Diftar
Diftar staat voor gedifferentieerde tarieven waarbij per huishouden geregistreerd wordt hoeveel afval aangeboden wordt en hoe meer afval een burger aanbiedt hoe hoger de afvalstoffenheffing zal zijn. Omgekeerd levert betere afvalscheiding en het aanbieden van minder afval een lagere afvalstoffenheffing op.
Inhoud |
[bewerken] Afvalstoffenheffing
De kosten voor de afvalinzameling en afvalverwerking worden gedekt uit de afvalstoffenheffing. Bij toepassing van het solidariteitsprincipe, zoals tot voor een aantal jaar in het merendeel van de Nederlandse gemeenten toegepast, wordt het totaal van de inzamel- en verwerkingskosten gedeeld door het aantal huishoudens in een gemeente en betaalt elk huishouden hetzelfde bedrag.
Sinds de jaren ’90 worden steeds vaker vraagtekens gezet bij de rechtvaardiging en het effect van het solidariteitsprincipe.[bron?] Immers, waarom betaalt een huishouden dat zes maanden per jaar in het buitenland verblijft evenveel als andere huishoudens? En waarom papier naar de papier- en kartonafvalverwerking brengen als het voor hetzelfde bedrag aan huis wordt opgehaald in de restafval minicontainer? Diftar is voortgekomen uit deze vraagtekens en vervangt het solidariteitsbeginsel door het principe 'de vervuiler betaalt'. Eigenlijk wordt bij diftar, net als bijvoorbeeld bij elektriciteit en drinkwater, afgerekend op basis van het werkelijke gebruik van een huishouden. Dit geldt niet voor industriële toepassingen en grootverbruikers, daar gelden andere tariefstructuren en kortingen.
[bewerken] Burgers en het principe achter diftar
Wanneer burgers wordt gevraagd wat zij vinden van het principe 'de vervuiler betaalt' is de meerderheid, circa 75 procent, het hier steevast mee eens. Deze uitkomst wordt nauwelijks beïnvloed door het feit of de vraag in een diftar of niet-diftargemeente wordt gesteld. Wanneer hieropvolgend wordt gevraagd of men voorstander is van invoering van diftar, ligt het percentage dat het hiermee eens is meestal onder de 50 procent.
Op de vraag waarom men tegen de invoering van diftar is vooral antwoorden gegeven worden in de trant van: "Ik heb kinderen in de luiers en het wordt voor mij dus duurder", "Wij hebben een heel grote tuin en dus veel gft-afval". De burger begrijpt blijkbaar heel goed dat er een directe relatie bestaat tussen afval, afvalgedrag en hoogte van de afvalstoffenheffing. Men vindt 'de vervuiler betaalt' wel een eerlijk principe, maar in de praktijk geldt blijkbaar Not In My Back Yard (NIMBY) en is het minder aantrekkelijk. Gemiddeld 65 procent van de inwoners na invoering van diftar tevreden te zijn.
[bewerken] Diftar en afvalscheiding en preventie
In het in 2002 opgestelde landelijk afvalbeheerplan (LAP), is opgenomen dat 55 procent van het afval dat wordt aangeboden in een gemeente, gescheiden moet worden aangeboden. Van de diftargemeenten haalt 66 procent deze doelstelling, terwijl van de niet-diftargemeenten slechts 21 procent deze doelstelling haalt. Ervaringscijfers en inventarisaties van SenterNovem en onder auspiciën van het Ministerie van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer (VROM) uitgevoerde landelijke evaluaties laten bovendien steeds weer zien dat diftar, naast betere scheidingsresultaten, een reductie van het aanbod gft- en restafval tot gevolg heeft.
[bewerken] Stand van zaken
De discussie over het solidariteitsbeginsel en het te verwachten afvalgedrag van burgers onder invloed van diftar, zijn nog steeds actueel. De ervaring met diftar neemt echter gestaag toe; in 2006 woont 17,4 procent van de Nederlanders in een diftargemeente. In 2000 was dat nog 9,7 procent. Uit ervaring blijkt dat burgers hun afval beter gescheiden aanbieden en het lagere aanbod van restafval maakt het mogelijk de kosten die voor invoering van diftar gemaakt moeten worden, terug te verdienen.
[bewerken] Conclusie
Samenvattend kan gesteld worden dat diftar een instrument is om aan de in het LAP geformuleerde scheidingsdoelstelling te voldoen. De invoering van diftar is een instrument, naast het intensiveren van de communicatie en het op peil brengen (houden) van de haal- en brengvoorzieningen, om de scheidingsresultaten te verbeteren en het afvalaanbod te verlagen. In tegenstelling tot niet-diftargemeenten, is met de invoering van diftar niet alleen de scheidingsdoelstelling haalbaar, maar ook preventie van afval.[1]
Saillant is dat ondanks de goede bedoelingen diftar tot een aantal problemen leidt, waaronder een grote toename van het illegaal dumpen van afval en allerlei 'creatieve' manieren om van het afval af te komen zonder er voor te hoeven betalen. Dit leidt "via de achterdeur" dan weer tot hogere kosten.[bron?]