Derde Tsjecho-Slowaakse Republiek
| Československá republika, ČSR | ||||||
|
||||||
|
||||||
| Kaart | ||||||
![]() |
||||||
| Algemene gegevens | ||||||
| Hoofdstad | Praag | |||||
| Talen | Tsjechisch, Slowaaks | |||||
| Religie(s) | Niet-religieus, Rooms-katholiek | |||||
| Munteenheid | Tsjecho-Slowaakse kroon | |||||
De Derde Tsjecho-Slowaakse Republiek was een periode in de Tsjecho-Slowaakse geschiedenis tussen 1945 en 1960, toen het een communistische staat werd. Direct na de Tweede Wereldoorlog werd Tsjecho-Slowakije weer een parlementaire democratie, met dien verstande dat de ruim 3 miljoen etnische Duitsers, die binnen Tsjecho-Slowakije bijna een kwart van de bevolking uitmaakten, met geweld werden verdreven en onteigend. Ook werden tienduizenden etnische Hongaren, die vooral in het zuiden van Slowakije woonden, het land uitgezet. Aan de andere kant ontstond door de verdrijving van Duitsers een tekort aan arbeidskrachten in Tsjechië, dat deels werd opgelost door Hongaren als dwangarbeider in te zetten. Roethenië, dat tot het vooroorlogse Tsjecho-Slowakije had behoord, werd door de Sovjet-Unie ingelijfd.
Bij de verkiezingen van 1946 werd de Communistische partij het grootst in Tsjechië, terwijl de Democratische partij in Slowakije het grootst werd. In februari 1948 grepen de communisten de macht in het land. Het land werd vervolgens hervormd naar het model van de Sovjet-Unie, waarbij de burgerrechten werden ingeperkt en met name de Rooms-katholieke Kerk werd aangepakt. De geheime dienst StB speelde een belangrijke rol bij de onderdrukking.
In 1960 kreeg Tsjecho-Slowakije een nieuwe grondwet en ging verder als Tsjecho-Slowaakse Socialistische Republiek.
Tijdlijn [bewerken]
|
Oostenrijk-Hongarije |
"Sudetenland" |
Tsjecho-Slowaakse Socialistische Republiek (ČSSR) |
Tsjechische en Slowaakse Federale Republiek (ČSFR) |
||||
|
Protectoraat Bohemen en Moravië Slowaakse Republiek (SR) |
|||||||
|
deel van Oekraïense SSR |
Oblast Transkarpatië Oekraïne |
||||||
