De zes zwanen

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

De zes zwanen is een sprookje uit Kinder- und Hausmärchen, de verzameling van de gebroeders Grimm, met als nummer KHM49. De oorspronkelijke naam is Die sechs Schwäne.

Het verhaal[bewerken]

Leeswaarschuwing: Onderstaande tekst bevat details over de inhoud en/of de afloop van het verhaal.

Een koning is op jacht in het bos en raakt zijn gezelschap kwijt, 's avonds vraagt hij een oude vrouw naar de weg. Het blijkt een heks te zijn en ze vertelt dat hij aan haar voorwaarden moet voldoen, anders zal hij het bos nooit meer verlaten. De koning moet de dochter van de heks tot koningin maken en hij wordt bij een huisje gebracht. Alhoewel het meisje mooi is, moet de koning huiveren als hij naar haar kijkt. De heks wijst de weg en de koning rijdt met het meisje naar zijn paleis, waar de bruiloft wordt gevierd. Uit een eerder huwelijk heeft de koning zes jongens en een meisje. Hij brengt ze naar een eenzaam kasteel, omdat hij bang is dat de stiefmoeder hen kwaad zal doen. Het kasteel is zo goed verstopt dat hijzelf het niet had kunnen vinden zonder de kluwen garen die een wijze oude vrouw hem gaf. Dit garen windt zichzelf af en wijst de juiste weg, zodra iemand het voor zich uit werpt.

De koning bezoekt zijn kinderen vaak en dit begint de koningin op te vallen. Voor veel geld verklappen de dienaren het geheim van de kluwen garen en de koningin maakt kleine witzijden hemdjes. Ze naait er een betovering in en ze wijzen haar de weg in het bos. Ze vindt de jongens en als de hemdjes hun lichaam raken, veranderen ze in zwanen. De koningin vertrekt, zonder van het bestaan van het zusje te weten. De volgende dag bezoekt de koning zijn kinderen en hoort dat de jongens verdwenen zijn. De koning wil zijn dochter dan meenemen, maar ze vraagt nog één nacht te mogen blijven. Die nacht vlucht ze het bos in en vindt de volgende dag een jachthut met zes bedjes. Ze durft er niet in te gaan liggen en verstopt zich onder een bed.

Als de zon bijna ondergaat, vliegen zes zwanen naar binnen en deze veranderen dan in haar broers. Ze hoort dat het een rovershut is en ze moet snel weg. De broers vertellen dat ze per dag slechts een kwartier lang in hun menselijke gedaante leven. Als het meisje zes jaren lang niet spreekt of lacht en in die tijd zes hemdjes kan maken van sterrenbloemen, dan wordt de betovering verbroken. Het meisje klimt in een boom en plukt sterrenbloemen, ze begint aan het naaiwerk en spreekt en lacht niet. Een koning gaat jagen en zijn mannen zien het meisje, ze antwoordt hen niet en gooit alle spullen toe. Alleen haar hemdje heeft ze aan, als de mannen haar naar de koning brengen.

Alhoewel ze niet spreekt, wordt de koning verliefd op het mooie meisje. Hij neemt haar mee naar zijn paleis en geeft haar kostbare kleding. Na enkele dagen trouwen ze, maar de moeder van de koning spreekt kwaad over de koningin. Na een jaar komt het eerste kind ter wereld en de oude vrouw neemt het kind weg en strijkt bloed om de mond van de jonge koningin. Ze beschuldigt haar ervan een menseneter te zijn. De koning gelooft dit niet, maar de koningin spreekt niet en naait enkel hemdjes. De jonge koningin bevalt van een jongen en de valse schoonmoeder herhaalt de diefstal en beschuldiging.

Een derde kind wordt geboren en opnieuw ontvreemdt de schoonmoeder de baby, de koning kan dan niet meer om de beschuldigingen heen. De jonge koningin wordt veroordeeld tot de brandstapel en op die dag verstrijken de zes jaren. De zes hemdjes zijn klaar, alleen de linkermouw ontbreekt aan één van de hemdjes. Wanneer het vuur wordt aangestoken, komen de zes zwanen aanvliegen. De jonge koningin gooit de hemdjes over hen heen en ze krijgen opnieuw hun menselijke gedaante. Alleen de jongste mist zijn linkerarm en hij heeft nog een zwanenvleugel op zijn rug. De koningin spreekt tot haar man en legt alles uit. De kinderen worden gevonden en de boze schoonmoeder wordt vastgebonden op de brandstapel en tot as verbrand. De koning en de koningin met haar zes broers leefden nog lang in geluk en vrede.

Achtergronden bij het verhaal[bewerken]

Assepoester · Berenpels · Bontepels · Broertje en zusje · Bruidskeuze · De anjer · De arme en de rijke · De arme jongen in het graf · De arme molenaarsknecht en het katje · De bijenkoningin · De boden van de dood · De boer en de duivel · De Bremer stadsmuzikanten · De broodkruimels op de tafel · De bruiloft van vrouw Vos · De dood als peet · De dood van het hennetje · De dorsvlegel uit de hemel · De drie broers · De drie gelukskinderen · De drie handwerksgezellen · De drie heelmeesters · De drie luiaards · De drie mannetjes in het bos · De drie slangenbladeren · De drie spinsters · De drie talen · De drie veren · De drie vogeltjes · De drie zwarte prinsessen · De duivel en zijn grootmoeder · De duivel met de drie gouden haren · De duur van het leven · De ganzenhoedster · De ganzenhoedster aan de bron · De gauwdief en zijn meester · De geest in de fles · De geschenken van het kleine volkje · De gestolen duit · De glazen doodskist · De goede ruil · De gouden gans · De gouden sleutel · De gouden vogel · De goudkinderen · De Grafheuvel · De groente-ezel · De haas en de egel · De hanenbalk · De hazelaar · De heldere zon brengt het aan het licht · De hemelse bruiloft · De hoefnagel · De hond en de mus · De huishouding · De ijzeren kachel · De jonge reus · De jood in de doornstruik · De kabouters · De kikkerkoning · De kleermaker in de hemel · De koning van de gouden berg · De koningszoon die nergens bang voor was · De korenaar · De kristallen bol · De laarzen van buffelleer · De luie spinster · De maan · De meesterdief · De mus en zijn vier kinderen · De ondankbare zoon · De oude bedelares · De oude grootvader en zijn kleinzoon · De oude Hildebrand · De oude Rinkrank · De oude Sultan · De oude vrouw in het bos · De peetoom · De raaf · De raap · De ransel, het hoedje en het hoorntje · De rattenvanger van Hamelen · De reus en de kleermaker · De roerdomp en de hop · De roetzwarte broer van de duivel · De roversbruidegom · De schol · De schrandere knecht · De sterrendaalders · De stukgedanste schoentjes · De trommelslager · De trouwe Johannes · De twaalf broeders · De twaalf jagers · De twaalf luie knechten · De twee gebroeders · De twee koningskinderen · De twee reisgezellen · De uil · De verstandige boerendochter · De verstandige lieden · De vier kunstvaardige broers · De volleerde jager · De vos en de ganzen · De vos en de kat · De vos en de moeder van zijn petekind · De vos en het paard · De ware bruid · De waternimf · De waternimf in de vijver · De witte slang · De witte en de zwarte bruid · De wolf en de mens · De wolf en de vos · De wolf en de zeven geitjes · De wonderlijke speelman · De zes dienaren · De zes zwanen · De zeven Zwaben · De zeven raven · De zingende springende leeuwerik · De zoete pap · Dokter Weetal · Doornroosje · Duimendik · Duimpje de wereld in · Eenoogje, tweeoogje en drieoogje · Eva's ongelijke kinderen · Frieder en Katherliesje · Gelukkige Hans · Hans en Grietje · Hans viert bruiloft · Hans-mijn-egel · Hazekebruid · Het aardmanneke · Het blauwe licht · Het boerke · Het boerke in de hemel · Het boshuis · Het dappere snijdertje · Het doodshemdje · Het eigenzinnige kind · Het ezeltje · Het gedierte van de Heer en de Duivel · Het gespuis · Het herdersjongetje · Het huishouden van kat en muis · Het kind van Maria · Het lammetje en het visje · Het leugensprookje uit Ditmar · Het mannetje dat jong gegloeid werd · Het meisje zonder handen · Het meiske van Brakel · Het mooie Katrinelletje en Pief Paf Poltrie · Het raadsel · Het snuggere snijdertje · Het sprookje van Luilekkerland · Het water des levens · Het winterkoninkje · Het winterkoninkje en de beer · Het zingende botje · IJzeren Hans · Jonkvrouw Maleen · Jorinde en Joringel · Klitten · Klosje, schietspoel en naald · Knappe Elsje · Knoest en zijn drie zonen · Koning Lijsterbaard · Lief en leed samen delen · Luie Hein · Luisje en Vlootje · Magere Liesje · Meester Priem · Meneer Korbes · Met z'n zessen de hele wereld rond · Op reis gaan · Raadselsprookje · Raponsje · Repelsteeltje · Roodkapje · Simeliberg · Slangensprookje · Slimme Grietje · Slimme Hans · Sneeuwwitje · Sneeuwwitje en Rozerood · Speelhans · Sprookje van iemand die erop uittrok om te leren griezelen · Sterke Hans · Strohalm, kooltje vuur en boontje · Tafeltje dek je, ezeltje strek je en knuppel uit de zak · Trouwe Ferdinand en Ontrouwe Ferdinand · Van de visser en zijn vrouw · Van de wachtelboom · Van het muisje, het vogeltje en de braadworst · Vleerkens vogel · Vogel Grijp · Vondevogel · Vrijer Roland · Vrolijke Frans · Vrouw Holle · Vrouw Trui