Desiderius van de Longobarden

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

Desiderius van de Longobarden (ook bekend als Desiderius van Lombardije, Diederik van Lombardije, Didier in het Frans en Desiderio in het Italiaans; geboortedatum onbekend - 786) was de laatste koning der Longobarden. Hij regeerde van 757 tot 774.

Hij was vooral bekend in relatie tot Karel de Grote, die met zijn dochter trouwde en Desiderius uiteindelijk zijn koninkrijk ontnam.

Leven[bewerken]

Troonsbestijging[bewerken]

Desiderius was oorspronkelijk hertog van Istrië en Toscane, alsook een belangrijk officier aan het hof van koning Aistulf. Zijn titel luidde dux Langobardorum et comes stabuli, een rang vergelijkbaar met de Frankische titel dux Francorum. Na de dood van Aistulf in 756 volgde Desiderius hem op als koning. Aistulfs voorganger, Ratchis, probeerde Desiderius er nog van te weerhouden de macht te grijpen en zelf weer koning te worden, maar Desiderius slaagde in zijn opzet dankzij steun van Paus Stefanus II.

Leven als koning[bewerken]

Bij zijn kroning beloofde Desiderius dat hij veel van de verloren pauselijke steden van de Heilige Stoel zou herstellen, in ruil voor pauselijke steun en erkenning van zijn koningschap. Deze overeenkomst hield echter niet lang stand daar Paus Stefanus III fel tegen het huwelijk tussen Desiderius' dochter en Karel de Grote was.

Net als zijn voorganger wilde Desiderius de macht van de Longobarden in Italië versterken. Dit bracht hem in conflict met de paus en de hertogen in het zuiden van Italië. Als antwoord hierop liet Desiderius een monnik, Filippus genaamd, benoemen tot tegenpaus Filippus.

Ondergang[bewerken]

Stefanus III was fel tegen het huwelijk tussen Karel de Grote en Desiderius’ dochter, Desiderata van Lombardije. Tegen zijn dood in 772 stond hij echter alweer op goede voet met de Longobarden. De nieuwe paus, Adrianus I, zette Karel de Grote er echter toe aan om Desiderata te verstoten. Karel stuurde haar terug naar haar vader. Mogelijk uit wraak voor deze belediging nam Desiderius Gerberga, de weduwe van Karels broer Carloman I, in bescherming en erkende haar zonen als zijn erfgenamen. Hij verklaarde tevens Adrianus I de oorlog omdat die weigerde Gerberga’s zonen tot koning te kronen.

Deze zet bracht Desiderius in conflict met Karel de Grote, die de kant van Adrianus I koos. In 773 leidden Karel en zijn oom Bernard een leger door de Alpen tegen de Longobarden. De Longabarden leden zware verliezen in Mortara en moesten zich terugtrekken in hun hoofdstad, Ticinum (het huidige Pavia). Desiderius' zoon Adelchis probeerde in Verona een leger op de been te brengen om zijn vader te hulp te komen, maar hij werd gedwongen te vluchten naar Constantinopel.

De belegering van Ticinum duurde tot juni 774. Uiteindelijk besloot Desiderius zich over te geven als het leven van zijn soldaten en ondergeschikten zou worden gespaard. Hij werd na zijn overgave afgezet als koning en verbannen naar het klooster van Corbie (hoewel sommige bronnen ook melden dat hij met zijn familie verbannen zou zijn naar Luik). Daar stierf hij uiteindelijk rond 786.

Bronnen, noten en/of referenties