Deptford Dockyard

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Deptford Dockyard, eind 18e/begin 19e eeuw, Joseph Farington

Deptford Dockyard was een belangrijke scheepswerf en marinebasis in Deptford aan de rivier de Theems, beheerd door de Royal Navy van de zestiende tot de negentiende eeuw. Het bouwde en onderhield oorlogsschepen 350 jaar lang, en vele belangrijke gebeurtenissen en schepen zijn ermee verbonden.

De scheepswerf werd in 1513 opgericht door Hendrik III, en was de belangrijkste koninklijke werf van de Tudor-periode. Het bleef een van de belangrijkste marinescheepswerven voor de navolgende driehonderd jaar. Belangrijke nieuwe technologische en organisatorische ontwikkelingen werden hier uitgeprobeerd, en het maakte dat Deptford werd geassocieerd met de grote zeelieden van de tijd, onder wie Francis Drake en Walter Raleigh. In de zestiende en zeventiende eeuw groeide de werf snel. Het omvatte een groot gebied, diende een tijd als het hoofdkwartier van de marine-administratie, en werd het belangrijkste depot van de Victualling Commissioners. Tsaar Peter de Grote bezocht de werf officieel incognito in 1698 om de scheepsbouw-technieken te leren. In de achttiende eeuw bereikte de werf zijn glorietijd. Toen bouwde en herstelde het ontdekkingsschepen gebruikt door James Cook, George Vancouver en William Bligh en oorlogsschepen die vochten onder Horatio Nelson.

De werf daalde in belang na de Napoleontische oorlogen. De ligging stroomopwaarts aan de Theems maakte toegang moeilijk, en de ondiepe smalle rivier belemmerd navigatie van de grote nieuwe oorlogsschepen. De werf was grotendeels inactief na 1830, en hoewel er rond 1840 weer wat schepen gemaakt werden, moest de marine de werf in 1869 sluiten. De bevoorradingswerf die in de rond 1740 opgericht bleef in gebruik tot de jaren '60, terwijl de grond die werd gebruikt door de werf werd verkocht. Het gebied staat vandaag de dag bekend als Convoys Wharf.

Galerij[bewerken]

Bronnen, noten en/of referenties