Django Reinhardt

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Django Reinhardt, 1946

Jean Baptiste (Django) Reinhardt (Liberchies, 23 januari 1910Samois-sur-Seine (Fontainebleau), 16 mei 1953) was een Belgische manouche ofwel Sinti-gitarist. Zijn voorliefde ging uit naar jazz. Hij ontwikkelde een heel eigen stijl, die bekendstaat als jazz manouche of gipsy jazz en wordt nu beschouwd als een van de grootste artiesten uit de Belgische jazzgeschiedenis.

Biografie[bewerken]

Herinnering aan Django Reinhardt

Reinhardt werd geboren in Liberchies, een dorp in de Belgische gemeente Pont-à-Celles (Henegouwen), en werd daar op 28 januari gedoopt. Het dorp lag destijds op de grens van drie gemeenten (Liberchies, Luttre en Buzet) en zou door de Sinti zijn gekozen, omdat ze hun woonwagens dan gemakkelijk naar een andere gemeente konden verplaatsen als ze dreigden te worden uitgewezen. De familie trok door Frankrijk, Corsica en Noord-Afrika en Reinhardt groeide ten slotte op in een woonwagenkamp bij Parijs. Samen met zijn jongere broer leerde hij gitaar, banjo en viool spelen, zonder muzieklessen te volgen. Django leerde pas in de jaren '30 lezen en schrijven van Stéphane Grappelli.

Als tieners traden de twee broers op in Parijs en namen deel aan de Bals musettes. In 1928 ontmoette hij bassist Louis Vola, die enkele jaren later lid zou worden van zijn kwintet. In datzelfde jaar nam hij ook zijn eerste plaat op. In de winter van 1928 raakte Reinhardt (18 jaar) bij een brand in zijn woonwagen zwaar gewond. De linkerzijde van zijn lichaam was ernstig verbrand en zijn linkerbeen moest geamputeerd worden. De bijgelovige Django weigerde dit pertinent. Door zijn verminkte linkerhand - waarbij de pink en ringvinger verlamd en misvormd waren - leek gitaarspelen niet meer mogelijk. Zijn broer bracht toch een gitaar naar zijn ziekenkamer en met volharding - hij verbleef bijna twee jaar in het ziekenhuis - leerde hij zichzelf opnieuw spelen, in zijn ondertussen typische eigen stijl: de jazz manouche was geboren.

In 1931 liet de schilder Emile Savitry hem jazzmuziek horen, via opnames van Louis Armstrong en Duke Ellington en vanaf toen zocht Reinhardt aansluiting bij de Franse jazzmuzikanten.

In 1934 ontmoette hij de violist Stéphane Grappelli in een nachtclub in Montparnasse. Het tweetal richtte samen met Reinhardts broer Joseph (slaggitaar), Roger Chaput (slaggitaar) en Louis Vola (contrabas) het Quintette du Hot Club de France op, een combinatie bestaande uit alleen snaarinstrumenten: viool, sologitaar, slaggitaar en contrabas. Hun eerste optreden had zoveel succes dat de platenfirma (Ultraphone) hen een contract aanbood. In 1937 traden Reinhardt en Grapelli met de Amerikaanse jazzviolist Eddie South op. Het kwintet bleef optreden tot vlak voor het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog in 1939. Stéphane Grappelli bleef in Londen en Reinhardt reisde terug naar Parijs.

Door de Amerikaanse troepen raakte hij intussen in de Verenigde Staten bekend. Hoewel de nazi's tijdens de Tweede Wereldoorlog de zigeuners vervolgden, lieten zij de populaire Reinhardt ongemoeid. De Luftwaffeofficier Dietrich Schulz-Kôhn, later gekend als Doktor Jazz, was dol op zijn muziek en hield hem de hand boven het hoofd. Reinhardt speelde onder andere het liedje "Bei mir bist du schön" – een Jiddisch lied van de hand van Sholom Secunda uit 1932, dat in Duitsland bijzonder populair was - en werd de beroemdste zigeunermuzikant van Europa. Hij werd zelfs gevraagd in Berlijn te komen spelen voor het Duitse opperbevel. In plaats op het aanbod in te gaan probeerde hij te vluchten. Bij de grens tussen Frankrijk en Zwitserland werd hij opgepakt, maar vervolgens op voorspraak van Dietrich Schulz-Kôhn weer vrijgelaten. In 1943 trad hij ook weer in zijn geboortedorp op.

In 1946 speelde Reinhardt in Amerika, op uitnodiging bij het orkest van Duke Ellington. De leden van dit fameuze orkest en de orkestleider waren verwonderd toen Reinhardt na de opmerking "Speel maar, ik volg wel" de mooiste improvisaties uit de mouw schudde. De Amerikaanse tournee werd echter geen succes: Django kon niet aarden in de States en hield zich, zoals gebruikelijk, niet aan de afspraken, wat in de Verenigde Staten gevoeliger lag dan in Parijs. Django kwam er in contact met Les Paul.

In 1948 begeleidde Reinhardt de eerste producties van Bobbejaan Schoepen, de eerste Belgische zanger die internationaal doorbrak. In 1947 en 1949 maakte Reinhardt weer opnamen met Stéphane Grappelli. Daarna ging hij steeds meer interesse tonen voor het nieuwe en muzikale grenzen verleggende genre be-bop en begon ook vaker elektronisch te spelen. Naar het einde van zijn leven legde hij zich steeds meer toe op schilderen en vissen in het schilderachtige Samois-sur-Seine.

Django Reinhardt overleed in 1953 op 43-jarige leeftijd te Samois-sur-Seine (Fontainebleau) aan een hersenbloeding.

Stijl[bewerken]

Kopie van een Selmer Maccaferri gitaar

Reinhardt bespeelde vaak grote akoestische gitaren, ontworpen door Mario Maccaferri en gebouwd door Henri Selmer. Zijn spel was virtuoos, emotioneel rijk en vooral voor destijds inventief. Het kon snel en ontspannen tegelijk zijn.

Zoals nog steeds velen in zijn stijl, kon Reinhardt geen muziekschrift lezen. Anderen moesten voor hem de muziek noteren. Het verhaal gaat dat de klassiek gitarist Andrés Segovia nadat Reinhardt voor hem geïmproviseerd had, vroeg waar hij partituren kon kopen - tot dan toe blijkbaar niet beseffend dat deze muziek voor ieder moment uniek is.

Reinhardt componeerde dus waarschijnlijk op oor en geheugen honderden stukken, waarvan er enkele uitgroeiden tot 'standards' in de jazzmuziek, zoals Minor Swing (1937), Nuages[1] (1940), Swing 42 (1941) en Djangology [2](1945).

Opmerkelijk is dat de 'Hot Club de France'-stijl door zijn zigeuneroorsprong een typisch Europese bijdrage aan de geschiedenis van de jazz heeft geleverd.

Festivals[bewerken]

Elk jaar vinden er overal ter wereld Django Reinhardt-festivals plaats. Onder meer wordt sinds 1983 in het Franse Samois-sur-Seine een festival gehouden. In 2004 werd besloten dat het festival jaarlijks rond zijn sterfdag zal plaatsvinden. Ook in Liberchies, de geboorteplaats van Django wordt sinds 2002 een swingfestival gehouden. Er staat een gedenksteen bij het weiland waar Reinhardt is geboren. Daarop staat overigens zijn naam zoals ingeschreven in het geboorteregister - Reinhart in plaats van het veel bekendere Reinhardt. Djangofolllies, een Belgisch jazzfestival, herdenkt jaarlijks in januari Django Reinhardts verjaardag in Vlaanderen, Brussel en Wallonië. Verder is er in Tilburg het jaarlijks terugkerende Django Reinhardt Fest.

Invloeden[bewerken]

Wereldwijd zijn er veel groepen en duizenden gitaristen die deze jazz à la Manouche spelen. Sacha Distel werd als jonge man gegrepen door Django's gitaarspel. Voor veel Sintimuzikanten in Frankrijk, België, Duitsland en Nederland is de muziek van Django Reinhardt deel van hun leven. In België is Jokke Schreurs een adept. Koen De Cauter en zijn Waso Quartet, Hans Mortelmans en de solist Fapy Lafertin werkten jarenlang aan de verspreiding van deze muziek in België en Nederland. Ook De Piotto's houden de traditie in leven, aangevuld met authentieke zigeunermuziek. Nederland kent onder meer het Rosenberg Trio, Sonnekai, Hot Club de Frank, Pigalle 44 en violist Tim Kliphuis. Uit Italië komt The Tolga Quartet en uit Frankrijk Birelli Lagrene en Angelo Debarre.

Les Paul, bluesgitarist B.B. King en ook vele muzikanten uit het pop-spectrum stellen dat ze door Django's stijl zijn beïnvloed. Noemen wij hier slechts: van The Allman Brothers tot Jimi Hendrix, van Pink Floyd tot Dire Straits, en van Hank Marvin tot Grateful Dead.

Reinhardt in populaire cultuur[bewerken]

Reinhardt komt voor in verschillende films, zoals in de openingsscène van de animatiefilm 'Les Triplettes de Belleville' (2003). De derde en vierde vinger van de animatie-Reinhardt zijn daar aanzienlijk kleiner dan de vingers die gebruikt worden voor gitaarspel.

Reinhardts beroemdheid domineert in Woody Allens 'Sweet and Lowdown' (1999). Deze verzonnen levensbeschrijving richt zich op een fictieve Amerikaanse gitarist Emmet Ray (Sean Penn), die zichzelf de beste van de wereld vindt "met uitzondering van die zigeuner in Parijs". Voor het gefingeerde levensverhaal van deze Emmett Ray leende Woody Allen vele anekdotes uit de biografie "Django Reinhardt" van Charles Delauney, zoals het voortdurend te laat of helemaal niet komen; het rampzalige idee van de zwevende maan waarin de gitarist plaatsneemt; zijn hoogtevrees; de buitensporige gages die hij vraagt (en die hij na het concert met plezier vergokt). Gitarist Howard Alden leverde zijn bijdrage aan de soundtrack.

Reinhardt is ook geportretteerd door gitarist John Jorgenson in de film 'Head in the Clouds'. In de klassieke Italiaanse western ‘Django’, is de held waarschijnlijk genoemd naar Reinhardt. Tijdens het hoogtepunt van de film is hij gedwongen te schieten met verminkte handen. Reinhardt is ook het idool van het karakter Arvid in de film ’Swing Kids’, waarbij Arvid zijn linkerhand verminkt door toedoen van een lid van de Hitlerjugend, maar geïnspireerd door Reinhardt doorgaat.

Reinhardts muziek is gebruikt in veel films, waaronder The Matrix (1999), The Aviator (2004) en Chocolat (2001). Zijn muziek komt ook voor in de soundtrack van videogames, zoals ‘Mafia’ (2002) en ‘Bioshock’ (2007).

In de tekst van het Noorse lied ‘Tanta til Beate’ van Lillebjørn Nilsen komt de naam van Reinhardt een aantal keer voor.

Discografie[bewerken]

Albums[bewerken]

Album(s) met eventuele hitnoteringen in
de Nederlandse Album Top 100
Datum van
verschijnen
Datum van
binnenkomst
Hoogste
positie
Aantal
weken
Opmerkingen
Paris 1945 1945 - Columbia
At Club St. Germain 1951 - Honeysuckle Rose
Django Reinhardt and the Hot Club Quintet 1951 - Dial
Django Reinhardt et Ses Rythmes 1953 - Blue Star
The Great Artistry of Django Reinhardt 1954 - Clef
Django's Guitar 1955 - Angel
Django Reinhardt and His Rhythm 1959 - Felsted
Imagine 1996 - RDC
All Star Sessions 2001 - Note
Jazz in Paris: Nuages Gitanes 2003 - Productions
Jazz in Paris: Nuits de Saint-Germain des-Prés 2003 - Sunnyside
Le Genie 2004 - Vagabond

Trivia[bewerken]

  • In 2005/2006 hield Jan Akkerman een theatertour ter ere van Django Reinhardt.
  • In 2005 werd hij genomineerd tijdens de verkiezing van De Grootste Belg. Hij eindigde in de Vlaamse versie op nr. 66 en in de Waalse op 76.
  • De film "Swing" uit 2002 beschrijft het leven van de Sinti zoals Django Reinhardt leefde en is hiermee ook een 'ode' aan hem. Mandino Reinhardt, een nakomeling van Django Reinhardt, speelt erin mee.
  • Het webapplicatie-framework Django is vernoemd naar Django Reinhardt[3].

Externe links[bewerken]

Bronnen, noten en/of referenties