Didgeridoo

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie

Ga naar: navigatie, zoeken
Traditioneel beschilderde Didgeridoo uit Wugularr

De didgeridoo (of didjeridu, uitgesproken als didzjeriedoe) is een blaasinstrument, vooral bekend uit Australië waar de Aboriginals in Noord-Australië (Noordelijk Territorium) het instrument reeds duizenden jaren bespelen.

Inhoud

[bewerken] Oorsprong

De didgeridoo vindt zijn oorsprong in Noord-oost-Arnhemland in Noord-Australië. Ook al doen er verhalen de ronde dat de didgeridoo al 40 000 jaar zou bestaan, enig bewijs hiervoor is niet aanwezig. De oudste bewijzen in de vorm van rotstekeningen in de Kakadu-regio zijn zo'n 1000 tot 2000 jaar oud. Op één van deze tekeningen is zelfs een didgeridoospeler met twee zangers te zien. Ook het verspreidingsgebied geeft aanleiding om aan te nemen dat de didgeridoo maximaal zo'n 2000 jaar oud is.

"Didgeridoo" is, hoewel het woord niet zo klinkt, een typisch westerse naam. Er zijn twee gangbare theorieën waar de naam van didgeridoo vandaan kan komen. De eerste is dat het een onomatopee is, afgeleid van de klank die bij bepaalde ritmes klinkt, of dat het het antwoord was op de vraag "wat speel je", waarop de bespeler niet het instrument noemde, maar het ritme dat hij speelde.

Door onderzoek van de promovendus Dymphna Lonergan, aan de Flinders Univerity, is de theorie beschreven die stelt dat "Didgeridoo" is afgeleid van de Ierse woorden "dúdaire" of "dúidire" (klinkt als: doedjerrie), met de volgende betekenissen: trompetspeler; iemand die voortdurend een pijp rookt; blazer; persoon met een lange neus; luistervink; nieuwsgierig persoon; zoemer; neuriër of zanger en "dubh" (klinkt als: doew of doe), in de betekenis "zwart" (of "duth", "oorspronkelijke bewoner").

Bij de Aboriginals staat het instrument onder veel namen bekend, zoals: Yidaki, Yirdaki of Yaraki (Yolngu volk, Noordoost-Arnhemland), Magu (West-Arnhemland), Ilpirra (rond Alice Springs), Kanbi en Ihambilbing.

Tegenwoordig kom je de didgeridoo ook tegen in moderne muziek. Bekende bands met didgeridoo zijn o.a. Yothu Yindi, Jamiroquai, Gjallarhorn en binnen Nederland Inner Strength en Omnia

[bewerken] Het voorwerp

Het mondstuk is met was afgewerkt

Deze holle blaaspijp is tegenwoordig een door termieten (Mastotermes darwiniensis) uitgeholde eucalyptusboomstam of -tak, meestal stringybark, yellow box, Darwin wooly butt of Ironbark. Oorspronkelijk was de didgeridoo waarschijnlijk van bamboe (Bambusa arnhemica). Dit materiaal is veel makkelijker hol te maken, zeker in de tijd dat er nog geen goede metalen gereedschappen waren. Oude rotstekeningen laten ook de ringen zien die kenmerkend zijn voor bamboe, en traditioneel beschilderde instrumenten (zoals de didgeridoo die bovenaan deze pagina staat) laten vaak ringen zien die je doen herinneren aan de ringen die bamboe standaard al heeft. Vooral de instrumenten van Djalu Gurruwiwi hebben heel duidelijk deze ringen. En een van de traditionele namen voor de didgeridoo is ook "bamboo".

In Europa, waar geen eucalyptus aanwezig is, wordt wel een uitgeholde berenklauw gebruikt om een didgeridoo uit te maken, maar in principe kan iedere holle buis (bamboe, PVC, enz.) van voldoende dikte (ca 4 cm binnendiameter) en lengte (1 tot 1,5 m) worden gebruikt als een didgeridoo. En ook van inheems hout worden didgeridoos gemaakt, vaak volgens de "stokbrood" methode. De stok wordt doormidden gezaagd en vervolgens worden beide helften uitgehold. Tenslotte worden beide delen weer aan elkaar verlijmd. Dit komt overeen met de manier waarop de Twentse midwinterhoorn gemaakt wordt.

De didgeridoo is een volksinstrument, traditioneel vaak voorzien van rarrk-motieven (arcering, streepjes-techniek, zie ook de didgeridoo bovenaan deze pagina) in aarde/okerkleuren. En ook relatief summiere beschilderingen in een of twee kleurvlakken of met alleen ringen (Djalu-didgeridoos) zijn vrij traditioneel. Voor toeristen zijn de didges vaak voorzien van dot paintings en felle kleuren. Grappig is dat de dot-painting techniek uit een streek in Australië komt (het centrale woestijngebied) waar traditioneel geen didgeridoo wordt gespeeld.

Goede didgeridoos hebben geen speciaal mondstuk nodig, d.w.z. het hout heeft precies de juiste vorm en diameter. Als dit niet zo is, dan wordt een mondstuk gemaakt van bijenwas dat gevormd kan worden door kneden/verwarmen.

[bewerken] De didgeridoo bespelen

didgeridoospeler

Waar bij een trompet met redelijk strak gespannen lippen wordt gespeeld, worden de lippen bij de didgeridoo veel losser gehouden, waardoor er een continue lage toon geproduceerd wordt bij het blazen. Door de lippen even iets strakker te spannen kun je een trompettoon krijgen. Traditioneel wordt die trompettoon in delen van Noord-oost-Arnhemland ook gebruikt (o.a. in Yirrkala). In Andere gebieden (o.a. Wugularr, West-Arnhemland) wordt deze toon weer nooit gebruikt. Bij het spelen wordt meestal ook een speciale ademhalingstechniek toegepast (circulaire ademhaling). Door met wangen, tong en kaak lucht naar buiten te persen kun je de toon aanhouden en tegelijkertijd door je neus inademen. Tijdens het spelen kunnen ook de stembanden worden benut. Zeker de betere spelers gebruiken de stem bijna continu, of om een voller geluid te krijgen, of om de hogere "calls"/"screams" tijdens het spel te maken.

Binnen sommige stammen is het alleen aan mannen toegestaan om de didgeridoo te bespelen. De vrouwen mogen alleen begeleiden met slagwerk.

[bewerken] Didgeridoo en New Age

Met name in de New Age-scene vertolkt hij de brommende oerstem van "Moeder Aarde". Hier hangt ook het verhaal aan vast, dat de aarde een soort basisklank heeft, die op die van een didge zou lijken die in de buurt van een C- of een Cisklank zit (waarschijnlijk afgeleid van de sa-grondtoon in Indiase raga's). Veel beginnende didgespelers vinden een C- of Cisdidge ook de prettigste didge om mee te beginnen.

In de New-Age-scene wordt vaak beweerd dat de aboriginals de didgeridoo gebruiken o.a. om geluiden uit de omgeving en van dieren na te bootsen bij spirituele samenkomsten. Wat in de besloten samenkomsten (initiaties, riten) echt gebeurt wordt niet aan de buitenwereld (niet ingewijden) verteld, dus dat weten we gewoon niet. Bij corroborees (samenkomsten van Aboriginals om verhalen uit te wisselen of feest te vieren; waar wij 's avonds voor de televisie zitten, moet je zonder TV toch iets anders doen, dus ga je muziek maken) wordt de didgeridoo gebruikt als ondersteuning van de zang en de clapsticks. Zoals David Blanasi ooit zei: "The Didgeridoo makes the singing strong". Solo didgeridoo hoor je traditioneel eigenlijk nooit.

[bewerken] Varianten

Men kan tegenwoordig veel zelfgemaakte didgeridoos tegenkomen. Er zijn zelfs mensen gespecialiseerd in het (na)maken van didgeridoos. De keuze van het hout is belangrijk daar niet elke houtsoort hiervoor geschikt is, bijvoorbeeld vanwege het splijten van het hout, en zorgt de hardheid van het hout voor de klankkleur.

  • Een variant van de didgeridoo is de didjeribone, die is gemaakt van twee in elkaar geschoven PVC buizen. Hierdoor ontstaat een lichte variant die tijdens het spelen in lengte te verschuiven is en waardoor de toonhoogte is aan te passen. De didjeribone is begin jaren 80 bedacht door Charlie McMahon.
  • Gebaseerd op het principe van de didjeribone zijn ook andere variaties van uitschuifbare didgeridoos gemaakt, soms bijv. van metaal en of van hout. Soms worden deze uitschuifbare didgeridoos slideridoos genoemd.
  • Graham Wiggins (Dr Didg) heeft een verstembare didgeridoo gemaakt met kleppen vergelijkbaar met een saxofoon.
  • Onder de naam Didge Box is een didgeridoo gemaakt, die als het ware gevouwen zit in doosvorm (makkelijk mee te nemen).
  • Europese verwanten zijn de Alpenhoorn (Oostenrijk en Zwitserland), gebruikt om signalen door te geven over grote afstanden, en de Nederlandse Midwinterhoorn, die reeds door de druïden werd gehanteerd en in Twente alleen tussen de Kerst en Driekoningen te horen is. De didgeridoo wordt overigens niet gebruikt om signalen over grote afstanden door te geven.

[bewerken] Externe links


 
Persoonlijke instellingen
Boek maken