Dierentuin van Peking

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Reuzenpanda

De dierentuin van Peking is in 1906 opgericht tijdens het 32ste regeringsjaar van keizer Guangxu van de Qing-dynastie. Het terrein beslaat 86 ha, en is onderverdeeld in drie zones, de westelijke, de oostelijke en de noordelijke zone. Iedere zone heeft een aparte entree met parkeerplaats. Men kan betalen per zone of een algemeen ticket kopen.

De oostelijke zone heeft de verblijven van onder andere de reuzenpanda, de beren, leeuwen, tapirs en tijgers, inclusief een albino-tijger. Ook zijn hier de watervogels en fazanten.
De westelijke zone heeft onder andere apen, herten, pinguïns en flamingo's. De entree van deze zone is ook per boot bereikbaar.
De noordelijke zone toont de nijlpaarden, neushoorns en het aquarium.

Panda's[bewerken]

Twee jaren na de dierentuin van Chengdu begon de dierentuin van Peking zich in 1955 toe te leggen op het fokken van panda's. Tot nu toe zijn wereldwijd in 53 dierentuinen en natuurparken pogingen tot bevruchting gedaan. In 2005 zijn in China 38 panda's kunstmatig bevrucht, er zijn 25 welpen geboren waarvan 21 overleefden. In 2004 vonden 30 inseminatis plaats en werden 12 welpen geboren, waarvan er 9 overleefden.

In de gehele wereld leven in 2009 519 panda's in dierentuinen. Hiervan leefden 235 reeds ergens in gevangenschap, de anderen zijn door reddingsacties in bezit gekomen. Panda's worden nooit aan buitenlandse dierentuinen verkocht, wel uitgeleend.

In 1988 logeerden twee panda's (Qunqun en Xixi) een jaar lang in de dierentuin van Calgary ter ere van de Olympische Spelen. Ruim 1.350.000 mensen bezochten de dierentuin in die periode. Dit verblijf heeft bijgedragen aan de bekendheid van panda's.

Zie ook[bewerken]