Die Stem van Suid-Afrika

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

Die Stem van Suid-Afrika is een van de twee liederen waaruit het volkslied van Zuid-Afrika is samengesteld.

De tekst is in mei 1918 geschreven, in het Afrikaans, door de Zuid-Afrikaanse dichter C.J. Langenhoven. De muziek is in 1921 gecomponeerd door ds. M.L. de Villiers. Het werd voor het eerst gezongen op 31 mei 1928 in Kaapstad bij het hijsen van de nationale vlag, maar het werd pas ingesteld als officieel volkslied van Zuid-Afrika in 1957. De Engelse vertaling dateert van 1952. Sinds 1997 zijn de eerste vier regels van het eerste couplet en vier bewerkte Engelstalige regels, samen met twee coupletten van Nkosi sikelel' iAfrika, het officiële volkslied van Zuid-Afrika.

Tekst[bewerken]

Eerste vers

Uit die blou van onse hemel, uit die diepte van ons see,
Oor ons ewige gebergtes waar die kranse antwoord gee.
Deur ons ver-verlate vlaktes met die kreun van ossewa
Ruis die stem van ons geliefde, van ons land Suid-Afrika.

Ons sal antwoord op jou roepstem, ons sal offer wat jy vra:
Ons sal lewe, ons sal sterwe - ons vir jou, Suid-Afrika.

Tweede vers

In die murg van ons gebeente, in ons hart en siel en gees,
In ons roem op ons verlede, in ons hoop of wat sal wees,
In ons wil en werk en wandel, van ons wieg tot aan ons graf —
Deel geen ander land ons liefde, trek geen ander trou ons af.

Vaderland! ons sal die adel van jou naam met ere dra:
Waar en trou as Afrikaners - kinders van Suid-Afrika.

Derde vers

In die songloed van ons somer, in ons winternag se kou,
In die lente van ons liefde, in die lanfer van ons rou,
By die klink van huweliksklokkies, by die kluitklap op die kis —
Streel jou stem ons nooit verniet nie, weet jy waar jou kinders is.

Op jou roep sê ons nooit nee nie, sê ons altyd, altyd ja:
Om te lewe, om te sterwe - ja, ons kom Suid-Afrika.

Vierde vers

Op U Almag vas vertrouend het ons vadere gebou:
Skenk ook ons die krag, o Here! om te handhaaf en te hou —
Dat die erwe van ons vad're vir ons kinders erwe bly:
Knegte van die Allerhoogste, teen die hele wêreld vry.

Soos ons vadere vertrou het, leer ook ons vertrou, o Heer —
Met ons land en met ons nasie sal dit wel wees, God regeer.

Nederlandse vertaling[bewerken]

Uit het blauw van onze hemel, uit de diepte van onze zee,
Over onze eeuwige gebergtes waar de rotsen antwoord geven.
Door onze woeste vlaktes met het gekreun van ossewagens -
Ruist de stem van ons geliefde, van ons land Zuid-Afrika.
Wij beantwoorden uw roepstem, wij zullen opbrengen wat u vraagt:
We zullen leven, we zullen sterven - wij voor u, Zuid-Afrika.
In het merg van onze beenderen, in ons hart en ziel en geest,
In onze roem op ons verleden, in onze hoop op wat zal komen,
In onze wil en werk en wandel, van onze wieg tot aan ons graf -
Deelt geen ander land onze liefde, zal niets onze trouw verbreken.
Vaderland! we zullen de adel van uw naam met ere dragen:
Waar en trouw als Afrikaners - kinderen van Zuid-Afrika.
In de zonnegloed van onze zomer, in de kou van onze winternacht,
In de lente van onze liefde, in de droefenis van onze rouw,
Bij het luiden van de huwelijksklokken, bij de kluitklap op de kist -
Streelt uw stem ons nooit voor niets, weet u waar uw kinderen zijn.
Op uw roep zeggen we nooit nee, zeggen wij altijd, altijd ja:
Om te leven, om te sterven - ja, we komen Zuid-Afrika.
Op U almacht vast vertrouwend hebben onze vaderen gebouwd:
Verleen ons de kracht, o Heer! te onderhouden en te houden -
Dat de erfenis van onze vaderen voor onze kinderen een erfenis blijft:
Dienaren van de Allerhoogste, in de hele wereld vrij.
Zoals onze vaderen vertrouwd hebben, leer ook ons vertrouwen, o Heer -
Met ons land en met onze natie zal het goed gaan, God regeert.
Wikisource Bronnen die bij dit onderwerp horen, zijn te vinden op de pagina Die Stem van Suid-Afrika op Wikisource