich verwant met de druivenplukkers omdat ze werkten "in het ritme van de natuur en niet ertegenin".[4] Hij schreef in zijn brieven: "Als je de Japanse kunst bestudeert, dan zie je een ontegenzeggelijk wijs, filosofisch en intelligent mens. Zie je hoe hij zijn tijd doorbrengt? Met het bestuderen van de afstand tussen de aarde en de maan? Nee. Met het bestuderen van de politiek van Bismarck? Nee. Hij bestudeert slechts één enkele grasspriet".

De dwangmatige interesse voor details en ritmes in de natuur, ten koste van de interesse in wetenschap en politiek, is typerend voor Van Goghs latere werk. Hij toont geen pijnlijke ruggen of vermoeide, afgematte gezichten, verouderd door jaren van zwoegen. Zijn oogsters baden in een het gloedvolle licht van een ondergaande namiddagzon, ogenschijnlijk in volledige harmonie met de arcadische omgeving. Geschilderd in snelle, brede, divisionistische stroken ontstaat een expressieve, afgewogen kleurencompositie, los van een sociale context. Contrasterende felle rood- en geeltinten zijn dominant. Het exorbitante kleurgebruik is typerend voor vrijwel al Van Goghs latere werken.

Historie[bewerken]

De rode wijngaard is het enige schilderij dat van Van Gogh tijdens zijn leven werd verkocht: tijdens een expositie van Les XX te Brussel werd het voor 400 franc verworven door de Belgische kunstschilders Anna Boch, met wiens broer Eugène Boch Van Gogh bevriend was. Ze hing het schilderij op in haar "salon de musique" op de eerste etage van haar huis in de Rue de l´Abbaye in Brussel, naast werken van ondermeer Georges Seurat, Paul Signac en Paul Gauguin. In 1906 verkocht Boch het schilderij op haar beurt voor 10.000 francs aan Galerie Bernheim te Parijs. In 1909 werd het voor 33.000 gouden roebels via kunsthandel Druet doorverkocht aan de Russische textielhandelaar en kunstverzamelaar Ivan Morozov (1871-1921).[5] Morozov verwierf het schilderij op aanraden van kunstschilder Valentin Serov, samen met Weg in Auvers na de regen. In dezelfde periode zou hij ook nog Van Goghs Het nachtcafé en Gevangenisbinnenplaats aankopen.

Samen met een andere Russische verzamelaar, Sergej Sjtsjoekin (1854-1936), bracht Morozov tussen 1903 en 1917 een honderden topwerken van West-Europese modernisten en impressionisten naar Moskou. Na de Russische Revolutie werd echter door de bolsjewieken beslag gelegd op hun bezittingen. De collecties van beide verzamelaars werden samengevoegd voor het nieuw opgezette Staatsmuseum voor Westerse Kunst.[6] Tijdens de Duitse aanval op Moskou In 1941 werd de inventaris van het Staatsmuseum voor Westerse Kunst, waaronder De rode wijngaard, verplaatst naar Novosibirsk. Nadat de werken terug naar Moskou waren gebracht, werd het museum evenwel in 1948 op last van Stalin gesloten omdat het te "bourgeois" zou zijn. Daaropvolgend werden de werken werden verdeeld over het Hermitage Museum in Leningrad en het Poesjkinmuseum in Moskou. De rode wijngaard kwam in het laatste museum terecht en is daar nog steeds te bezichtigen.

Literatuur en bronnen[bewerken]

  • Ingo Walther, Rainer Metzger: Vincent van Gogh. alle schilderijen. Taschen, Keulen, 2001, blz. 415 en 450. ISBN 3-8228-1217-X
  • Josephine Cutts, James Smith: Van Gogh. Parragon, Bath, 2000. ISBN 1-40541-326-3

Externe link[bewerken]

Noten[bewerken]

  1. Cf. Steven Naifeh & Gregory White Smith: Vincent van Gogh: De biografie,2011, blz. 926. Daarbij zij aangetekend dat Van Gogh wel regelmatig schilderijen als "betaalmiddel" gebruikte, onder voor schildersmaterialen in de verfwinkel van Julien Tanguy te Parijs en later voor behandelingen die hij kreeg van dokterPaul Gachet. Zie ook hier.
  2. Zie onder andere de veilingwebsite Art.com.
  3. De precieze toedracht van het “oor-incident” is nog steeds onderwerp van discussie.
  4. Cf. Cutts, Smith: Van Gogh, blz. 142.
  5. Zie onder andere deze website over de collectie van Morozov.
  6. Na de nationalisatie van zijn kunstverzameling door de nationale vergadering in 1919, werkte Morozov nog kort als assistent-beheerder van zijn eigen collectie, maar verliet kort daarna Rusland en overleed in 1923 te Karlsbad aan een hartaanval.